L.M. Geerling
Bekijk Verhaal ➔AI-Synthese 55
Maurits Agsteribbe (geb. 1903) was een fruitkoopman op de Waterloopleinmarkt. In 1939 aangehouden wegens kruimeldiefstal. In 1942 moest hij zijn standplaats op de Centrale Markthallen beëindigen, waarschijnlijk door arisering. Overleed in maart 1943.
Lotgevallen
Relaties
Handel
Archiefdocumenten
Getypte officiële kennisgeving met handgeschreven kanttekeningen.
Dit document is een formele waarschuwing gericht aan de heer L.M. Geerling betreffende de achterstallige betaling van 'kramengeld'. Kramengeld is de belasting of vergoeding die marktkooplieden aan de gemeente betalen voor het huren van een staanplaats op een markt. De geadresseerde woonde aan de Albert Cuypstraat 143. Aangezien de Albert Cuypmarkt een van de bekendste dagmarkten van Amsterdam is (en was), ligt het zeer voor de hand dat de heer Geerling daar een marktkraam exploiteerde. De vermelding "Vrijdag 13 October a.s." onderaan het document fungeert waarschijnlijk als een uiterste betaaldatum of een herinnering aan de eerstvolgende marktdag waarop de schuld voldaan moet zijn. De handgeschreven notitie "Verzonden 11/10-39" bevestigt dat de brief op de dag van datering direct is uitgestuurd. De afkorting "HG." bovenaan kan staan voor 'Hooggeachte' of een specifieke administratieve afdeling.
Betalingsherinnering/waarschuwing (doorslag of kopie).
Het document is een officiële schriftelijke waarschuwing gericht aan een marktkoopman of bewoner van de Albert Cuypstraat voor het niet tijdig betalen van het zogenaamde 'kramengeld' (staangeld voor een marktkraam). Opvallend zijn de handgeschreven toevoegingen die duiden op de administratieve afhandeling: * De aantekening **"kas betaald f 6.-"** geeft aan dat de schuld van 6 gulden inmiddels is voldaan. * De datum **"13/10 39"** links duidt waarschijnlijk op de dag van betaling of verwerking, twee dagen na de dagtekening van de brief. * De vermelding **"Wijk 14"** was de indeling van de stad Amsterdam voor marktzaken of belastingheffing in die periode.
Getypte officiële brief/waarschuwing.
* **Inhoud:** Het betreft een officiële schriftelijke waarschuwing voor de betaling van kramengeld (marktgeld). De geadresseerde, de heer Geerling, woonde aan de Albert Cuypstraat, de bekendste marktstraat van Amsterdam. * **Administratieve verwerking:** Het document bevat diverse dossiernummers en referentiecodes, wat duidt op een strakke bureaucratische afhandeling. * **Annotaties:** De handgeschreven aantekeningen lijken te duiden op de afwikkeling: "f 5.-" is waarschijnlijk het verschuldigde bedrag, en "per kas" met de datum "11/11" (overeenkomend met de deadline in de brief) suggereert dat de betaling op die dag contant is voldaan. * **Toon:** Formeel, zakelijk en dwingend.
Zakelijke brief/betalingsherinnering (mogelijk van de gemeente of marktwezen).
Dit document is een officiële kennisgeving of rekening voor "verschuldigd kramengeld", gericht aan de heer L.M. Geerling. De heer Geerling woonde aan de Albert Cuypstraat, een locatie die onlosmakelijk verbonden is met de beroemde Albert Cuypmarkt in Amsterdam. Opvallend is de handgeschreven notitie aan de linkerkant: "Betaald per kas 20/11 f 5.-". Dit suggereert dat het bedrag van 5 gulden al twee dagen vóór de officiële datum van de brief (22 november) contant is voldaan. De brief lijkt dus een administratieve vastlegging of een herinnering die de betaling heeft gekruist. De vermelding "Zaterdag 25 November a.s." onderaan suggereert mogelijk een uiterste betaaldatum of de marktdag waarop de schuld betrekking had. De verwijzing naar "Wijk 14" duidt op de toenmalige administratieve indeling van Amsterdam voor marktbeheer of belastingheffing.
Typoscript (getypte zakelijke brief/doorslag).
