Archief 745
Inventaris 745-346
Pagina 227
Dossier 82
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte ambtelijke brief/memorandum.

30 mei 1941. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Marktdienst of een gerelateerde gemeentelijke afdeling).

Origineel

Getypte ambtelijke brief/memorandum. 30 mei 1941. De Directeur (vermoedelijk van de Marktdienst of een gerelateerde gemeentelijke afdeling). [Handgeschreven rechtsboven:] Secr. Mr. de Kan

[Handgeschreven middenboven:] Intra

[Getypt rechtsboven:] HG.

[Getypt middenrechts:] den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

[Links:]
17/2/8 M. 1 30 Mei 1941.
Toepassing artikel 11c
Reglement op de Markten.

Ten vervolge op mijn brief d.d. 4 April jl. (No.17/2/5 M.)

heb ik de eer U in bijlage dezes een achttiende opgave te doen ge-
worden van personen, die langer dan vier achtereenvolgende maanden
hun vaste plaats op de markten niet hebben bezet, op grond van het
feit, dat het hun wegens verleende ondersteuning niet was toegestaan
hun zaken te doen en voor wie ik voornemens ben artikel 11c van het
Reglement op de Markten toe te passen.

Ten aanzien van de op de onderhavige lijst voorkomende per-

sonen is de gedragslijn gevolgd omschreven in mijn brief d.d. 8
Maart 1937 (No.17/5/1 M.), waaraan U, blijkens Uw apostille d.d. 10
April 1937 No.330 L.M.1936 wel Uw goedkeuring heeft willen hechten.

                                        De Directeur, In deze brief rapporteert de directeur aan de wethouder over de voortgang van het intrekken van marktplaatsvergunningen. Het gaat om marktkooplieden die hun standplaats al meer dan vier maanden niet hebben gebruikt.

De specifieke reden voor deze afwezigheid is opmerkelijk: deze personen ontvingen "ondersteuning" (sociale bijstand). Destijds gold de regel dat wie een uitkering ontving, niet mocht handelen op de markt. Omdat zij door hun uitkering hun bedrijf niet mochten uitoefenen, bleven hun plekken onbezet. De directeur hanteert hier strikt de regels van het Marktreeglement (artikel 11c) om deze plaatsen definitief vrij te maken. Hij verwijst hierbij naar een eerder vastgesteld beleid uit 1937, wat aantoont dat deze werkwijze al van voor de oorlog dateerde, maar tijdens de bezetting werd voortgezet. De datum van de brief, 30 mei 1941, plaatst dit document in het tweede jaar van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de brief een lokaal administratief karakter heeft, is de context van de oorlog voelbaar.

De "Wethouder voor de Levensmiddelen" had in deze periode een uiterst kritieke taak vanwege de toenemende voedselschaarste en de invoering van het distributiestelsel. De markt was een essentieel onderdeel van de voedselvoorziening. Tegelijkertijd was er sprake van een toenemende bureaucratisering en controle op de bevolking. Het feit dat mensen hun marktplaats verloren omdat ze afhankelijk waren van overheidssteun, getuigt van een hard sociaal beleid in een tijd waarin de economische omstandigheden voor veel kleine handelaren door de oorlogsvoering en bezettingsmaatregelen verslechterden. De handgeschreven notitie "Mr. de Kan" verwijst waarschijnlijk naar de secretaris van de betreffende wethouder of afdeling.

Samenvatting

In deze brief rapporteert de directeur aan de wethouder over de voortgang van het intrekken van marktplaatsvergunningen. Het gaat om marktkooplieden die hun standplaats al meer dan vier maanden niet hebben gebruikt.

De specifieke reden voor deze afwezigheid is opmerkelijk: deze personen ontvingen "ondersteuning" (sociale bijstand). Destijds gold de regel dat wie een uitkering ontving, niet mocht handelen op de markt. Omdat zij door hun uitkering hun bedrijf niet mochten uitoefenen, bleven hun plekken onbezet. De directeur hanteert hier strikt de regels van het Marktreeglement (artikel 11c) om deze plaatsen definitief vrij te maken. Hij verwijst hierbij naar een eerder vastgesteld beleid uit 1937, wat aantoont dat deze werkwijze al van voor de oorlog dateerde, maar tijdens de bezetting werd voortgezet.

Historische Context

De datum van de brief, 30 mei 1941, plaatst dit document in het tweede jaar van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de brief een lokaal administratief karakter heeft, is de context van de oorlog voelbaar.

De "Wethouder voor de Levensmiddelen" had in deze periode een uiterst kritieke taak vanwege de toenemende voedselschaarste en de invoering van het distributiestelsel. De markt was een essentieel onderdeel van de voedselvoorziening. Tegelijkertijd was er sprake van een toenemende bureaucratisering en controle op de bevolking. Het feit dat mensen hun marktplaats verloren omdat ze afhankelijk waren van overheidssteun, getuigt van een hard sociaal beleid in een tijd waarin de economische omstandigheden voor veel kleine handelaren door de oorlogsvoering en bezettingsmaatregelen verslechterden. De handgeschreven notitie "Mr. de Kan" verwijst waarschijnlijk naar de secretaris van de betreffende wethouder of afdeling.

Kooplieden in dit dossier 78

A. Bouwmeester Uilenburg idem
A. Bouwmeester Uilenburg idem
A. Hagenaar Zwanenburgwal ziet geen kans momenteel zijn brood op de markt te verdienen
Aäron van Praag Uilenburg blijft voorloopig in steun
Bijdrage voor het luchtbeschermingsongevallenfonds
C. Heilbron meerdere Kan voorloopig plaats niet innemen. Geen handel.
C. Heilbron meerdere Kan voorloopplaats niet innemen. Geen handel. *34 Amb*
C.H. Roelofs Uilenburg idem
C. van Kampen Uilenburg idem
v. Kampen Uilenburg idem
D.A. Overmars Waterlooplein idem
D.A. Overmars Waterlooplein idem *11/6 - Amb 95*
E. Gokkes Uilenburg idem
E. Gokkes Uilenburg idem
E. Korthoef Uilenburg idem
G.A. Mol Uilenburg idem
G.C. Borgman Nieuwmarkt idem
G.C. Borgman Nieuwmarkt idem *P.D. 35*
G.H. Tap Uilenburg idem
G.H. Tap Uilenburg idem
G.S. Tonglet Waterlooplein idem
H.H. Passchier meerdere Blijft in steun.
H.H. Passchier meerdere Blijft in steun. *35 Amb*
H. Schouten Waterlooplein idem
H. Schouten Waterlooplein idem
B.H. Bluhm Uilenburg idem
I.B.H. Bluhm *onb* Uilenburg idem *25/1-68. Wanth. b. 78 I*
J.C. Serrarens Uilenburg idem
J.C. Serrarens Uilenburg idem
Alle 78 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 1