Archief 745
Inventaris 745-335
Pagina 248
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte memo/voorstel met handgeschreven correcties en paraaf.

21 februari 1940.

Origineel

Getypte memo/voorstel met handgeschreven correcties en paraaf. 21 februari 1940. $N^o 69/1/3$ M. 1940 $21/2$

Voorstel tot wijziging der loketten op het Hoofdkantoor.

Buiten het loket, dat speciaal bestemd is voor den kassier bevinden zich ter bedieningen [handgeschreven toevoeging] van het publiek en het in ontvangst nemen van ventgelden in de kamer, grenzende aan de wachtkamer nog twee loketten. Deze loketten worden door het publiek vanuit de wachtkamer bereikt door éen gang welke met een deur is afgesloten. De ruimte vóór de loketten is door een muur gescheiden, waardoor voor elk der loketten een afzonderlijke gang is ontstaan, die slechts voor één persoon ruimte biedt. Het publiek, dat zich in de wachtkamer bevindt is vanuit het kantoor niet te zien en moet door den ambtenaar, die het loket bedient, door luid roepen gewaarschuwd worden wanneer het loket vrij is. Een en ander komt de rust op het kantoor niet ten goede.

Slechts één der loketten heeft een "toonbank", die echter te hoog is aangebracht en den ambtenaar, zittend aan een lessenaar, geen gelegenheid biedt om te zien, wat daarop is neergelegd. Bovendien is de granieten plaat die als toonbank dient, te dik. Geld, dat van deze plaat in de hand moet worden geschoven valt van een te groote hoogte en daardoor op den grond. Door het aanbrengen van een houten betaalplankje is ~~het~~ [doorgehaald] dit [handgeschreven] bezwaar tijdelijk ondervangen. Het andere loket bestaat slechts uit een luikje, dat in een deur is aangebracht.

Mijns inziens zou ~~in~~ [doorgehaald, handgeschreven "aan" erboven] den bestaanden toestand veel verbetering ~~zu~~ [doorgehaald] kunnen worden gebracht door het wegbreken van de bestaande loketten en de tussenmuur tussen deze loketten en verder door het maken van een ruim loket voorzien van breede toonbank in de muur, die dan het kantoor van de wachtkamer scheidt. De aldus gevormde nis in het kantoor groot $\pm$ 1,75 bij 1.50 m. zou de kantoorruimte iets vergroten en waarschijnlijk gelegenheid geven om de stalen kasten gunstiger te plaatsen, zoodat de deur, die toegang geeft tot het kantoor vanuit de gang weer vrij komt. De zich in de kantoorruimte bevindende waschbak zou dan tevens kunnen worden verplaatst. Door deze verplaatsing zou dan de deur, die toegang geeft tot het kamertje van den kassier vervangen kunnen worden door een schuifdeur. Ook hierdoor zou meer nuttige kantoorruimte worden verkregen.

Daar het bankkantoor dit jaar voor de werkzaamheden verbonden aan de verlenging van de ventvergunningen, welke werkzaamheden op 1 Mei a.s. moeten aanvangen, niet meer beschikbaar is en het zich dus laat aanzien, dat van de loketten op het hoofdkantoor een grooter gebruik dan in andere jaren zal moeten worden gemaakt is een spoedige verbetering dezer loketten dringend noodzakelijk. Mijns inziens is het tevens gewenscht, dat het kantoormeubilair op de schrijfkamer met een platten lessenaar voorzien van laden wordt uitgebreid. Wegens gebrek aan schrijfruimte moet thans gebruik gemaakt worden van kleine schooltafeltjes, die naar ik meen door P.W. in bruikleen werden afgestaan.

De kosten van de wijziging der loketten en den aankoop van een lessenaar kunnen mijns inziens ten laste van het Bouwcrediet worden gebracht. Voor meubileering en stoffeering der kantoor~~e~~n [e doorgehaald] werd bij besluit van B. & W. d.d. 17 Augustus 1934 no.769 L.M. een bedrag groot $f$ 11.650,- toegestaan van welk bedrag tot heden $f$ 11.143,80 werd uitgegeven.

