Officieel extract uit het 'Boek der Besluiten'.
Origineel
Officieel extract uit het 'Boek der Besluiten'. [Linksboven, handgeschreven/stempel:] Nº 10/4/17 M. 1941 29/5
[Rechtsboven, handgeschreven:] Markt
No. 1007 L.M. (1940)
[Linkermarge, handgeschreven:]
G.K. ontv.
Afd. III besteld
Ventverbod Camperstraat en omgeving.
E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten van
den Regeeringscommissaris voor Amsterdam.
Vrijdag, 16 Mei 1941.
Op voorstel van den Wethouder voor het Onderwijs voor den Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen wordt het volgende besluit genomen :
De Regeeringscommissaris voor Amsterdam;
Gezien de rapporten van den Directeur van den Dienst van het Marktwezen d.d. 1 April 1938, No. 20/9/2 M en 1 December 1939 No. 18/453 M;
Gelet op de rapporten van den Hoofdcommissaris van Politie d.d. 14 Februari 1938, No. 22216 Gr.B. en 31 October 1940 No. 16320 S;
Van oordeel, dat het gewenscht is:
a. een ventverbod te vestigen in
de Camperstraat
op den Iepenweg en
op het Iepenplein,
alsmede in een aangrenzend gedeelte van
de Tilanusstraat,
de Ruyschstraat,
de Blasiusstraat,
de Tweede Boerhaavestraat,
op het Boerhaaveplein en
in de Vrolikstraat,
binnen een afstand van 25 meter vanaf de Camperstraat en den Iepenweg en in een gedeelte van de Eerste Oosterparkstraat
de Tweede [Oosterparkstraat] " "
de Derde [Oosterparkstraat] " "
binnen een afstand van 50 meter resp. vanaf de Camperstraat, den Iepenweg en het Iepenplein;
b. op grond van art. 3 sub 3 der Ventverordening aan lompenventers, die aldaar aan of in de huizen op of aan den openbareh weg plegen op te koopen, dispensatie van dit verbod te verleenen.
Gelet op art. 3 lid 1 en 2 der Ventverordening;
B e s l u i t :
te bepalen :
[Rechtsonder:] 48 Dit document betreft een besluit om de straathandel (het 'venten') aan banden te leggen in een specifiek deel van de Amsterdamse Oosterparkbuurt. Het verbod beslaat de kern rondom de Camperstraat en het Iepenplein, inclusief korte segmenten van de zijstraten.
Opvallende punten in de tekst:
* Lompenventers: Er wordt een expliciete uitzondering (dispensatie) gemaakt voor lompenventers. Zij mochten dus wel doorgaan met het opkopen van oud textiel aan de deur, wat wijst op het economische belang van recycling in die tijd.
* Voorgeschiedenis: Hoewel het besluit in 1941 (tijdens de bezetting) is genomen, wordt er verwezen naar rapporten uit 1938 en 1939. Dit duidt erop dat het verbod al langer in voorbereiding was, waarschijnlijk vanwege klachten over verkeershinder of overlast door straathandelaren in deze drukke woonbuurt.
* Bestuurlijke terminologie: Er wordt gesproken over de "Regeeringscommissaris". Dit is de titel die de burgemeester (Edward Voûte) voerde nadat het democratische stadsbestuur door de bezetter was ontbonden. In mei 1941 was Nederland een jaar bezet door nazi-Duitsland. In Amsterdam was de gekozen gemeenteraad buitenspel gezet en vervangen door een regeringscommissaris die direct ondergeschikt was aan de bezettingsmacht.
De Oosterparkbuurt was een dichtbevolkte wijk waar straathandel een essentieel onderdeel van het dagelijks leven vormde. In deze periode werden dergelijke marktverordeningen steeds vaker gebruikt om de openbare orde strakker te reguleren. Hoewel dit specifieke document een algemene maatregel lijkt, vonden er in 1941 ook specifiekere uitsluitingen plaats; later dat jaar (september 1941) volgde bijvoorbeeld het verbod voor Joodse burgers om op markten te staan of handel te drijven, wat voor de Joodse inwoners in deze buurt desastreuze gevolgen had. De hier genoemde straatnamen, zoals de Ruyschstraat en de Tilanusstraat, bevonden zich in een gebied met een aanzienlijke Joodse populatie.