Archiefdocument
Origineel
12 maart 1941. Bureau Stadsingenieur, Dienst der Publieke Werken Amsterdam (gevestigd in het Raadhuis, Kamer 198). Directeur van het Marktwezen, Centrale Markthallen, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam-West. DIENST DER PUBLIEKE WERKEN
AMSTERDAM
RAADHUIS, KAMER 198
Bureau Stadsingenieur.
S.I.1651/111. F.I
AMSTERDAM, 12 Maart 1941. [het jaartal '193' is doorgehaald en vervangen door '1941']
No 37/19/1 M. 1941 13/3 [deels gestempeld, deels handgeschreven in blauwe inkt]
Aan den Heer Directeur van het Marktwezen,
Centrale Markthallen,
Jan van Galenstraat 14,
Amsterdam. W.
[Handgeschreven aantekening in rode en zwarte inkt]: Dir [geparafeerd] Th. Brouwer
In aansluiting aan mijn schrijven van 18 October 1940 No.S.I. 2135-111,
doe ik U bijgaand nog 3 verzoeken van winkeliers te Amsterdam, voor het
betrekken van samengeperst lichtgas van hun vrachtauto, toekomen.
Gaarne zal ik ook ten aanzien van deze 3 aanvragen van U vernemen, of zij
naar Uw meening voor inwilliging in aanmerking dienen te komen, indien
opnieuw wordt uitgegaan van een totaal van 20 om te bouwen auto's.
Ik zal het ten zeerste op prijs stellen Uw antwoord binnen enkele dagen
te mogen ontvangen.
LH.
De Stadsingenieur,
Voorzitter Kleine Benzinecommissie.
[Onderschrift/Handtekening]
[Rechtsonder handgeschreven in potlood]: 37/20 Dit document is een ambtelijk schrijven uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland. De kern van de brief is de schaarste aan brandstof en de bureaucreatiische afhandeling van alternatieven.
- Brandstofschaarste: Door de oorlog was benzine uiterst schaars en strikt gerantsoeneerd. Bedrijven moesten hun voertuigen ombouwen om op alternatieve brandstoffen te kunnen rijden, in dit geval "samengeperst lichtgas" (steenkoolgas opgeslagen in cilinders).
- Contingentering: Er wordt gesproken over een totaal van "20 om te bouwen auto's". Dit wijst erop dat de overheid slechts een beperkt aantal conversies toestond, waarschijnlijk vanwege de beperkte beschikbaarheid van de benodigde installaties of het gas zelf.
- Interdepartementale afstemming: De Stadsingenieur (voorzitter van de Kleine Benzinecommissie) vraagt advies aan de Directeur van het Marktwezen. Dit duidt erop dat prioriteit werd gegeven aan voertuigen die essentieel waren voor de voedselvoorziening en handel in de stad (de Markthallen). In 1941 was de Nederlandse economie volledig ondergeschikt gemaakt aan de Duitse oorlogsbehoefte. De "Kleine Benzinecommissie" was een lokaal orgaan dat de uiterst beperkte toewijzing van brandstoffen en vergunningen voor transportmiddelen beheerde.
Het gebruik van lichtgas als motorbrandstof was een veelvoorkomende noodoplossing tijdens de oorlogsjaren, naast het gebruik van houtgasgeneratoren. De Jan van Galenstraat, waar de Centrale Markthallen gevestigd waren (en zijn), was het logistieke hart van Amsterdam voor de distributie van levensmiddelen. Het feit dat dit briefpapier een voorgedrukt jaartal "193" heeft dat is aangepast naar "1941", getuigt van de materiële schaarste waarbij oude voorraden briefpapier werden opgebruikt.