Archief 745
Inventaris 745-346
Pagina 467
Dossier 67
Jaar 1941
Stadsarchief

Notulen of verslag van een ambtelijke vergadering/commissie.

Origineel

Notulen of verslag van een ambtelijke vergadering/commissie. -4-

tusschen 1e Oosterparkstraat en Iepenplein, waar ruimte is voor
een 20-tal kooplieden. Deze straat heeft voor het verkeer veel
minder beteekenis, dan de Camperstraat, zoodat daar wel koop-
lieden kunnen staan. Een aantal venters pleegt hier trouwens
reeds regelmatig te komen; de anderen zouden dus van de Camper-
straat naar den Iepenweg moeten gaan, hetgeen voor de meesten
slechts beteekent, dat zij 50 à 100 meter moeten opschuiven.
Het in te stellen ventverbod dient zich dan uit te strekken
over de Camperstraat en den Iepenweg, 50 meter in de 1e Ooster-
parkstraat, aan weerszijden van de Camperstraat en 25 meter in
de aangrenzende straten. Bij een dergelijk ventverbod blijft
de ingang van het Onze Lieve Vrouwe-Gasthuis ruim vrij om er
te venten en wordt tevens voorkomen, dat venters te dicht bij
den Iepenweg gaan venten, hetgeen voor de standplaatshouders
schadelijk zou zijn.

De heer Presser voelt niet veel voor verplaatsing van alle kooplieden naar
den Iepenweg. De menschen zullen daar op den duur hun brood
niet kunnen verdienen. Wat de verkeersbezwaren betreft merkt
spreker op, dat deze toch niet zoo zwaar kunnen wegen; het
gaat er slechts om, aan enkele kooplieden in de Camperstraat
een vaste plaats te verleenen. Ook op den Iepenweg is veel
verkeer, terwijl deze weg smaller is dan de Camperstraat.
Spreker is er voorts van overtuigd, dat het lawaai in hoofdzaak
door de losse venters wordt veroorzaakt. Vreest men dit bezwaar
van de zijde der vaste plaatshouders, dan is dit gemakkelijk
te ondervangen, door in de standplaatsvergunningen een bepaling
op te nemen, dat het is verboden de waren luidkeels aan te
prijzen. Spreker kan zich ermede vereenigen, dat een aantal
kooplieden, die nu reeds op den Iepenweg staan, daar een plaats
krijgen, doch hij blijft er op aandringen ook in de Camperstraat
standplaatsen te verleenen.

De heer Seegers komt ter vergadering en wordt door den Voorzit-
ter van den stand der besprekingen inzake het aan de orde zijnde
agendapunt op de hoogte gebracht.

De heer Neeter geeft het bestaan der verkeersbezwaren toe. Spreker gelooft
echter niet, dat het ziekenhuis zooveel last ondervindt van
lawaai veroorzaakt door de kooplieden. De last komt ongetwijfeld
meer van het ter plaatse drukke verkeer. Hij handhaaft zijn
voorstel om kooplieden te plaatsen, zonder karren, langs den
tuinkant van het ziekenhuis. Het zijn er niet veel, terwijl
ter voorkoming van lawaai een verbod om te roepen in de vergun-
ningen kan worden opgenomen. * Kernproblematiek: De tekst beschrijft een debat over het spanningsveld tussen de straathandel (markt), de verkeersdoorstroming en de rust voor het nabijgelegen Onze Lieve Vrouwe-Gasthuis (OLVG) in Amsterdam. Er wordt gezocht naar een balans tussen het economische belang van de kooplieden en de publieke orde.
* Verschillende Standpunten:
* Het plan: Stelt een ventverbod voor in de drukke Camperstraat en verplaatsing van de handel naar de 1e Oosterparkstraat en de Iepenweg om de toegang van het ziekenhuis vrij te houden.
* De heer Presser: Is een pleitbezorger voor de kooplieden. Hij vreest voor hun inkomsten bij verplaatsing en stelt voor om overlast (lawaai) te beperken via vergunningsvoorwaarden (verbod op schreeuwen) in plaats van een verbod op de standplaatsen zelf.
* De heer Neeter: Erkent de verkeersdruk, maar relativeert de geluidsoverlast van de markt ten opzichte van het algemene verkeer. Hij stelt een compromis voor: een beperkt aantal kooplieden zonder karren langs de ziekenhuistuin, met een verbod op "roepen".
* Taalgebruik: Het document is opgesteld in de toenmalige formele bestuurstaal. De namen Presser en Neeter zijn bekend in de Joodse geschiedenis van Amsterdam-Oost, wat de context van de straathandel in deze buurt in de jaren '30 verder inkleurt. Dit verslag maakt deel uit van de geschiedenis van de Amsterdamse straatmarkten, specifiek in de buurt van het Oosterpark. De Camperstraat was indertijd een levendige plek voor straathandel, vaak door Joodse marktkooplieden. De gemeente Amsterdam probeerde in de jaren '30 de "wanorde" van de straathandel te reguleren vanwege de toenemende verkeersdrukte en klachten over geluidsoverlast, zeker nabij gevoelige locaties zoals ziekenhuizen. De discussie toont de vroege vormen van marktregulering en stedelijke planning in Amsterdam.

