Archief 745
Inventaris 745-345
Pagina 417
Dossier 6
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte brief (Pagina 5 van een meerbladig document).

12 december 1941. Van: De Directeur van het Marktwezen (vermoedelijk Gemeente Amsterdam, gezien de verwijzing naar de Februaristaking). Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen.

Origineel

Getypte brief (Pagina 5 van een meerbladig document). 12 december 1941. De Directeur van het Marktwezen (vermoedelijk Gemeente Amsterdam, gezien de verwijzing naar de Februaristaking). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen. Bladzijde 5 van brief No.8A/131/1 M. d.d. 12 December 1941 aan den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen van den Directeur van het Marktwezen.


king zal komen voor een volgende periodieke salarisverhooging.
VIII de machinist J.van Lunteren (no.141) wordt
bevorderd tot technisch opzichter (salarisgroep V) op een jaar-
wedde van ƒ 2200,- met een toelage van ƒ 110,- per jaar wegens
het volgens rooster regelmatig afwisselend verrichten van dag-,
nacht- en Zondagsdienst en met een pensioensgrondslag van
ƒ 2310,-, onder bepaling, dat hij op 1 Januari 1944 in aanmer-
king zal komen voor een volgende periodieke salarisverhooging.
IX de marktopzichter P.W.Stroër (no.21) wordt be-
vorderd tot chef-marktopzichter (salarisgroep IV) op een jaar-
wedde van ƒ 2275,- met een toelage voor uniformkleeding van
ƒ 75,- per jaar en met een pensioensgrondslag van ƒ 2610,-
(bevestigde grondslag; heeft reeds eerder gebruik gemaakt van
artikel 150 lid 1 der Pensioenwet 1922).
In verband met de bijzondere omstandigheden en den
hoogen leeftijd van dezen ambtenaar komt het mij gewenscht voor
hem terstond het maximum-salaris van zijn nieuwen rang te ver-
leenen.
X de schrijver I.F.Fleurbaay (no.132) wordt be-
vorderd tot klerk-kassier (salarisgroep IV) op een jaarwedde en
met een pensioensgrondslag van ƒ 2000,-, onder bepaling, dat hij
op 1 Januari 1944 in aanmerking zal komen voor een volgende
periodieke salarisverhooging.
In verband met zijn bijzondere omstandigheden (vide
bovenvermelde correspondentie) komt het mij gewenscht voor zijn
salaris vrij dicht bij de maximum aan zijn rang verbonden be-
zoldiging te plaatsen. (Financieel heeft dit voor de Gemeente
geen gevolgen, daar hem thans aanvullend wachtgeld tot ƒ 2140,-
wordt uitgekeerd).

Voor de goede orde deel ik U ten slotte nog mede,

dat alle bovengenoemde ambtenaren de verklaring hebben getee-
kend, bedoeld in de circulaire van Uw Ambtgenoot voor de Ar-
beidszaken d.d. 10 October 1940 no.1497 g Arb.1940, terwijl
geen der genoemde ambtenaren heeft deelgenomen aan de staking
van Februari 1941.

                De Directeur, Dit document betreft de administratieve afhandeling van promoties binnen de dienst "Marktwezen". Het behandelt drie specifieke gevallen:
  1. J. van Lunteren: Bevordering tot technisch opzichter met specifieke toelagen voor onregelmatige diensten.
  2. P.W. Stroër: Bevordering tot chef-marktopzichter, waarbij vanwege zijn leeftijd direct het maximumsalaris in de schaal wordt geadviseerd.
  3. I.F. Fleurbaay: Bevordering tot klerk-kassier, waarbij de salarisaanpassing budgettair neutraal is voor de gemeente omdat hij al een hoog wachtgeld ontving.

Het meest opvallende deel is de slotparagraaf. Hierin bevestigt de Directeur dat de genoemde ambtenaren voldoen aan de politieke eisen van de bezetter: zij hebben de loyaliteitsverklaring getekend en hebben niet deelgenomen aan de Februaristaking van 1941. De promoties worden hiermee expliciet gekoppeld aan politieke volgzaamheid. Ten tijde van dit schrijven (december 1941) was Nederland ruim anderhalf jaar bezet door nazi-Duitsland. De bezetter stelde strenge eisen aan het overheidspersoneel. De in de tekst genoemde "verklaring" van oktober 1940 verwijst naar de zogenaamde ariërverklaring of loyaliteitsverklaring, bedoeld om joden en politieke tegenstanders uit de ambtenarij te weren.

De verwijzing naar de "staking van Februari 1941" is historisch zeer relevant. Dit was de grootschalige staking in Amsterdam en omstreken tegen de jodenvervolging. Ambtenaren die hieraan hadden deelgenomen, werden door de bezetter en collaborerende instanties als onbetrouwbaar beschouwd en vaak ontslagen of gepasseerd voor promoties. Dit document dient als bewijs dat deze drie ambtenaren "schoon" waren in de ogen van het toenmalige regime.

Samenvatting

Dit document betreft de administratieve afhandeling van promoties binnen de dienst "Marktwezen". Het behandelt drie specifieke gevallen:
1. J. van Lunteren: Bevordering tot technisch opzichter met specifieke toelagen voor onregelmatige diensten.
2. P.W. Stroër: Bevordering tot chef-marktopzichter, waarbij vanwege zijn leeftijd direct het maximumsalaris in de schaal wordt geadviseerd.
3. I.F. Fleurbaay: Bevordering tot klerk-kassier, waarbij de salarisaanpassing budgettair neutraal is voor de gemeente omdat hij al een hoog wachtgeld ontving.

Het meest opvallende deel is de slotparagraaf. Hierin bevestigt de Directeur dat de genoemde ambtenaren voldoen aan de politieke eisen van de bezetter: zij hebben de loyaliteitsverklaring getekend en hebben niet deelgenomen aan de Februaristaking van 1941. De promoties worden hiermee expliciet gekoppeld aan politieke volgzaamheid.

Historische Context

Ten tijde van dit schrijven (december 1941) was Nederland ruim anderhalf jaar bezet door nazi-Duitsland. De bezetter stelde strenge eisen aan het overheidspersoneel. De in de tekst genoemde "verklaring" van oktober 1940 verwijst naar de zogenaamde ariërverklaring of loyaliteitsverklaring, bedoeld om joden en politieke tegenstanders uit de ambtenarij te weren.

De verwijzing naar de "staking van Februari 1941" is historisch zeer relevant. Dit was de grootschalige staking in Amsterdam en omstreken tegen de jodenvervolging. Ambtenaren die hieraan hadden deelgenomen, werden door de bezetter en collaborerende instanties als onbetrouwbaar beschouwd en vaak ontslagen of gepasseerd voor promoties. Dit document dient als bewijs dat deze drie ambtenaren "schoon" waren in de ogen van het toenmalige regime.

Kooplieden in dit dossier 100

A. Donkers Uilenburg V
A. Kaas Uilenburg V
A. Kerkhoff Uilenburg V
A. Klaassen Uilenburg
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
B. Velthuis Uilenburg
C. Blom Uilenburg
C.W. Egberts Uilenburg Augustus 1941
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6