Archiefdocument
Origineel
27 januari 1941. Inspectie van het Marktwezen, Amsterdam. MARKTWEZEN
AMSTERDAM
AMSTERDAM, 27 - 1 - 19 41.
Hiermede verzoek ik U deze week (dinsdag t/vrijdag)
tusschen ~~9 1/2~~ 10 1/2 en ~~12~~ 4 uur voor-middags te mijnen kantore te komen,
om ~~na~~
Jan van Galenstraat 14, Amsterdam - West.
M. DE INSPECTEUR VAN HET MARKTWEZEN,
[handtekening]
M.W. 80. 2000-11-'39-675. Dit document is een officiële oproep van de Inspecteur van het Marktwezen aan een (niet nader genoemde) burger of marktkoopman. Het is een standaardformulier waarbij specifieke details handmatig zijn ingevuld of gewijzigd:
* Tijdstip: De oorspronkelijke gedrukte tijden van 9:30 tot 12:00 uur zijn doorgehaald en vervangen door 10:30 tot 4:00 uur.
* Dagen: Er is specifiek toegevoegd dat het bezoek "deze week" tussen dinsdag en vrijdag moet plaatsvinden.
* Taalgebruik: Het gebruik van "mijnen kantore" is typisch voor de formele, ambtelijke stijl van die tijd.
* Onduidelijkheid: De reden voor de oproep (achter het woord "om") is op dit exemplaar niet ingevuld, wat suggereert dat het een algemene kennisgeving kon zijn of dat de reden mondeling al bekend was. De datum, januari 1941, is historisch significant: Nederland was op dat moment reeds enkele maanden bezet door nazi-Duitsland. De afdeling 'Marktwezen' van de gemeente Amsterdam speelde in deze periode een cruciale rol. Zij hielden niet alleen toezicht op de reguliere handel, maar waren in oorlogstijd ook verantwoordelijk voor de strikte uitvoering van de distributieregels en de controle op de zwarte markt.
Bovendien was het Marktwezen in 1941 direct betrokken bij de uitvoering van anti-Joodse maatregelen, zoals het registreren van Joodse marktkooplieden en hun uiteindelijke verwijdering van de openbare markten naar speciaal aangewezen 'Joodse markten'. De locatie, Jan van Galenstraat 14, vormde het administratieve hart van de Centrale Markthallen, waar de groothandel en voedselverdeling voor de stad werd gecoördineerd. Gemeente Amsterdam Marktwezen
Samenvatting
Dit document is een officiële oproep van de Inspecteur van het Marktwezen aan een (niet nader genoemde) burger of marktkoopman. Het is een standaardformulier waarbij specifieke details handmatig zijn ingevuld of gewijzigd:
* Tijdstip: De oorspronkelijke gedrukte tijden van 9:30 tot 12:00 uur zijn doorgehaald en vervangen door 10:30 tot 4:00 uur.
* Dagen: Er is specifiek toegevoegd dat het bezoek "deze week" tussen dinsdag en vrijdag moet plaatsvinden.
* Taalgebruik: Het gebruik van "mijnen kantore" is typisch voor de formele, ambtelijke stijl van die tijd.
* Onduidelijkheid: De reden voor de oproep (achter het woord "om") is op dit exemplaar niet ingevuld, wat suggereert dat het een algemene kennisgeving kon zijn of dat de reden mondeling al bekend was.
Historische Context
De datum, januari 1941, is historisch significant: Nederland was op dat moment reeds enkele maanden bezet door nazi-Duitsland. De afdeling 'Marktwezen' van de gemeente Amsterdam speelde in deze periode een cruciale rol. Zij hielden niet alleen toezicht op de reguliere handel, maar waren in oorlogstijd ook verantwoordelijk voor de strikte uitvoering van de distributieregels en de controle op de zwarte markt.
Bovendien was het Marktwezen in 1941 direct betrokken bij de uitvoering van anti-Joodse maatregelen, zoals het registreren van Joodse marktkooplieden en hun uiteindelijke verwijdering van de openbare markten naar speciaal aangewezen 'Joodse markten'. De locatie, Jan van Galenstraat 14, vormde het administratieve hart van de Centrale Markthallen, waar de groothandel en voedselverdeling voor de stad werd gecoördineerd.