Ambtsrapport van diefstal
Origineel
Ambtsrapport van diefstal Nº 37/17/1 M.1941 11/3
Rapport
Heden, Maandag 3/3 '41 te ongeveer 5.30 u
n.m., deelde de grossier J. Wiggermansen
aan ondergetekende, controleur A.P. Huijsman,
mede, dat er van zijn plaats in de Hal,
op voorzegde datum tusschen 12.- en 5,30 u
een dekkleed (gekenmerkt Banning en
Van der Linden) was gestolen. Bedoeld
kleed is 6 bij 8 M en heeft volgens
Wiggermansen, voornoemd, een waarde van
f 100.-.
3/3 '41,
De ambtenaar voornoemd,
(get.) A.P. Huijsman
[Links in rood potlood:]
ver
[paraaf]
Den Heer Bedrijfschef
Centrale Markt.
[In roze inkt:]
W Felthuis
[Rechts in zwarte inkt:]
afdoen
op bureau
6/3 - 41
[paraaf]
[Onderaan toegevoegd:]
Dekkleed was ten dienste Schaffers
(parkant) gebruikt.
Terug aan Wiggermansen 6/3 '41.
W. Felthuis [handtekening] Het document is een verslag van een incident op de werkvloer van een grote markthal. Grossier Wiggermansen meldt de vermissing van een groot dekkleed (6x8 meter) met een aanzienlijke waarde van 100 gulden. Het kleed was voorzien van de namen "Banning en Van der Linden", wat duidt op eigendomsmerken van waarschijnlijk een transportbedrijf of zeilmakerij.
Uit de latere aantekeningen onderaan het document blijkt dat het geen moedwillige diefstal door derden betrof, maar dat het kleed elders op het terrein ("ten dienste Schaffers, parkant") in gebruik was genomen. Op 6 maart 1941, drie dagen na de melding, werd het kleed teruggegeven aan de rechtmatige eigenaar en werd het dossier gesloten ("afdoen op bureau"). Dit rapport is opgesteld tijdens de Duitse bezetting van Nederland (maart 1941). De Centrale Markt in Amsterdam was in die tijd een cruciaal knooppunt voor de voedselvoorziening. Vanwege de oorlogsomstandigheden en opkomende schaarste waren hulpmiddelen zoals grote dekkleden kostbaar en schaars, wat de formele afhandeling van een dergelijke vermissing verklaart.
De "parkant" verwijst naar de zijde van de Centrale Markthallen die grensde aan het (toenmalige) parkgebied, een specifieke locatieaanduiding op het enorme marktterrein. De administratieve precisie (nummers, data, verschillende parafen van functionarissen) toont de strakke organisatie van de marktbeheerder in die periode. A.P. Huijsman J. Wiggermansen W. Felthuis Wiggermansen meldt (Grossier)
Samenvatting
Het document is een verslag van een incident op de werkvloer van een grote markthal. Grossier Wiggermansen meldt de vermissing van een groot dekkleed (6x8 meter) met een aanzienlijke waarde van 100 gulden. Het kleed was voorzien van de namen "Banning en Van der Linden", wat duidt op eigendomsmerken van waarschijnlijk een transportbedrijf of zeilmakerij.
Uit de latere aantekeningen onderaan het document blijkt dat het geen moedwillige diefstal door derden betrof, maar dat het kleed elders op het terrein ("ten dienste Schaffers, parkant") in gebruik was genomen. Op 6 maart 1941, drie dagen na de melding, werd het kleed teruggegeven aan de rechtmatige eigenaar en werd het dossier gesloten ("afdoen op bureau").
Historische Context
Dit rapport is opgesteld tijdens de Duitse bezetting van Nederland (maart 1941). De Centrale Markt in Amsterdam was in die tijd een cruciaal knooppunt voor de voedselvoorziening. Vanwege de oorlogsomstandigheden en opkomende schaarste waren hulpmiddelen zoals grote dekkleden kostbaar en schaars, wat de formele afhandeling van een dergelijke vermissing verklaart.
De "parkant" verwijst naar de zijde van de Centrale Markthallen die grensde aan het (toenmalige) parkgebied, een specifieke locatieaanduiding op het enorme marktterrein. De administratieve precisie (nummers, data, verschillende parafen van functionarissen) toont de strakke organisatie van de marktbeheerder in die periode.