Archief 745
Inventaris 745-346
Pagina 535
Dossier 83
Jaar 1941
Stadsarchief

Ambtelijke brief/rapportage (vermoedelijk een doorslag of kopie uit een besluitenregister).

1 december (jaar onbekend op deze pagina, maar op basis van context vermoedelijk vroege 20e eeuw). Van: De Directeur (waarschijnlijk van de Dienst der Publieke Werken of een aanverwante gemeentelijke dienst).

Origineel

Ambtelijke brief/rapportage (vermoedelijk een doorslag of kopie uit een besluitenregister). 1 december (jaar onbekend op deze pagina, maar op basis van context vermoedelijk vroege 20e eeuw). De Directeur (waarschijnlijk van de Dienst der Publieke Werken of een aanverwante gemeentelijke dienst). 1 1 December 9
18/45/3 den Heer Wethouder voor
de Levensmiddelen,
Alhier.

blijve .
Als straten, waar standplaatsen in deze omgeving
kunnen worden verleend, komen in aanmerking: de Iepenweg, de
zijstraten van de Camperstraat (nabij de hoeken van laatstbedoel-
de straat) en - zoo noodig - de Camperstraat, voor enkele koop-
lieden. Aangezien in totaal slechts ongeveer een twintigtal
venters regelmatig in deze buurt komen, zullen allen wel aan
een geschikte standplaats kunnen worden geholpen.
De Commissie was met mij van oordeel, dat het gewenscht
is het ventverbod in de 1e Oosterparkstraat over 50 meter ter
weerszijden van de Camperstraat uit te strekken. Bij den ingang
van het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis blijft dan nog ruimschoots
gelegenheid om te venten; doch men voorkomt, dat de venters
zich verzamelen op het gedeelte der 1e Oosterparkstraat, tus-
schen den bedoelden ingang en de Camperstraat; dit zou hinder-
lijk zijn voor het verkeer en voorts zeer nadeelig voor de ven-
ters, wien een standplaatsvergunning in deze buurt wordt ver-
leend. Het verdient daarom de voorkeur, het ventverbod voor 50
meter in deze straat te doen gelden, vooral ook omdat, sedert
de voltooiing van de Spoorwegwerken in dit stadsgedeelte, het
verkeer door de 1e Oosterparkstraat belangrijker wordt.
Indien U zich met het vorenstaande in principe kunt
vereenigen, geef ik U beleefd in overweging mij op te dragen, U
in overleg met den Hoofdcommissaris van Politie een uitgewerkt
voorstel te doen, omtrent de aan belanghebbenden te verleenen
standplaatsvergunningen, bij uitvaardiging van een ventverbod
zooals hierboven omschreven. Tevens stel ik U voor den Genees-
heer-Directeur van het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis, in antwoord
op zijn zich onder de in den aanhef bedoelde stukken bevindenden
brief d.d. 17 November jl. te doen berichten, dat een ventverbod,
zooals door hem bedoeld, binnen afzienbaren tijd zal worden uit-
gevaardigd.

                                             De Directeur, In dit document adviseert de Directeur aan de Wethouder voor de Levensmiddelen over de inrichting van de straathandel in Amsterdam-Oost. De kern van het advies is het instellen van een ventverbod in een specifiek deel van de 1e Oosterparkstraat (50 meter aan weerszijden van de Camperstraat).

De argumentatie hiervoor is tweeledig:
1. Verkeersveiligheid en doorstroming: De voltooiing van de "Spoorwegwerken" (het omhoogbrengen van de spoorlijnen in Amsterdam-Oost in de jaren '30) heeft geleid tot een toename van het verkeer in de 1e Oosterparkstraat. Stilstaande venters zouden hier een hindernis vormen.
2. Openbare orde bij het ziekenhuis: De Geneesheer-Directeur van het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis (OLVG) heeft geklaagd over de overlast van venters bij de ingang. Door het verbod precies daar in te stellen waar de venters zich plegen te verzamelen, wordt aan deze klacht tegemoetgekomen.

Als alternatief worden de Iepenweg en zijstraten van de Camperstraat aangewezen als locaties waar wel standplaatsvergunningen verleend kunnen worden aan de ongeveer twintig actieve venters in de buurt. Het document geeft een inkijkje in de stedelijke dynamiek van Amsterdam in de vroege 20e eeuw. De straathandel was destijds een belangrijke bron van inkomsten voor de arbeidersklasse, maar botste regelmatig met het moderniserende stadsbeeld waarbij "doorstroming van het verkeer" een steeds grotere rol ging spelen.

