Handgeschreven memo/kladblad met inventarisatiegegevens.
Origineel
Handgeschreven memo/kladblad met inventarisatiegegevens. 6 juni 1940. [Rechtsboven:] 6 Juni ’40
Beantwoording circulaire Ned. Veebond en Centrale
a. Naam en adres invullen op de betreffende formulieren
b. Beschikbare ruimte koelhuis, volgende opgave doen (m.i. geen gebruik maken van formulieren Veebond en Centrale)
[Lijn met aanwijsteken/driehoekje]
Totale ~~vrije ruimte koelhuis~~ inhoud van de machinale gekoelde ruimte per m3 berekend uit de buitenmaten:
- Ruimte begane grond: 1295 m³
- ~~Algemene~~ Ruimte 1e verdieping: 1035 "
- Cel 1 1e " : 110 "
- " 2 1e " : 110 "
- " 3 1e " : 110 "
- " 4 1e " : 110 "
- " 5 1e " : 110 "
- ~~Algemene~~ Ruimte 2e " : 1035 "
- Cel 6 2e " : 110 "
- " 7 2e " : 110 "
- " 8 2e " : 110 "
- " 9 2e " : 110 "
- " 10 2e " : 110 "
- Ruimte 3e " : 1660 "
- " 4e " : 1930 "
Totaal: 8055 m³
Opmerkingen
No 1 Ruimte begane grond is voorkoel- resp. tempereerruimte maar wordt ook gebruikt als koelruimte.
Nos 5 en 11 (resp. cellen 3 en 8) zijn koelcellen maar kunnen indien nodig worden gebruikt zijn tevens ingericht als vriescellen. Het document is een interne instructie of een voorbereidend kladschrift voor het rapporteren van de beschikbare koelcapaciteit aan het "Ned. Veebond en Centrale" (Nederlandse Bond van de Veehouderij). De auteur geeft aan dat de officiële formulieren van die instantie wellicht niet ideaal zijn voor deze specifieke opgave (zie punt b).
De kern van het document is een gedetailleerde lijst van ruimtes en cellen, verdeeld over vijf lagen (begane grond t/m 4e verdieping). Per ruimte wordt de inhoud in kubieke meters (m³) gegeven, berekend op basis van de buitenmaten. De totale gekoelde capaciteit van het betreffende pand bedraagt 8055 m³.
De opmerkingen onderaan verduidelijken de functie van specifieke ruimtes:
* De begane grond fungeert primair voor het voorkoelen en tempereren, maar telt mee als koelruimte.
* Twee specifieke cellen (3 en 8) zijn multifunctioneel en kunnen ook als vriescel dienen. De datum van het document, 6 juni 1940, is zeer significant. Het is minder dan een maand na de Nederlandse capitulatie (15 mei 1940) aan het begin van de Duitse bezetting.
Tijdens de vroege fase van de bezetting begon de Duitse overheid direct met het inventariseren van de voedselvoorraden en de logistieke infrastructuur (zoals koelhuizen) om de voedselvoorziening te controleren en te stroomlijnen voor oorlogsdoeleinden. De "Ned. Veebond" speelde hierin een rol als koepelorganisatie. Dit document weerspiegelt de bureaucratische realiteit van die eerste weken, waarbij bedrijven en instanties gedetailleerde cijfers moesten aanleveren over hun opslagcapaciteit.