Archief 745
Inventaris 745-354
Pagina 432
Dossier 39
Jaar 1941
Stadsarchief

Handgeschreven ambtelijke concept-brief of rapportage.

Origineel

Handgeschreven ambtelijke concept-brief of rapportage. (Noot: Doorhalingen zijn weergegeven als ~~tekst~~, toevoegingen tussen ^tekst^)

[...] voor alle arbeiders is nog niet duidelijk (2
~~Ingevolge~~ ^Bij^ art. 15 - sub. 6. der Verord. op Heffing
v. markt-, standplaats- en ventgelden is
vastgelegd van personen, waar als
het entreegeld ~~voor personeel dat~~
tot de C.M. wordt toegelaten. Afwijking
van deze tarieven is uiteraard niet mogelijk.

  1. Samenwerking tusschen de besturen der op de C.M.
    werkzaam zijnde organisaties en mijn dienst
    vindt regelmatig plaats. Herhaaldelijk gaat
    het ^initiatief^ ~~voorstel~~ tot het plegen van overleg ^juist^
    van den dienst.

  2. Het Reglement v/d C.M. is afgedrukt
    in het Gemeenteblad en voor ieder te
    verkrijgen bij de Stadsdrukkerij. Ik ben
    echter bereid aan de besturen der daarvoor
    in aanmerking komende organisaties een
    exemplaar te verstrekken. Dit ^heeft^ ~~is~~ trouwens
    aan verschillende organisaties reeds
    meermalen plaatsgehad. Wenschen tot
    wijziging of aanvulling v. dit Reglement
    kunnen steeds bij mij worden aanhangig
    gemaakt (zie hieromtrent punt 3)

  3. Naar mij bekend is, is de organisatie van
    grossiers der C.M. bereid een collectief contract
    met de werknemers aan te gaan, mits dit
    wordt bindend verklaard voor de geheele
    C.M. Adressante dient hieromtrent
    verdere onderhandelingen met de werkgevers-
    organisatie te voeren en partijen dienen,
    indien zij tot overeenstemming komen,
    verbindendverklaring der overeenkomst aan
    te vragen bij het College v. Rijksbemiddelaars.
    waar derhalve v. Rijkswege hierin reeds
    kan worden voorzien, bestaat er n.m.m.
    vooralsnog geen aanleiding voor de Gemeente

  4. gesteld, dat zij hiertoe de bevoegdheid zou
    hebben - om in het Reglement der C.M.
    sancties op te nemen ter zake v. het handhaven
    van arbeidsovereenkomsten op de C.M.

  5. Omtrent dit vraagstuk is door het gemeentebestuur [...] De tekst is een ambtelijk antwoord op een verzoekschrift of klacht van een "adressante" (een vrouwelijke verzoeker of organisatie). De schrijver, waarschijnlijk de directeur van de Marktdienst, zet de verhoudingen uiteen tussen het gemeentelijk reglement en de private arbeidsverhoudingen op de Centrale Markt (C.M.).

Belangrijke punten zijn:
1. Onbuigzaamheid van de tarieven: De schrijver stelt dat de entreegelden en marktgelden vastliggen in een verordening, waardoor individuele afwijkingen juridisch onmogelijk zijn.
2. Actieve rol van de overheid: De dienst beweert zelf vaak het initiatief te nemen voor overleg met organisaties.
3. Toegankelijkheid van regels: Het Marktreglement is publiek verkrijgbaar, maar wordt voor besturen kosteloos verstrekt.
4. Arbeidsvoorwaarden (CAO): Er is een discussie over het handhaven van arbeidscontracten. De schrijver wijst de verantwoordelijkheid hiervoor af: de gemeente moet niet via marktreglementen en sancties ingrijpen in private contracten, maar de partijen moeten een collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) sluiten en de verbindendverklaring via de landelijke weg (Rijksbemiddelaars) regelen. Het document weerspiegelt de sociaaleconomische transitie in de vroege 20e eeuw in Nederland. In deze periode professionaliseerden markten (zoals de Centrale Markthallen in Amsterdam, geopend in 1934) en ontstonden de eerste collectieve arbeidsregelingen.