De verwijzing naar de Spoorwegwerken is historisch interessant; dit duidt op de grootschalige aanpassing van het spoor in Oost (rond 1930-1939), waarbij gelijkvloerse kruisingen werden vervangen door viaducten. Dit veranderde de verkeersstromen in de omliggende straten fundamenteel. De brief toont ook de invloed van belangrijke instituten zoals het OLVG op het gemeentelijk beleid; een klacht van de ziekenhuisdirectie leidde direct tot een ambtelijk voorstel voor een ventverbod.

Samenvatting

In dit document adviseert de Directeur aan de Wethouder voor de Levensmiddelen over de inrichting van de straathandel in Amsterdam-Oost. De kern van het advies is het instellen van een ventverbod in een specifiek deel van de 1e Oosterparkstraat (50 meter aan weerszijden van de Camperstraat).

De argumentatie hiervoor is tweeledig:
1. Verkeersveiligheid en doorstroming: De voltooiing van de "Spoorwegwerken" (het omhoogbrengen van de spoorlijnen in Amsterdam-Oost in de jaren '30) heeft geleid tot een toename van het verkeer in de 1e Oosterparkstraat. Stilstaande venters zouden hier een hindernis vormen.
2. Openbare orde bij het ziekenhuis: De Geneesheer-Directeur van het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis (OLVG) heeft geklaagd over de overlast van venters bij de ingang. Door het verbod precies daar in te stellen waar de venters zich plegen te verzamelen, wordt aan deze klacht tegemoetgekomen.

Als alternatief worden de Iepenweg en zijstraten van de Camperstraat aangewezen als locaties waar wel standplaatsvergunningen verleend kunnen worden aan de ongeveer twintig actieve venters in de buurt.

Historische Context

Het document geeft een inkijkje in de stedelijke dynamiek van Amsterdam in de vroege 20e eeuw. De straathandel was destijds een belangrijke bron van inkomsten voor de arbeidersklasse, maar botste regelmatig met het moderniserende stadsbeeld waarbij "doorstroming van het verkeer" een steeds grotere rol ging spelen.

De verwijzing naar de Spoorwegwerken is historisch interessant; dit duidt op de grootschalige aanpassing van het spoor in Oost (rond 1930-1939), waarbij gelijkvloerse kruisingen werden vervangen door viaducten. Dit veranderde de verkeersstromen in de omliggende straten fundamenteel. De brief toont ook de invloed van belangrijke instituten zoals het OLVG op het gemeentelijk beleid; een klacht van de ziekenhuisdirectie leidde direct tot een ambtelijk voorstel voor een ventverbod.

Kooplieden in dit dossier 78

A. Bouwmeester Uilenburg idem
A. Bouwmeester Uilenburg idem
A. Hagenaar Zwanenburgwal ziet geen kans momenteel zijn brood op de markt te verdienen
Aäron van Praag Uilenburg blijft voorloopig in steun
Bijdrage voor het luchtbeschermingsongevallenfonds
C. Heilbron meerdere Kan voorloopig plaats niet innemen. Geen handel.
C. Heilbron meerdere Kan voorloopplaats niet innemen. Geen handel. *34 Amb*
C.H. Roelofs Uilenburg idem
C. van Kampen Uilenburg idem
v. Kampen Uilenburg idem
D.A. Overmars Waterlooplein idem
D.A. Overmars Waterlooplein idem *11/6 - Amb 95*
E. Gokkes Uilenburg idem
E. Gokkes Uilenburg idem
E. Korthoef Uilenburg idem
G.A. Mol Uilenburg idem
G.C. Borgman Nieuwmarkt idem
G.C. Borgman Nieuwmarkt idem *P.D. 35*
G.H. Tap Uilenburg idem
G.H. Tap Uilenburg idem
G.S. Tonglet Waterlooplein idem
H.H. Passchier meerdere Blijft in steun.
H.H. Passchier meerdere Blijft in steun. *35 Amb*
H. Schouten Waterlooplein idem
H. Schouten Waterlooplein idem
B.H. Bluhm Uilenburg idem
I.B.H. Bluhm *onb* Uilenburg idem *25/1-68. Wanth. b. 78 I*
J.C. Serrarens Uilenburg idem
J.C. Serrarens Uilenburg idem
Alle 78 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 1