Archief 745
Inventaris 745-354
Pagina 474
Dossier 2A
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte officiële brief/rapportage (doorslag).

23 april 1941.

Origineel

Getypte officiële brief/rapportage (doorslag). 23 april 1941. Bladz. 5
~~XXXX~~ 5
37/37/2
Amsterdam.

23 April x41
den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen,

Punt 4 van den brief luidt: "Het verkoopverbod van aardappelen voor den groentenhandel wordt opgeheven".

Ten aanzien van het onderhavige punt moge ik U verwijzen naar mijn brief van 9 Maart 1939 No.65/5/1 M. inzake de regeling van den aardappelverkoop op de Centrale Markt, in welk rapport ik een uitvoerig overzicht van den gang van zaken heb gegeven. Tot een definitieve beslissing is het echter voor wat de onderhavige aangelegenheid betreft nog nimmer gekomen. Ik kan ten aanzien van den verkoop van aardappelen op de Centrale Markt nog meedeelen, dat hierbij een geheel nieuw element naar voren is gekomen ten gevolge van de door de Rijksoverheid getroffen maatregelen voor de distributie van aardappelen van den groothandel aan den kleinhandel. Zooals U bekend is, worden de aardappelen thans door de V.B.N.A. (waarbij alle aardappelgrossiers moeten zijn aangesloten) verdeeld onder de leden van "Centraal Belang" (de vereeniging, waarbij alle kleinhandelaren in aardappelen moeten zijn aangesloten). Deze regeling geldt voor de winter-aardappelen en er is thans nog niets bekend hoe de regeling zal worden voor de zomeraardappelen. Ik blijf hieraan echter mijn aandacht schenken en zoodra terzake maatregelen door de Rijksoverheid zullen worden getroffen, zal ik de onderhavige aangelegenheid opnieuw met de belanghebbenden opnemen.

Punt 5 van den brief luidt: "Het Marktwezen bevordere in overleg met de organisatie van groothandel de instelling van centrale inneming van ledige emballage".

Ik acht het een verheugend verschijnsel, dat de groothandel thans aandringt op het nemen van maatregelen ten aanzien van het centraal innemen van emballage. Met uitzondering van de grossiers van pier C, die gezamenlijk sedert Mei 1937 een regeling hebben getroffen voor het centraal innemen van hun emballage, welke regeling zeer bevredigend werkt, neemt tot nu toe iedere grossier in den groentehoek het ledige fust van de koopers op zijn eigen verkoopplaats in ontvangst, hetgeen veel overlast, tijdverlies en contrôle voor die grossiers medebrengt. Door deze inname van leeg fust te centraliseeren op bepaalde punten, wordt aan de hier geschetste bezwaren tegemoet gekomen en wordt de orde op de markt gediend. Ik heb dan ook herhaaldelijk het stelsel van centrale inname van emballage bij den handel bepleit; voor het eerst, vóór de opening der Centrale Markt in 1934; de handel voelde toen echter nog niets voor een dergelijk plan en wilde eerst de practijk eens afwachten. Ook de laatste jaren is het onderhavige vraagstuk herhaaldelijk met den handel besproken, zonder dat nochtans een algeheele oplossing ervoor kon worden gevonden. De moeilijkheden waren voornamelijk van financieelen aard, terwijl voorts de groote verscheidenheid van fustsoorten, vooral bij de tuinders, een belemmering vormden. Naar mijn meening, en dit werd reeds in bovenvermelde voordracht van December 1922 naar voren gebracht, moet het vraagstuk landelijk worden geregeld en wel door standaardisatie der producten en verpakking, terwijl anderzijds de bevordering van het gebruik van eenmalig fust, waar dit slechts even mogelijk is, belangrijk tot de oplossing der op dit terrein bestaande moeilijkheden zal bijdragen. Dit document is een ambtelijk verslag of advies aan de Amsterdamse wethouder voor Levensmiddelen. Het behandelt twee specifieke punten uit een eerdere brief:

