Getypte brief (doorslag op dun papier).
Origineel
Getypte brief (doorslag op dun papier). 16 juni 1941. De Directeur (vermoedelijk van de dienst Marktwezen). Den Heer Directeur der Publieke Werken, Raadhuis, Amsterdam ("Alhier"). Handgeschreven aantekening (bovenaan):
extra
Rechtsboven:
VB/HG.
Adressering:
den Heer Directeur
der Publieke Werken,
Raadhuis,
A l h i e r .
Datum- en kenmerkregel:
10/16/1 M. 1 16 Juni 1941.
Inhoud:
In bijlage dezes zend ik Uw rekening no.77 retour, onder
mededeeling, dat de daarin vermelde herstelwerkzaamheden in het
marktkantoor Albert Cuypstraat 88 I, niet voor rekening van het
Marktwezen doch voor rekening van de afdeeling Grondbedrijf van Uw
dienst komen, aangezien het hier een perceel betreft, dat mijn
dienst van bovengenoemde afdeeling in huur heeft. Destijds is U
telefonisch medegedeeld, dat mijn opdracht d.d. 22 Januari jl. (bon
no.1474) moest vervallen.
Ondertekening:
De Directeur, In deze brief protesteert de directeur van (zeer waarschijnlijk) de dienst Marktwezen tegen een factuur voor herstelwerkzaamheden aan een marktkantoor aan de Albert Cuypstraat. De kern van de zaak is een budgettaire kwestie tussen twee gemeentelijke diensten.
De afzender stelt dat zijn dienst niet verantwoordelijk is voor de kosten, omdat zij het betreffende pand slechts huren van de afdeling Grondbedrijf, die onder de Dienst der Publieke Werken valt. Volgens de afzender moeten de kosten daarom intern door de afdeling Grondbedrijf gedragen worden. Verder wordt er gerefereerd aan een eerdere annulering van de opdracht op 22 januari van dat jaar, wat suggereert dat er al eerder verwarring was over de opdrachtverstrekking en de bijbehorende kosten. De brief dateert uit juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Ondanks de oorlogssituatie blijkt uit dit document dat de gemeentelijke bureaucratie in Amsterdam op een zeer formele en gedetailleerde wijze bleef functioneren.
De Albert Cuypstraat is de locatie van de beroemde Albert Cuypmarkt. Dat er een specifiek "marktkantoor" was op nummer 88 I (eerste verdieping), onderstreept het belang van de markt en het toezicht daarop voor de stad. De brief illustreert hoe de stad Amsterdam destijds intern was georganiseerd, met strikte scheidingen tussen diensten als Publieke Werken, Grondbedrijf en Marktwezen wat betreft vastgoedbeheer en onderhoudskosten. De aanduiding "Raadhuis, Alhier" bevestigt dat het om Amsterdamse gemeentelijke correspondentie gaat. Marktwezen Publieke Werken
Samenvatting
In deze brief protesteert de directeur van (zeer waarschijnlijk) de dienst Marktwezen tegen een factuur voor herstelwerkzaamheden aan een marktkantoor aan de Albert Cuypstraat. De kern van de zaak is een budgettaire kwestie tussen twee gemeentelijke diensten.
De afzender stelt dat zijn dienst niet verantwoordelijk is voor de kosten, omdat zij het betreffende pand slechts huren van de afdeling Grondbedrijf, die onder de Dienst der Publieke Werken valt. Volgens de afzender moeten de kosten daarom intern door de afdeling Grondbedrijf gedragen worden. Verder wordt er gerefereerd aan een eerdere annulering van de opdracht op 22 januari van dat jaar, wat suggereert dat er al eerder verwarring was over de opdrachtverstrekking en de bijbehorende kosten.
Historische Context
De brief dateert uit juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Ondanks de oorlogssituatie blijkt uit dit document dat de gemeentelijke bureaucratie in Amsterdam op een zeer formele en gedetailleerde wijze bleef functioneren.
De Albert Cuypstraat is de locatie van de beroemde Albert Cuypmarkt. Dat er een specifiek "marktkantoor" was op nummer 88 I (eerste verdieping), onderstreept het belang van de markt en het toezicht daarop voor de stad. De brief illustreert hoe de stad Amsterdam destijds intern was georganiseerd, met strikte scheidingen tussen diensten als Publieke Werken, Grondbedrijf en Marktwezen wat betreft vastgoedbeheer en onderhoudskosten. De aanduiding "Raadhuis, Alhier" bevestigt dat het om Amsterdamse gemeentelijke correspondentie gaat.