Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). 13 november 1940. G. Montezinos, wonende aan de Geldersche kade 73 I, Amsterdam. [Linksboven, diagonaal:]
Inschrijven
[Rechtsboven:]
976
Amsterdam 13 Nov: 40
[Midden:]
Aan Inspecteur van Markt-
wezen te Amsterdam.
[Stempel:]
Nº 90/05/4 M. 1940 13/11
Mijnheer.
Naar aanleiding van het rantsoeneren
van het gebak en andere artikelen
zoo verzocht ik uw mij voor het
winter seizoen te ontslaan van het
bezetten van mijn plaatsen op de
Markten Dapperstraat en Mosplein
wel te verstaan uitstel voor uit-
pachting Daar ik pacht per week-
lijks te betalen is het mij niet
te doen om vrijstelling. Hopende
dat Uw mij dezer gunst zal
toestaan zoo blijf ik
Hoogachtend
G Montezinos
Geldersche kade 73 I
A' Dam. In deze brief verzoekt G. Montezinos de Inspecteur van het Marktwezen om tijdelijk ontheven te worden van de plicht om zijn staanplaatsen op de markten in de Dapperstraat en op het Mosplein te bezetten tijdens het winterseizoen van 1940-1941.
De aanleiding voor dit verzoek is de invoering van rantsoenering op gebak en andere artikelen, waardoor de handel blijkbaar niet langer rendabel of uitvoerbaar is. De schrijver is specifiek in zijn verzoek: hij vraagt niet om een volledige vrijstelling van de pachtsom, maar om uitstel van betaling ("uitstel voor uitpachting"). Hij benadrukt dat hij de pacht normaal gesproken per week betaalt. Dit document biedt een inkijkje in de economische gevolgen van de Duitse bezetting van Nederland, slechts een half jaar na de capitulatie. De schaarste nam toe, wat leidde tot de rantsoenering van luxeartikelen zoals gebak.
Genealogische en historische context:
De naam Montezinos is een bekende Sefardisch-Joodse naam in Amsterdam. Gezien de datum (november 1940) bevindt de schrijver zich aan de vooravond van de verscherpte anti-Joodse maatregelen. In oktober 1940 was reeds de aanmeldingsplicht voor Joodse bedrijven (Verordening 189/40) van kracht geworden.
De locaties die genoemd worden, de Dapperstraat (Amsterdam-Oost) en het Mosplein (Amsterdam-Noord), waren en zijn belangrijke marktlocaties. Het adres Geldersekade 73 ligt in de oude Joodse buurt van Amsterdam. Uit historisch onderzoek (o.a. Joods Monument) blijkt dat diverse leden van de familie Montezinos de oorlog niet hebben overleefd; dit soort administratieve documenten zijn vaak de laatste sporen van hun actieve economische leven in de stad. G. Montezinos Marktwezen
Samenvatting
In deze brief verzoekt G. Montezinos de Inspecteur van het Marktwezen om tijdelijk ontheven te worden van de plicht om zijn staanplaatsen op de markten in de Dapperstraat en op het Mosplein te bezetten tijdens het winterseizoen van 1940-1941.
De aanleiding voor dit verzoek is de invoering van rantsoenering op gebak en andere artikelen, waardoor de handel blijkbaar niet langer rendabel of uitvoerbaar is. De schrijver is specifiek in zijn verzoek: hij vraagt niet om een volledige vrijstelling van de pachtsom, maar om uitstel van betaling ("uitstel voor uitpachting"). Hij benadrukt dat hij de pacht normaal gesproken per week betaalt.
Historische Context
Dit document biedt een inkijkje in de economische gevolgen van de Duitse bezetting van Nederland, slechts een half jaar na de capitulatie. De schaarste nam toe, wat leidde tot de rantsoenering van luxeartikelen zoals gebak.
Genealogische en historische context:
De naam Montezinos is een bekende Sefardisch-Joodse naam in Amsterdam. Gezien de datum (november 1940) bevindt de schrijver zich aan de vooravond van de verscherpte anti-Joodse maatregelen. In oktober 1940 was reeds de aanmeldingsplicht voor Joodse bedrijven (Verordening 189/40) van kracht geworden.
De locaties die genoemd worden, de Dapperstraat (Amsterdam-Oost) en het Mosplein (Amsterdam-Noord), waren en zijn belangrijke marktlocaties. Het adres Geldersekade 73 ligt in de oude Joodse buurt van Amsterdam. Uit historisch onderzoek (o.a. Joods Monument) blijkt dat diverse leden van de familie Montezinos de oorlog niet hebben overleefd; dit soort administratieve documenten zijn vaak de laatste sporen van hun actieve economische leven in de stad.