* **Aard van het bericht:** Dit is een formele, schriftelijke waarschuwing gericht aan een individu betreffende een betalingsachterstand. Het betreft "kramengeld", wat de vergoeding is die een marktkoopman betaalt voor het huren van een standplaats of kraam op een openbare markt. * **Structuur:** Het document is uiterst beknopt. In plaats van een volledige brieftekst, worden enkel de hoognodige gegevens vermeld: de schuldenaar, het onderwerp, en de relevante deadline (Zaterdag 9 december a.s.). Dit duidt op een standaard administratieve procedure. * **Annotaties:** De handgeschreven tekst "Verzonden 7/12 -'39" fungeert als bewijs van verzending voor de administratie. De notitie "1 ex. hr. Müller" suggereert dat een kopie van deze waarschuwing ter attentie van een specifieke functionaris (mogelijk een inspecteur of afdelingshoofd) is gesteld. * **Locatie:** De geadresseerde woont aan de Albert Cuypstraat. Gezien het onderwerp "kramengeld" is het vrijwel zeker dat dit betrekking heeft op een standplaats op de Albert Cuypmarkt.
Officiële waarschuwing (betalingsherinnering).
Dit document is een formele waarschuwing gericht aan de heer L.M. Geerling voor de betaling van "kramengeld". Kramengeld was de belasting of vergoeding die marktkooplieden betaalden aan de gemeente voor het recht om een standplaats in te nemen op een openbare markt. Het adres van de ontvanger, Albert Cuypstraat 143, bevestigt de directe link met de beroemde Albert Cuypmarkt in Amsterdam-Zuid. De brief stelt een deadline voor de betaling op zaterdag 9 december (a.s. staat voor 'aanstaande'). De administratieve kenmerken ("Wijk 14", "Letter FX") en de handgeschreven kanttekeningen wijzen op een strak gereguleerd gemeentelijk administratiesysteem.
Document
De brief is een formele en dringende oproep aan de heer D. Ton om zich te melden bij de directeur. De reden voor dit gesprek is de betaling van het "kramengeld". Kramengeld was de vergoeding die marktkooplieden verschuldigd waren aan de gemeente voor het huren van een standplaats op de openbare markt. Het feit dat er bovenaan de brief vier andere namen en adressen staan (S. Schelvis, L.M. Geerling, J. Brand en F. Wayeret), wijst erop dat dit een standaardbrief was die naar meerdere personen met een betalingsachterstand werd gestuurd. De handgeschreven notitie "verzonden 26/1" bevestigt dat de brief de dag na de type-datum is gepost. De schrijfstijl ("te mynen kantore") is kenmerkend voor de ambtelijke taal van voor de oorlog.
Getypte brief/oproeping op briefpapier.
Deze brief is een zakelijke en dringende oproep van een directeur aan een marktkoopman (de heer D. Ton) om op het kantoor te verschijnen. De aanleiding is een probleem met de betaling van het "kramengeld" (staangeld voor een marktkraam). De toon is formeel en gebiedend ("verzoek ik U... te komen"). Het document bevat een lijst met vier andere namen en adressen linksboven, wat aangeeft dat deze personen een gelijkaardige brief hebben ontvangen. De adressen (Waterlooplein, Albert Cuypstraat, 1e Van der Helststraat) zijn bekende locaties van Amsterdamse markten, wat de veronderstelling bevestigt dat het hier om marktkooplieden gaat. De spelling is conform de toenmalige standaard (bijv. "mynen", "Wyk").
Zakelijke brief / Officiële aanmaning.
* **Taal en spelling:** Het document is geschreven in de vooroorlogse spelling (bijv. "vrydag", "mynen", "terwyl", "zyn"). De toon is formeel, dwingend en ambtelijk. * **Inhoud:** Het betreft een laatste waarschuwing aan een kramenverhuurder (L.M. Geerling). Hij heeft nagelaten standplaatsgeld te betalen en zijn vergunningen op te halen. De directeur sommeert hem tot een gesprek op het kantoor aan de Jan van Galenstraat. * **Sancties:** De brief is zeer expliciet over de gevolgen van het niet verschijnen: uitsluiting van de markt. De vermelding dat zijn huurders hun kramen dan elders moeten betrekken, vormt een zwaar economisch pressiemiddel. * **Markeringen:** Er zijn handgeschreven schuine strepen (/) geplaatst rond de zinsnede over de niet afgehaalde vergunning. Dit wijst er waarschijnlijk op dat dit specifieke feit extra aandacht behoefde of een verzwarende omstandigheid vormde in het dossier.
