Briefkaart (postkaart)
Origineel
Briefkaart (postkaart) P. Vischjager, Nieuwe Prinsengracht 90, Amsterdam [Gedrukte tekst bovenkant:]
POSTZEGEL RECHTS-BOVEN
IN DEN HOEK
[Afbeelding van een brievenbus met tekst:] VLUGGER VERZENDING
[Grote paarse stempel links:]
№ 90/49/2M. 1940
[Handgeschreven toevoeging in potlood naast stempel:] 15/7
[Gedrukte tekst midden:]
BRIEFKAART
[Postzegel:]
NEDERLAND
1½ CENT
[Poststempel over zegel:] AMSTERDAM 12 VII 1940
[Handgeschreven adressering:]
AAN Den Heer
Inspecteur van het
Marktwezen
te A'dam
J. v. Galenstraat
[Gedrukte en handgeschreven afzendergegevens linksonder:]
Afzender P. Vischjager
Adres Nw. Prinsengr. 90
A'dam Deze briefkaart is een zakelijke correspondentie gericht aan de Inspecteur van het Marktwezen in Amsterdam. De kaart is verzonden op 12 juli 1940, kort na het begin van de Duitse bezetting van Nederland.
De grote paarse stempel "№ 90/49/2M. 1940" is zeer waarschijnlijk een intern archief- of dossiernummer van de gemeentelijke dienst Marktwezen. De handgeschreven potloodnotitie "15/7" geeft vermoedelijk de datum van ontvangst of afhandeling aan (15 juli).
De afzender, P. Vischjager, woonde aan de Nieuwe Prinsengracht 90. Dit was een pand in de Amsterdamse Jodenbuurt. Gezien de naam Vischjager en de adressering aan het Marktwezen, is het aannemelijk dat de afzender een marktkoopman was die een administratieve kwestie, vergunning of klacht wilde voorleggen aan de inspectie. De Jan van Galenstraat, waar het Marktwezen gevestigd was, is de locatie van de Centrale Markthallen. In juli 1940 bevond Nederland zich in de eerste maanden van de bezetting. Voor de Amsterdamse markthandel was dit een onzekere tijd. Het Marktwezen speelde een cruciale rol in de regulering van de voedselvoorziening en de toewijzing van marktplaatsen.
De Joodse bevolking van Amsterdam, waartoe de familie Vischjager behoorde, was sterk vertegenwoordigd in de markthandel. In deze periode waren de eerste anti-Joodse maatregelen van de bezetter al merkbaar, hoewel de specifieke uitsluiting van Joden van markten pas later in de oorlog (vanaf 1941) stelselmatig en rigoureus werd doorgevoerd. Documenten als deze vormen een tastbaar bewijs van de dagelijkse interactie tussen burgers en de gemeentelijke bureaucreatie in een overgangstijd naar een repressief regime. P. Vischjager Marktwezen
Samenvatting
Deze briefkaart is een zakelijke correspondentie gericht aan de Inspecteur van het Marktwezen in Amsterdam. De kaart is verzonden op 12 juli 1940, kort na het begin van de Duitse bezetting van Nederland.
De grote paarse stempel "№ 90/49/2M. 1940" is zeer waarschijnlijk een intern archief- of dossiernummer van de gemeentelijke dienst Marktwezen. De handgeschreven potloodnotitie "15/7" geeft vermoedelijk de datum van ontvangst of afhandeling aan (15 juli).
De afzender, P. Vischjager, woonde aan de Nieuwe Prinsengracht 90. Dit was een pand in de Amsterdamse Jodenbuurt. Gezien de naam Vischjager en de adressering aan het Marktwezen, is het aannemelijk dat de afzender een marktkoopman was die een administratieve kwestie, vergunning of klacht wilde voorleggen aan de inspectie. De Jan van Galenstraat, waar het Marktwezen gevestigd was, is de locatie van de Centrale Markthallen.
Historische Context
In juli 1940 bevond Nederland zich in de eerste maanden van de bezetting. Voor de Amsterdamse markthandel was dit een onzekere tijd. Het Marktwezen speelde een cruciale rol in de regulering van de voedselvoorziening en de toewijzing van marktplaatsen.
De Joodse bevolking van Amsterdam, waartoe de familie Vischjager behoorde, was sterk vertegenwoordigd in de markthandel. In deze periode waren de eerste anti-Joodse maatregelen van de bezetter al merkbaar, hoewel de specifieke uitsluiting van Joden van markten pas later in de oorlog (vanaf 1941) stelselmatig en rigoureus werd doorgevoerd. Documenten als deze vormen een tastbaar bewijs van de dagelijkse interactie tussen burgers en de gemeentelijke bureaucreatie in een overgangstijd naar een repressief regime.