Handgeschreven ambtelijk rapport of memorandum op een voorgedrukt formulier.
Origineel
Handgeschreven ambtelijk rapport of memorandum op een voorgedrukt formulier. B I J B L A D V A N :
M. No. 72 / 155 / 193 8.
DOORGEZONDEN : 7 / 10
1.) Voor zoover tot nu toe is kunnen worden nage-
gaan is met de uitgegeven duplicaat ventvergunning-
en fraude gepleegd.
Het is echter geenszins uitgesloten, dat een venter
zal trachten om naast zijn eigen ventvergunning in het
bezit te komen van een duplicaat-ventvergunning, ten -
einde een ander, b.v. een broer, in de gelegenheid te
stellen, met zijn eigen ventvergunning te gaan venten.
Geregelde controle maakt het echter moeilijk om
met een andermans ventvergunning te gaan venten.
[Ingevoegde tekst met rode pijl en 'NB':] De controleurs zijn in het bezit van een lijst waarop voorkomen de namen van de venters.
2.) Op het venten langs de huizen met garen, band, enz.
wordt geregeld gecontroleerd.
De controle op deze venters moet echter steeds door contro-
leurs in burger geschieden, daar anders het constateeren
van overtredingen vrijwel is uitgesloten.
Het constateeren van overtredingen is in de meeste ge-
vallen daarom zoo moeilijk, omdat de transacties als
regel plaats vinden in afgesloten trapportalen. Om tot
proces-verbaal te kunnen overgaan moeten de controleurs
veelal afgaan op mededeelingen van bewoners, die door
dergelijke scharrelaars en bedel-negotianten worden [...]
[Rechtsonder:] 2.0.2 Dit document betreft een rapportage over het toezicht op straatverkoop (venten) en de bijbehorende vergunningsfraude. Er worden twee hoofdpunten behandeld:
- Vergunningsfraude: Men vermoedt dat venters proberen een duplicaat-vergunning te bemachtigen om deze vervolgens uit te lenen aan familieleden (zoals broers), zodat zij illegaal kunnen venten op de naam van de vergunninghouder. De controleurs trachten dit te ondervangen door namenlijsten bij zich te dragen.
- Huis-aan-huisverkoop: Het toezicht op de verkoop van kleine fournituren ("garen, band, enz.") is lastig omdat dit vaak binnen in trapportalen gebeurt, buiten het zicht van de openbare weg. Het rapport adviseert de inzet van controleurs in burger (vrije tijd/onopvallend) en merkt op dat men vaak afhankelijk is van meldingen door buurtbewoners die zich gestoord voelen. Het document dateert uit 1938, een periode waarin de nasleep van de economische depressie zorgde voor een grote toename van informele handel en ambulante verkoop (zoals 'scharrelaars'). Gemeenten probeerden deze handel streng te reguleren via vergunningsstelsels, enerzijds voor de openbare orde en anderzijds om gevestigde winkeliers te beschermen tegen oneerlijke concurrentie.
De gebruikte termen zoals "scharrelaars" en "bedel-negotianten" (bedelende handelaren) duiden op een zekere mate van ambtelijke minachting voor deze vorm van overlevingsstrategie van de armere bevolkingsklassen. De noodzaak voor "controleurs in burger" benadrukt de professionalisering van de gemeentelijke opsporingsdiensten in de jaren dertig. M. No M. No