Oproepkaart (administratieve fiche) voor arbeidsinzet of registratie.
Origineel
Oproepkaart (administratieve fiche) voor arbeidsinzet of registratie. Maart 1941. Naam v. d. opgeroepene: E Franschman (Dapperstr.)
Opgeroepen op: Woensdag 12 Mrt. '41 tusschen 9.30 en 12
of op: Vrij dag 14 Mrt '41 tusschen 9 en 10
Artikel 11 b/c datum van ingang: 23 - Nov. '40 / 23 Mrt. '41)
Gesproken met: ..................................................................................
Opgekomen: ..................................................................................
Aanteekeningen: ..................................................................................
....................................................................................................................
....................................................................................................................
Opmerkingen betrokkene: aan oproeping geen gevolg gegeven.
Advies: intrekken
19-3-'41
dekker
Accoord, De Directeur,
[Handtekening] Dit document is een officiële kaart waarmee een burger, de heer/mevrouw E. Franschman, werd opgeroepen om te verschijnen bij een instantie. De kaart bevat de volgende cruciale details:
- Niet-verschijning: Onder het kopje 'Opmerkingen betrokkene' is genoteerd: "aan oproeping geen gevolg gegeven". Dit betekent dat de persoon niet is komen opdagen op de vastgestelde data (12 en 14 maart 1941).
- Besluit: Als gevolg van het niet verschijnen is het advies "intrekken" gegeven op 19 maart 1941. Dit duidt waarschijnlijk op het intrekken van een uitkering, een werkvergunning, of het stopzetten van een lopend dossier/aanvraag.
- Administratieve codes: De verwijzing naar "Artikel 11 b/c" met ingangsdatum "23-Nov. '40" is significant. November 1940 was de periode waarin de Duitse bezetter diverse anti-Joodse maatregelen nam, zoals het ontslag van Joodse ambtenaren. Het document dateert uit maart 1941, kort na de Februaristaking in Amsterdam. De achternaam 'Franschman' en het adres in de Dapperstraat (een buurt met destijds een grote Joodse populatie) suggereren sterk dat de betrokkene van Joodse afkomst was.
In deze fase van de bezetting werden de administratieve netten rondom de Joodse bevolking steeds nauwer aangehaald via de arbeidsbureaus en de bevolkingsregisters. Het feit dat de betrokkene "geen gevolg" gaf aan de oproep kan wijzen op een vroege vorm van passief verzet, het feit dat de persoon reeds was ondergedoken, of dat men door andere omstandigheden (zoals eerdere arrestatie tijdens de razzia's van februari) niet meer in staat was te reageren. De aantekening "intrekken" is een kille administratieve afhandeling van iemands status in een systeem dat steeds repressiever werd. E. Franschman