Politierapport / Proces-verbaal (verslag van bevindingen).
Origineel
Politierapport / Proces-verbaal (verslag van bevindingen). 1941 (exacte dag niet vermeld, tekst spreekt over "Hedenmiddag"). N° 72/7/1 M. 1941 1/2
Inschrijvingen [?]
Rapport.
Hedenmiddag te ongeveer 2.50 uur zag ik op
de hoek van de 1e Jan v/d Heydenstraat en Ferdinand
Bolstraat een bakfiets staan, beladen met anthraciet-
gruisblokken. Tevens waren op deze bakfiets 3 kaar-
ten geplaatst, waarop men deze brandstof aan een
zeker adres kon bestellen. Daar niemand aanwezig
was bij genoemde bakfiets, heb ik na eenigen tijd
gewacht te hebben, de kaarten van deze bakfiets
verwijderd, en deze, voor het publiek onleesbaar, op
de bakfiets neergelegd. Op de bakfiets stond het a-
dres van den eigenaar (Albert Cuypstr 220.) Om te
weten aan wie hij de bakfiets had verhuurd, ben ik
naar dat adres gegaan. Deze verhuurder gaf mij te
kennen dat hij de bakfiets had verhuurd aan Piet
Scheen, hij verklaarde mij verder dat Scheen een markt-
koopman was. Ik heb toen mijn onderzoek verder
uitgestrekt naar den Heer Moerkerken. Toen ik nog
geen naam genoemd had, verklaarde heer Moerkerken
al dadelijk, dat is P. Scheen. „Vraag nu verder maar
even aan Bekkering.” Ook heer Bekkering zeide direct
ook, dat is Scheen. Den Heer Moerkerken heeft mij
toen verder de volgende gegevens verstrekt.
De juiste naam van Scheen is Petrus Joseph Scheen Het document is een ambtelijk rapport waarin een opsporingsambtenaar verslag doet van de ontdekking van een onbeheerde bakfiets met brandstof (antraciet-gruisblokken). De bakfiets werd gebruikt als mobiel reclamebord of bestelpunt, waarbij klanten via kaartjes brandstof konden bestellen bij een specifiek adres. De ambtenaar heeft de kaartjes verwijderd om verdere bestellingen door het publiek te voorkomen en is vervolgens een onderzoek gestart naar de verantwoordelijke persoon. Via de eigenaar van de bakfiets (gevestigd aan de Albert Cuypstraat) en getuigen (Moerkerken en Bekkering) wordt de verdachte geïdentificeerd als de marktkoopman Petrus Joseph Scheen. Het document dateert uit 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er sprake van toenemende schaarste en was brandstof (zoals antraciet) streng gerantsoeneerd. Het illegaal verhandelen van brandstof buiten het officiële bonnensysteem om was een ernstig economisch delict. De actie van de ambtenaar — het onleesbaar maken van de bestelkaarten — duidt op het bestrijden van de zwarte handel. De locatie, de Amsterdamse wijk 'De Pijp' (nabij de Albert Cuypmarkt), was een bekend centrum voor zowel legale als illegale handel in die tijd. Het rapport is vermoedelijk opgesteld door de politie of een inspecteur van de CCD (Crisis Controle Dienst). P. Scheen Politie