Getypte officiële brief (waarschijnlijk een doorslag/archiefkopie).
Origineel
Getypte officiële brief (waarschijnlijk een doorslag/archiefkopie). 9 september 1941. De Directeur (vermoedelijk van de Marktdienst van de gemeente Amsterdam). Den Heer D.A.v. Hilten, Govert Flinckstraat 398 I, Amsterdam-Zuid. [Linksboven, handgeschreven in paarse inkt]: Verzonden 9/9
[Rechtsboven, handgeschreven in zwarte inkt]: M. de Leer [?]
[Rechts boven het midden, getypt]:
den Heer D.A.v.Hilten,
Govert Flinckstraat 398 I,
Amsterdam-Zuid.
Wijk 17.
[Links, getypt]: 25/114/2 M.
[Rechts, getypt]: 9 September 1941.
[Inhoud brief, getypt]:
Mij is gerapporteerd, dat U op Woensdag 3 September jl. op
Uw plaats op de markt Albert Cuypstraat te veel ruimte hebt inge-
nomen.
Ik waarschuw U hierbij ernstig dit voortaan na te laten.
[Rechtsonder, getypt]:
De Directeur, * Inhoud: De brief is een officiële, schriftelijke waarschuwing aan een marktkraamhouder (D.A. van Hilten). De reden voor de waarschuwing is dat de geadresseerde op woensdag 3 september 1941 op de Albert Cuypmarkt "te veel ruimte" zou hebben ingenomen met zijn marktkraam of handelswaar.
* Toon: De toon is afstandelijk, bureaucratisch en autoritair. Er wordt gesproken over een "ernstige waarschuwing".
* Administratieve details: De handgeschreven notitie "Verzonden 9/9" geeft aan dat de brief op de dag van datering daadwerkelijk is uitgegaan. De aanduiding "Wijk 17" verwijst naar de administratieve indeling van de stad of de marktdienst voor de wijk De Pijp.
* Vorm: Het document vertoont de typische kenmerken van ambtelijke correspondentie uit de vroege jaren '40, inclusief het gebruik van een typemachine en specifieke archiefkenmerken. * Historische periode: De brief is gedateerd op 9 september 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
* Locatie: De Govert Flinckstraat en de Albert Cuypstraat liggen in de Amsterdamse wijk De Pijp. De Albert Cuypmarkt was (en is) een van de belangrijkste markten van de stad.
* Betekenis: Tijdens de bezettingsjaren werd de controle op het openbare leven en de economische bedrijvigheid, waaronder de markthandel, steeds strenger. Bureaucratische regels werden strikt gehandhaafd. Hoewel deze brief een schijnbaar triviale overtreding (ruimtegebruik) betreft, past het in een klimaat van toenemende regulering en disciplinering door de (onder Duits toezicht staande) gemeentelijke instanties. In deze periode vonden ook de eerste systematische uitsluitingen van Joodse markthandelaren op de Amsterdamse markten plaats, wat de spanningen op de marktplaatsen vergrootte. D.A. van Hilten M. de Leer Gemeente Amsterdam