Doorslag (carbonkopie) van een verzamel-aanmaning voor onbetaalde marktgeld-nota’s.
Origineel
Doorslag (carbonkopie) van een verzamel-aanmaning voor onbetaalde marktgeld-nota’s. 11 oktober 1941. [Handgeschreven in blauw potlood, rechtsboven:]
le Dupl.
[Handgeschreven in potlood, linksboven:]
14/10 f 2.70 bet
7.50 14/10 bes [mogelijk: betaald of besteld]
f 10.- 13/10 bet
[Getypt:]
Gezonden aan: S.Abram - Joden Houttuinen 42a f 2,70
L.M.Geerling - A.Cuypstr.143 f 5,50
A.Jansen - Lindenstraat 93 f 3,21
S.Schelvis - Waterlooplein 56 f 9,25
[S.Schelvis is met rood potlood onderstreept]
GS/1/40 m 11 October 1941.
Hiermede breng ik onder Uw aandacht, dat U op 4 October
jl. terzake van het plaatsen van kramen e.d. op de markten een
bedrag van f aan mijn dienst verschuldigd is.
Ik geef U thans alsnog de gelegenheid dit bedrag binnen
vier dagen na dato dezes te betalen bij den kassier van mijn
dienst, bij gebreke waarvan ik het Gemeentebestuur zal voor-
stellen de U verleende vergunning in te trekken.
De Directeur, Dit document is een administratief afschrift van een standaard aanmaningsbrief die naar vier verschillende markthandelaren is gestuurd. De brief sommeert hen om binnen vier dagen achterstallig marktgeld te betalen voor kramen die op 4 oktober 1941 zijn geplaatst. Indien de betaling uitblijft, dreigt de directeur van de dienst de marktvergunning in te trekken.
De handgeschreven aantekeningen in de linkerbovenhoek lijken latere administratieve verwerkingen te zijn, waarbij data (13/10 en 14/10) en bedragen zijn genoteerd, waarschijnlijk op het moment dat de betalingen alsnog binnenkwamen. De rode onderstreping bij S. Schelvis duidt mogelijk op een specifieke status van deze vordering. Het document dateert uit oktober 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De genoemde locaties, zoals de Joden Houttuinen en het Waterlooplein, lagen in het hart van de Amsterdamse Jodenbuurt. In deze periode werden Joodse Amsterdammers steeds verder geïsoleerd en beperkt in hun beroepsuitoefening.
Voor Joodse marktkooplieden, zoals S. Abram en S. Schelvis (een bekende naam in de Joodse gemeenschap van Amsterdam), was de marktvergunning hun enige bron van inkomsten. De dreiging om de vergunning in te trekken wegens een relatief klein bedrag aan marktgeld illustreert de precaire economische positie waarin zij zich bevonden onder het regime van de bezetter en de meewerkende gemeentelijke bureaucreatie. De Joden Houttuinen was een straat die na de oorlog vrijwel geheel gesloopt is, wat dit document tevens een topografisch-historische waarde geeft. S. Abram L.M. Geerling A. Jansen S. Schelvis. Gemeente Amsterdam Marktwezen