Officiële brief/sommatie van de marktmeester/directeur van de marktdienst.
Deze brief is een formele sommatie aan de heer L.M. Geerling, die blijkbaar kramen verhuurt of exploiteert op de Amsterdamse markten (waarschijnlijk de Albert Cuypmarkt, gezien zijn adres). De directeur van de marktdienst constateert twee overtredingen: 1. Het niet betalen van het verschuldigde standplaatsgeld, ondanks eerdere waarschuwingen. 2. Het niet afhalen van de noodzakelijke vergunning voor het plaatsen van kramen. De toon is dwingend: Geerling wordt ontboden op het kantoor aan de Jan van Galenstraat (de zetel van de Centrale Markthallen). De sanctie bij het niet verschijnen is een onmiddellijk verbod op de markt vanaf de eerstvolgende maandag. Dit zou niet alleen Geerling treffen, maar ook zijn onderhuurders. De handgeschreven aantekening links laat zien dat de sommatie effect had. Geerling is op de bewuste vrijdag (24-2-39) verschenen, heeft een aanbetaling van 6 gulden gedaan en er is een betalingsregeling getroffen van 2,50 gulden per week.
Officiële brief (doorslag/kopie).
Deze brief is een dwingende aanmaning gericht aan de heer L.M. Geerling voor openstaande schulden aan de gemeente Amsterdam. De schuld betreft 'standplaatsgeld' en 'kramengeld'. Uit de tekst ("Uw huurders") valt op te maken dat de heer Geerling optrad als exploitant of verhuurder van marktkramen. De toon is uiterst formeel en bevat een direct dreigement: als de schuld niet binnen vier dagen (vóór maandag 10 juli) wordt voldaan bij het kantoor aan de Jan van Galenstraat, zal de directeur bij het college van Burgemeester en Wethouders aandringen op het intrekken van de vergunning. Dit zou betekenen dat de kramen van de heer Geerling niet langer op de Amsterdamse markten toegelaten zouden worden, wat een direct einde aan zijn bedrijfsvoering zou betekenen.
Officiële brief/betalingsherinnering.
* **Inhoud:** De brief is een sommatie tot betaling van achterstallig standplaatsgeld en kramengeld. De directeur stelt een harde deadline van 10 juli 1939. * **Toon:** Formeel, zakelijk en dreigend. Er wordt direct gewezen op de zware sancties bij niet-betaling: intrekking van de exploitatievergunning en uitsluiting van de markten. * **Administratieve details:** Het adres Jan van Galenstraat 14 in Amsterdam was (en is deels nog steeds) de locatie van de Centrale Markthallen, het administratieve en logistieke hart van de Amsterdamse markthandel. * **Adressering:** De heer Geerling woonde aan de Albert Cuypstraat, de bekendste marktstraat van Amsterdam, wat suggereert dat zijn zakelijke activiteiten ook daar geconcentreerd waren.
Zakelijke brief / Aanmaning
Deze brief betreft een officiële ingebrekestelling gericht aan de heer L.M. Geerling. De essentie van het schrijven is een sommatie tot betaling van achterstallig "standplaatsgeld" voor marktkramen. De toon is strikt zakelijk en dwingend. Er wordt een harde deadline gesteld (maandag 10 juli 1939). Bij niet-betaling dreigt de directeur met een voordracht aan het college van Burgemeester en Wethouders (B&W) om de vergunning voor het plaatsen van kramen in te trekken. Opvallend is dat de heer Geerling blijkbaar optreedt als verhuurder van kramen ("Uw huurders zullen dan verplicht zijn..."). Dit suggereert dat hij een commerciële exploitant was die kramen verhuurde aan marktkooplieden, en niet slechts een individuele standplaatshouder. De rode onderstrepingen accentueren de kritieke informatie: de uiterste datum en de locatie waar de betaling moet worden voldaan.