De spelling (bijv. "tusschen", "geheele") duidt op een periode vóór de spellinghervorming van 1934/1947. De verwijzing naar het College van Rijksbemiddelaars is cruciaal; dit college werd in 1923 bij wet ingesteld om arbeidsvrede te bewaren en CAO's te bevorderen. De tekst laat de terughoudendheid van het gemeentebestuur zien om zich te mengen in de directe relatie tussen werkgevers (grossiers) en werknemers op de markt, terwijl zij wel de strikte hand houdt aan haar eigen publiekrechtelijke verordeningen (de marktgelden).

Samenvatting

De tekst is een ambtelijk antwoord op een verzoekschrift of klacht van een "adressante" (een vrouwelijke verzoeker of organisatie). De schrijver, waarschijnlijk de directeur van de Marktdienst, zet de verhoudingen uiteen tussen het gemeentelijk reglement en de private arbeidsverhoudingen op de Centrale Markt (C.M.).

Belangrijke punten zijn:
1. Onbuigzaamheid van de tarieven: De schrijver stelt dat de entreegelden en marktgelden vastliggen in een verordening, waardoor individuele afwijkingen juridisch onmogelijk zijn.
2. Actieve rol van de overheid: De dienst beweert zelf vaak het initiatief te nemen voor overleg met organisaties.
3. Toegankelijkheid van regels: Het Marktreglement is publiek verkrijgbaar, maar wordt voor besturen kosteloos verstrekt.
4. Arbeidsvoorwaarden (CAO): Er is een discussie over het handhaven van arbeidscontracten. De schrijver wijst de verantwoordelijkheid hiervoor af: de gemeente moet niet via marktreglementen en sancties ingrijpen in private contracten, maar de partijen moeten een collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) sluiten en de verbindendverklaring via de landelijke weg (Rijksbemiddelaars) regelen.

Historische Context

Het document weerspiegelt de sociaaleconomische transitie in de vroege 20e eeuw in Nederland. In deze periode professionaliseerden markten (zoals de Centrale Markthallen in Amsterdam, geopend in 1934) en ontstonden de eerste collectieve arbeidsregelingen.

De spelling (bijv. "tusschen", "geheele") duidt op een periode vóór de spellinghervorming van 1934/1947. De verwijzing naar het College van Rijksbemiddelaars is cruciaal; dit college werd in 1923 bij wet ingesteld om arbeidsvrede te bewaren en CAO's te bevorderen. De tekst laat de terughoudendheid van het gemeentebestuur zien om zich te mengen in de directe relatie tussen werkgevers (grossiers) en werknemers op de markt, terwijl zij wel de strikte hand houdt aan haar eigen publiekrechtelijke verordeningen (de marktgelden).

Kooplieden in dit dossier 100

A. Cosman Waterlooplein "
A. Cosman Waterlooplein "
A. Poortje Uilenburg
A. Poortje Uilenburg
A. Poortje Uilenburg
A.v. Velzen Uilenburg "
A.v. Velzen Uilenburg "
B.A.Bouw
Barend Barend Uilenburg
Barend Barend Uilenburg
B. Barend Uilenburg
B. Kroese Uilenburg
B. Kroese Uilenburg
B. Kroese Uilenburg
B. Meents Uilenburg
B. Meents Uilenburg
B. Moffie Waterlooplein "
B. Moffie Waterlooplein "
B. Nebig Uilenburg
B. Nebig Uilenburg
B. Nebig Uilenburg
P. Langendijkstr Uilenburg 7
B. van Thijn Waterlooplein "
B. van Thijn Waterlooplein "
B. van Thijn Waterlooplein "
B. Wittenburg Uilenburg
C.Pas
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6