Samenvatting

  • Kernproblematiek: De tekst beschrijft een debat over het spanningsveld tussen de straathandel (markt), de verkeersdoorstroming en de rust voor het nabijgelegen Onze Lieve Vrouwe-Gasthuis (OLVG) in Amsterdam. Er wordt gezocht naar een balans tussen het economische belang van de kooplieden en de publieke orde.
  • Verschillende Standpunten:
    • Het plan: Stelt een ventverbod voor in de drukke Camperstraat en verplaatsing van de handel naar de 1e Oosterparkstraat en de Iepenweg om de toegang van het ziekenhuis vrij te houden.
    • De heer Presser: Is een pleitbezorger voor de kooplieden. Hij vreest voor hun inkomsten bij verplaatsing en stelt voor om overlast (lawaai) te beperken via vergunningsvoorwaarden (verbod op schreeuwen) in plaats van een verbod op de standplaatsen zelf.
    • De heer Neeter: Erkent de verkeersdruk, maar relativeert de geluidsoverlast van de markt ten opzichte van het algemene verkeer. Hij stelt een compromis voor: een beperkt aantal kooplieden zonder karren langs de ziekenhuistuin, met een verbod op "roepen".
  • Taalgebruik: Het document is opgesteld in de toenmalige formele bestuurstaal. De namen Presser en Neeter zijn bekend in de Joodse geschiedenis van Amsterdam-Oost, wat de context van de straathandel in deze buurt in de jaren '30 verder inkleurt.

Historische Context

Dit verslag maakt deel uit van de geschiedenis van de Amsterdamse straatmarkten, specifiek in de buurt van het Oosterpark. De Camperstraat was indertijd een levendige plek voor straathandel, vaak door Joodse marktkooplieden. De gemeente Amsterdam probeerde in de jaren '30 de "wanorde" van de straathandel te reguleren vanwege de toenemende verkeersdrukte en klachten over geluidsoverlast, zeker nabij gevoelige locaties zoals ziekenhuizen. De discussie toont de vroege vormen van marktregulering en stedelijke planning in Amsterdam.

Locaties

Amsterdam (gezien de straatnamen en de vermelding van het Onze Lieve Vrouwe-Gasthuis).

Kooplieden in dit dossier 78

A. Bouwmeester Uilenburg idem
A. Bouwmeester Uilenburg idem
A. Hagenaar Zwanenburgwal ziet geen kans momenteel zijn brood op de markt te verdienen
Aäron van Praag Uilenburg blijft voorloopig in steun
Bijdrage voor het luchtbeschermingsongevallenfonds
C. Heilbron meerdere Kan voorloopig plaats niet innemen. Geen handel.
C. Heilbron meerdere Kan voorloopplaats niet innemen. Geen handel. *34 Amb*
C.H. Roelofs Uilenburg idem
C. van Kampen Uilenburg idem
v. Kampen Uilenburg idem
D.A. Overmars Waterlooplein idem
D.A. Overmars Waterlooplein idem *11/6 - Amb 95*
E. Gokkes Uilenburg idem
E. Gokkes Uilenburg idem
E. Korthoef Uilenburg idem
G.A. Mol Uilenburg idem
G.C. Borgman Nieuwmarkt idem
G.C. Borgman Nieuwmarkt idem *P.D. 35*
G.H. Tap Uilenburg idem
G.H. Tap Uilenburg idem
G.S. Tonglet Waterlooplein idem
H.H. Passchier meerdere Blijft in steun.
H.H. Passchier meerdere Blijft in steun. *35 Amb*
H. Schouten Waterlooplein idem
H. Schouten Waterlooplein idem
B.H. Bluhm Uilenburg idem
I.B.H. Bluhm *onb* Uilenburg idem *25/1-68. Wanth. b. 78 I*
J.C. Serrarens Uilenburg idem
J.C. Serrarens Uilenburg idem
Alle 78 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 1