Oproepbrief/sommatie.
* **Taalgebruik:** Het taalgebruik is formeel en direct. De zinsnede "te mijnen kantore te willen komen" is typisch voor de ambtelijke correspondentie van die tijd. * **Toon:** De brief heeft een dwingend karakter. Hoewel het als een "verzoek" wordt geformuleerd, laat de onderstreepte slotzin ("UW KOMST IS, IN UW EIGEN BELANG, DRINGEND GEWENSCHT") er geen twijfel over bestaan dat dit een bevel is. De toevoeging "in uw eigen belang" is een vaker gebruikte bureaucratische formulering om medewerking af te dwingen zonder direct met sancties te dreigen. * **Handgeschreven toevoegingen:** De notitie "verzonden 24/3" duidt op een administratieve handeling op de dag van datering. De namen onderaan ("W Hoek" en "Uilenburg") verwijzen waarschijnlijk naar de behandelend ambtenaren of getuigen van het dossier.
Getypte brief (oproep).
* **Toon en stijl:** De brief is kort, zakelijk en uiterst dwingend. Het gebruik van archaïsche spelling zoals "Hiermede", "v.m." (voormiddag) en "mijnen kantore" is typerend voor de officiële correspondentie van die tijd. * **Urgentie:** De brief is gedateerd op vrijdag 24 maart en de afspraak is al de eerstvolgende maandag. De handgeschreven notitie "Extra" en de afsluitende zin in hoofdletters en onderstreping ("DRINGEND GEWENSCHT") wijzen op een zaak met een hoge prioriteit of ernst. * **Vormgeving:** Het document volgt de standaard lay-out voor zakelijke brieven uit de jaren '30, waarbij de adresgegevens van de ontvanger rechtsboven de tekst zijn geplaatst. * **Inhoudelijke kern:** Het betreft een formele oproep voor een persoonlijke verschijning op het kantoor van 'De Directeur'. De vage maar dreigende formulering "in uw eigen belang" werd vaak gebruikt door officiële instanties om medewerking af te dwingen zonder de exacte reden van de oproep direct prijs te geven.
Archiefkaart / Dossierfiche.
De kaart bevat een korte, zakelijke maar subjectief gekleurde notitie over de heer of mevrouw L.M. Geerling. De opmerking "ondanks alle beloften thans weer met schuld geëindigd" duidt op een dossier waarin recidive op het gebied van schulden of het niet nakomen van financiële afspraken centraal staat. De datum 21 maart 1939 komt twee keer voor. Het genoemde bedrag van 3,62 gulden lijkt naar moderne maatstaven gering, maar was in 1939 voor een instantie blijkbaar relevant genoeg om te archiveren. De afkorting "Rep. Di." verwijst vermoedelijk naar een "Repertoire Dienst" of een specifiek register waarin de zaak is opgenomen.
Administratieve waarschuwing (betalingsherinnering).
* **Inhoud:** Het document dient als een officiële maar summiere waarschuwing aan een marktkoopman (de heer Geerling) om achterstallig "kramengeld" te betalen. Kramengeld is de vergoeding die een koopman betaalt voor het huren van een standplaats op een openbare markt. * **Vorm:** Het document is zeer beknopt en functioneert bijna als een strooibiljet of een kort memo. De deadline voor betaling wordt expliciet gesteld op maandag 25 september (1939). * **Annotaties:** De handgeschreven opmerking "Verzonden 21/9-'39" geeft aan dat de brief op de dag van datering daadwerkelijk de deur uit is gegaan. De naam "Fr. Müller" rechtsboven kan verwijzen naar de behandelend ambtenaar of een inspecteur. * **Adres:** De ontvanger woonde aan de Albert Cuypstraat. Dit is cruciaal, aangezien deze straat de locatie is van de beroemde Albert Cuypmarkt. Het is waarschijnlijk dat de heer Geerling zijn kraam direct voor of nabij zijn eigen woning had.
Dienstbrief / Officiële waarschuwing (doorslag of concept).