  1. Aardappelhandel (Punt 4): De schrijver reageert op het opheffen van het verkoopverbod voor aardappelen in de groentehandel. Hij wijst op de complexiteit door nieuwe distributiemaatregelen van de Rijksoverheid. De handel is nu strikt georganiseerd via de V.B.N.A. (voor grossiers) en "Centraal Belang" (voor kleinhandelaren). Er is onzekerheid over hoe de regels voor de komende oogst (zomeraardappelen) eruit zullen zien.
  2. Emballagebeheer (Punt 5): Er is een pleidooi voor het centraal innemen van leeg fust (kratten, kisten) op de Centrale Markt. Momenteel gebeurt dit nog per individuele grossier, wat inefficiënt is. De schrijver wijst erop dat hij dit al sinds 1922 en 1934 propageert. De voorgestelde oplossingen zijn landelijke standaardisatie van verpakkingen en het gebruik van wegwerpverpakkingen ("eenmalig fust"). De datum van het document, 23 april 1941, is cruciaal voor het begrip ervan. Nederland bevond zich midden in de Duitse bezetting. De genoemde "Rijksoverheid" stond onder direct gezag van de bezetter, die een strikt systeem van distributie en rantsoenering invoerde om de voedselvoorziening te controleren (en deels af te romen voor Duitsland).

De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam (geopend in 1934, zoals in de tekst vermeld) was het hart van de voedseldistributie voor de stad. De genoemde organisaties zoals de V.B.N.A. (Vereniging van Bonden van Aardappelhandelaren) werden in deze periode ingeschakeld om de door de overheid opgelegde distributieregels uit te voeren. De discussie over emballage toont aan dat, ondanks de oorlogsomstandigheden, de normale bedrijfsvoering en de zoektocht naar efficiëntie op de markt doorgingen, waarbij oude knelpunten (zoals de enorme variëteit aan niet-gestandaardiseerde kisten van tuinders) nog steeds actueel waren.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk verslag of advies aan de Amsterdamse wethouder voor Levensmiddelen. Het behandelt twee specifieke punten uit een eerdere brief:

  1. Aardappelhandel (Punt 4): De schrijver reageert op het opheffen van het verkoopverbod voor aardappelen in de groentehandel. Hij wijst op de complexiteit door nieuwe distributiemaatregelen van de Rijksoverheid. De handel is nu strikt georganiseerd via de V.B.N.A. (voor grossiers) en "Centraal Belang" (voor kleinhandelaren). Er is onzekerheid over hoe de regels voor de komende oogst (zomeraardappelen) eruit zullen zien.
  2. Emballagebeheer (Punt 5): Er is een pleidooi voor het centraal innemen van leeg fust (kratten, kisten) op de Centrale Markt. Momenteel gebeurt dit nog per individuele grossier, wat inefficiënt is. De schrijver wijst erop dat hij dit al sinds 1922 en 1934 propageert. De voorgestelde oplossingen zijn landelijke standaardisatie van verpakkingen en het gebruik van wegwerpverpakkingen ("eenmalig fust").

Historische Context

De datum van het document, 23 april 1941, is cruciaal voor het begrip ervan. Nederland bevond zich midden in de Duitse bezetting. De genoemde "Rijksoverheid" stond onder direct gezag van de bezetter, die een strikt systeem van distributie en rantsoenering invoerde om de voedselvoorziening te controleren (en deels af te romen voor Duitsland).

De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam (geopend in 1934, zoals in de tekst vermeld) was het hart van de voedseldistributie voor de stad. De genoemde organisaties zoals de V.B.N.A. (Vereniging van Bonden van Aardappelhandelaren) werden in deze periode ingeschakeld om de door de overheid opgelegde distributieregels uit te voeren. De discussie over emballage toont aan dat, ondanks de oorlogsomstandigheden, de normale bedrijfsvoering en de zoektocht naar efficiëntie op de markt doorgingen, waarbij oude knelpunten (zoals de enorme variëteit aan niet-gestandaardiseerde kisten van tuinders) nog steeds actueel waren.

Locaties

Amsterdam.

Kooplieden in dit dossier 100

A. Cosman Waterlooplein "
A. Cosman Waterlooplein "
A. Poortje Uilenburg
A. Poortje Uilenburg
A. Poortje Uilenburg
A.v. Velzen Uilenburg "
A.v. Velzen Uilenburg "
B.A.Bouw
Barend Barend Uilenburg
Barend Barend Uilenburg
B. Barend Uilenburg
B. Kroese Uilenburg
B. Kroese Uilenburg
B. Kroese Uilenburg
B. Meents Uilenburg
B. Meents Uilenburg
B. Moffie Waterlooplein "
B. Moffie Waterlooplein "
B. Nebig Uilenburg
B. Nebig Uilenburg
B. Nebig Uilenburg
P. Langendijkstr Uilenburg 7
B. van Thijn Waterlooplein "
B. van Thijn Waterlooplein "
B. van Thijn Waterlooplein "
B. Wittenburg Uilenburg
C.Pas
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6