Afschrift van een ambtelijk adviesrapport van de politie.
Origineel
Afschrift van een ambtelijk adviesrapport van de politie. 14 april 1939. No.39/92/3 M. 1939 No.5/160 L.M.1939. AFSCHRIFT.
Dict.Ga/Mi.
Lr.S.No.3321/1939.
Dossier U.1.b.
Groep B.
Adressante, Mietje van Emrik, geboren te Amsterdam, 30 Juli 1901,
ventsterm wonende Louis Bothastraat 16 huis, vraagt vergunning
tot het innemen van een vaste standplaats met een handkar, ten
verkoop van haring, zuurwaren, gerookte en gestoomde visch, op
den openbaren weg, gedeeltelijk op het verhoogde voetpad en ge-
deeltelijk op den rijweg van de Eerste Oosterparkstraat, voor de
perceelen 136-138 of voor de perceelen 138-140, op een afstand
van + 10 à 15 meter van den Iepenweg, om daarvan, dagelijks,
van 10 uur des voormiddags, tot 2.30 uur (Zaterdags tot 3 uur)
des namiddags gebruik te maken.
In verband met eventueele uitvaardiging van een ventverbod voor
de Camperstraat, den Iepenweg en naaste omgeving en eventueele
aanwijzing van het Iepenplein tot tijdelijke hulpmarkt (vide de
stukken Lr.S.no.22216/1937-1668 A.Z.1937), wordt het dezerzijds
ongewenscht geacht, om voor het gevraagde punt standplaatsver-
gunning, als bedoeld, te verleenen.
Daargelaten of andere bedenkingen bestaan, moge ik mitsdien tot
afwijzing der aanvraag adviseeren.
Op een aanvraag van adressante, van soortgelijke strekking hadden
laatstelijk betrekking de stukken Lr.S.no.2264/1938 -5/90 L.M.
1938.
Amsterdam, 14 April 1939.
De Hoofdcommissaris van politie,
namens dezen,
De Commissaris van politie,
Toegevoegd voor de administratie,
w.g. H. Holbsergen. * Inhoud: Het document betreft een negatief advies van de Amsterdamse politie op een vergunningsaanvraag voor een standplaats in de Eerste Oosterparkstraat. De aanvraagster, Mietje van Emrik, wilde daar met een handkar vis en zuurwaren verkopen.
* Motivering: De afwijzing wordt onderbouwd door stedelijke herinrichtingsplannen: een aanstaand ventverbod in de omliggende straten en de aanwijzing van het nabijgelegen Iepenplein als officiële marktlocatie ("hulpmarkt"). De politie wilde hiermee de ongeorganiseerde straathandel op die specifieke plek beperken.
* Status: Het document is een 'afschrift' (kopie). De afkorting "w.g." bij de ondertekening staat voor 'was getekend', wat aangeeft dat de originele handtekening op het bronstuk staat.
* Vorm: Het taalgebruik is formeel en juridisch-ambtelijk ("adressante", "mitsdien", "dezerzijds"), kenmerkend voor de overheidscorrespondentie uit die periode. * Sociaal-economisch: In het Amsterdam van de jaren dertig was straathandel een veelvoorkomende manier van bestaan voor de arbeidersklasse. De gemeente probeerde dit echter steeds meer te reguleren en te concentreren op vaste markten om de verkeersdoorstroming en openbare orde te waarborgen.
* Locatie: De genoemde straten (Eerste Oosterparkstraat, Iepenweg, Camperstraat) vormen het hart van de Oosterparkbuurt. Dit was een kinderrijke buurt met veel kleine zelfstandigen.
* Tijdsbeeld: April 1939 is slechts enkele maanden voor de algemene mobilisatie en ruim een jaar voor de Duitse inval. De bureaucratie functioneerde in deze periode nog volgens de bestaande democratische en gemeentelijke kaders.
* Genealogische waarde: Voor onderzoekers biedt dit document specifieke persoonsgegevens (geboortedatum en toenmalig adres) van een Amsterdamse inwoonster. B. Hoofdbureau Politie