Dit document is een formele waarschuwing gericht aan een marktkraamhouder of bewoner van de Albert Cuypstraat in Amsterdam. Het onderwerp "Waarschuwing betaling kramengeld" duidt op een achterstand in de betaling van de staanplaatsvergoeding voor de markt. De opbouw is typisch voor de administratie van de vroege 20e eeuw: * **Kenmerken:** Dossiernummer (85/6/4 M) en een formuliernummer (Letter No. FX) voor efficiënte verwerking. * **Datering:** Het document is opgesteld op 17 januari, maar de handgeschreven krabbel "Verzonden 18/1 -'40" laat zien wanneer het daadwerkelijk de deur uit is gegaan. * **Deadline:** Onderaan staat "20 Januari a.s." (aanstaande), wat suggereert dat de ontvanger slechts twee dagen na ontvangst had om de betaling te voldoen. * **Locatie:** De Albert Cuypstraat is historisch verbonden aan de beroemde dagmarkt (geopend in 1905). "Amsterdam-Z. Wijk 14" verwijst naar de oude wijkindeling van de stad.
Officieel schrijven/waarschuwingsbericht (waarschijnlijk een doorslag of administratief afschrift).
Dit document is een formele waarschuwing gericht aan de heer L.M. Geerling betreffende de betaling van 'kramengeld'. Kramengeld is de belasting of staanplaatsvergoeding die marktkooplieden aan de gemeente moeten betalen voor het recht om een kraam op de openbare weg te plaatsen. De brief is gedateerd op 17 januari 1940 en kondigt blijkbaar een actie of uiterste termijn aan voor "20 Januari a.s." (aanstaande). De ontvanger woonde aan de Albert Cuypstraat 143, wat direct aan de beroemde Albert Cuypmarkt ligt. Dit suggereert dat de heer Geerling daar een vaste standplaats had of direct betrokken was bij de handel aldaar. De diverse codes ("85/6/4 M.", "Letter No. FX.", "Wijk 14.") wijzen op een strikte administratieve ordening door de uitvaardigende instantie. De handgeschreven notitie "extra" zou kunnen duiden op een herhaalde waarschuwing of een speciale status van dit dossier.
Dienstmededeling/waarschuwing.
* **Inhoud:** Het document is een officiële waarschuwing gericht aan de heer L.M. Geerling betreffende de betaling van "kramengeld". Kramengeld is de belasting of vergoeding die marktkooplui moeten betalen voor het gebruik van een staanplaats op een openbare markt. * **Locatie:** De ontvanger woonde op de Albert Cuypstraat 143. Gezien de Albert Cuypmarkt de bekendste markt van Amsterdam is, is het zeer waarschijnlijk dat de heer Geerling daar een vaste standplaats had. * **Administratieve proces:** Het document is gedateerd op 6 maart 1940, met een handgeschreven bevestiging dat het op diezelfde dag is verzonden. De vermelding van "9 Maart 1940" en "Zaterdag" onderaan duidt mogelijk op een uiterste betaaltermijn of een datum voor een vervolgactie. * **Functarissen:** De naam "L. Müller" rechtsboven verwijst vermoedelijk naar de behandelend ambtenaar of de controleur die het dossier beheerde.
Officiële waarschuwing / Betalingsherinnering
Dit document is een formele waarschuwing gericht aan de heer L.M. Geerling voor de betaling van "kramengeld". Het kramengeld is de marktbelasting die marktkooplieden moesten betalen voor het innemen van een standplaats op de openbare weg. De ontvanger woonde op de Albert Cuypstraat 143, wat direct grenst aan de beroemde Albert Cuypmarkt. Dit suggereert dat de heer Geerling daar een marktkraam hield. De handgeschreven notitie in de kantlijn ("Betaald per go 11 Maart ƒ 5.-") is een administratieve aantekening die bevestigt dat de betaling van 5 gulden op 11 maart 1940 is voldaan via giro (go). De datum onderaan (9 Maart 1940 Zaterdag) was waarschijnlijk de uiterste betaaltermijn of de datum waarop de volgende actie zou worden ondernomen. De afkorting "DV." bovenin zou kunnen staan voor "Dienst Verordeningen" of een vergelijkbare gemeentelijke afdeling.
Officiële waarschuwing (briefkaart of briefgedeelte).