Amsterdam, 21 Februari 1940.
[Handgeschreven paraaf/handtekening] In dit document beklaagt een ambtenaar zich over de uiterst onpraktische inrichting van de publieksloketten op het Hoofdkantoor in Amsterdam. De belangrijkste knelpunten zijn:
1. Gebrek aan overzicht en rust: Ambtenaren moeten naar klanten schreeuwen omdat ze hen niet kunnen zien vanuit de werkruimte.
2. Slechte ergonomie: De loketten zijn te hoog, waardoor geld op de grond valt en de ambtenaar niet kan zien wat er op de toonbank ligt.
3. Ruimtegebrek: Er wordt momenteel gewerkt op kleine schooltafeltjes die geleend zijn van Publieke Werken (P.W.).

De noodzaak voor de verbouwing is urgent omdat de verlenging van de ventvergunningen (vergunningen voor straathandel) voor de deur staat (1 mei) en het reguliere bankkantoor hiervoor niet beschikbaar is. Er wordt voorgesteld om muren door te breken, een nis te creëren en schuifdeuren te plaatsen om de efficiëntie te verhogen. Het document dateert van vlak voor de Duitse inval in Nederland (mei 1940). Het geeft een interessant inkijkje in de gemeentelijke bureaucratie van Amsterdam in die tijd. "Ventgelden" waren belastingen of leges die straatverkopers (venters) moesten betalen. De verwijzing naar "P.W." duidt op de Dienst der Publieke Werken, die destijds verantwoordelijk was voor gemeentelijke gebouwen en inventaris.

De tekst illustreert de overgang van een ouderwetse loketindeling (met luikjes en dichte muren) naar een meer 'moderne' open kantoorinrichting. Opvallend is de vermelding van het budget uit 1934; men was blijkbaar zeer zuinig met het resterende krediet voor meubilering. De toon van het document is formeel-ambtelijk, kenmerkend voor de vooroorlogse periode.

Samenvatting

In dit document beklaagt een ambtenaar zich over de uiterst onpraktische inrichting van de publieksloketten op het Hoofdkantoor in Amsterdam. De belangrijkste knelpunten zijn:
1. Gebrek aan overzicht en rust: Ambtenaren moeten naar klanten schreeuwen omdat ze hen niet kunnen zien vanuit de werkruimte.
2. Slechte ergonomie: De loketten zijn te hoog, waardoor geld op de grond valt en de ambtenaar niet kan zien wat er op de toonbank ligt.
3. Ruimtegebrek: Er wordt momenteel gewerkt op kleine schooltafeltjes die geleend zijn van Publieke Werken (P.W.).

De noodzaak voor de verbouwing is urgent omdat de verlenging van de ventvergunningen (vergunningen voor straathandel) voor de deur staat (1 mei) en het reguliere bankkantoor hiervoor niet beschikbaar is. Er wordt voorgesteld om muren door te breken, een nis te creëren en schuifdeuren te plaatsen om de efficiëntie te verhogen.

Historische Context

Het document dateert van vlak voor de Duitse inval in Nederland (mei 1940). Het geeft een interessant inkijkje in de gemeentelijke bureaucratie van Amsterdam in die tijd. "Ventgelden" waren belastingen of leges die straatverkopers (venters) moesten betalen. De verwijzing naar "P.W." duidt op de Dienst der Publieke Werken, die destijds verantwoordelijk was voor gemeentelijke gebouwen en inventaris.

De tekst illustreert de overgang van een ouderwetse loketindeling (met luikjes en dichte muren) naar een meer 'moderne' open kantoorinrichting. Opvallend is de vermelding van het budget uit 1934; men was blijkbaar zeer zuinig met het resterende krediet voor meubilering. De toon van het document is formeel-ambtelijk, kenmerkend voor de vooroorlogse periode.

Locaties

Amsterdam.

Kooplieden in dit dossier 100

Fr. Kroes Waterlooplein ~~201~~ 207
K.G. Aardappelen Waterlooplein 201
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein 711
W. Fruithof Waterlooplein 739
W. Fruithof Waterlooplein 715
A.C.M. Deurloo Waterlooplein 1920
A. Elzinga Waterlooplein 1933
A. F. Schermacher Waterlooplein 1926
V. Jr Waterlooplein 1922
A. Kieboom Waterlooplein 1924
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6