Dit document is een formele waarschuwing aan de heer L.M. Geerling voor de betaling van "kramengeld". Kramengeld is de staanplaatsvergoeding die marktkooplieden moeten betalen aan de gemeente of marktkantoor voor hun plek op de markt. Gezien het adres van de ontvanger (Albert Cuypstraat), is het zeer aannemelijk dat hij een koopman was op de Albert Cuypmarkt. De brief is gedateerd op 28 maart 1940 en vermeldt dat de betaling uiterlijk op "Maandag 1 April a.s." voldaan moet zijn. Er zijn diverse administratieve kenmerken zichtbaar, waaronder een dossiernummer en een wijkindeling ("Wijk 14"). De handgeschreven aantekening "Verzonden 28/3-40" bevestigt de verzenddatum. De notitie "ex. Mr. Müller" kan verwijzen naar een kopie voor een dossier of naar een specifieke beheerder/jurist.
Administratief overzicht van achterstallige betalingen (schuldenlijst).
* **Inhoud:** Het document betreft een sommatie of intern memo over marktkooplieden ("vergunninghouders") van de Amsterdamse Centrale Markt die hun staangeld (kraamgeld) niet hebben betaald. De lijst bevat namen, adressen en de exacte schuldbedragen in guldens. * **Opvallende posten:** De hoogste schulden staan op naam van J. Brand (f 26,64) en L.M. Geerling (f 26,24). Dit verklaart de specifieke vermelding van deze twee namen in de kanttekening rechtsboven. * **Bureaucratische afhandeling:** De verschillende kleuren inkt en stempels tonen de weg die het document door de administratie heeft afgelegd. De groene tekst van 20 juni is een ambtelijk advies (waarschijnlijk van een controleur of administrateur 'JHD'), waarop de notitie van 24 juni reageert met een concreet besluit: betalen of de vergunning wordt ingetrokken. * **Status van betaling:** De rode lijn door de naam van J. Gleysman suggereert dat deze persoon in de tussentijd heeft betaald of dat de schuld is verrekend.
Doorslag van een ambtelijke oproepbrief / verzendbericht.
Het document is een korte, formele oproep aan twee individuen om zich te melden bij het hoofdkantoor van een niet nader genoemde "dienst". De brief is gedateerd op 25 juni 1940, slechts enkele weken na de Nederlandse capitulatie en het begin van de Duitse bezetting. De adressen bevinden zich in Amsterdam: de 1e Anjeliersdwarsstraat in de Jordaan en de Albert Cuypstraat in De Pijp. De toevoegingen tussen haakjes (zoals "No.85/37/2 M.") zijn administratieve dossiernummers. De afkorting "DV." linksboven kan staan voor een specifieke afdeling, mogelijk de "Dienst van het Maatschappelijk Hulpbetoon" (de toenmalige sociale dienst van Amsterdam), die veelvuldig dergelijke oproepen verstuurde voor administratieve zaken, uitkeringscontroles of werkverschaffing.
Getypte brief (doorslag/archiefkopie) met handgeschreven annotaties.
* **Inhoud:** Het document is een korte, formele oproep aan twee personen om zich op het hoofdkantoor van een niet nader genoemde "dienst" te melden. * **Vorm:** Het betreft een doorslag voor het eigen archief. De handgeschreven aantekening "Verzonden 26/6" bevestigt dat de brief een dag na de datering daadwerkelijk is uitgegaan. * **Locatie:** De genoemde adressen (1e Anjeliersdwarsstraat en Albert Cuypstraat) bevinden zich in Amsterdam. * **Administratie:** De nummers tussen haakjes (bijv. No.85/37/2 M.) wijzen op een systematische registratie, mogelijk van een personeelsdossier, uitkeringsdossier of een specifiek onderzoek.
Ambtelijke correspondentie (voorstel tot intrekking vergunning).
* **Kernboodschap:** De directeur van de betreffende dienst adviseert de wethouder om de marktvergunning van de heer L.M. Geerling in te trekken vanwege een betalingsachterstand van ƒ 28,64 aan kramengeld. * **Juridische grondslag:** Het document verwijst naar een besluit van B&W uit 1938 en specifiek naar Artikel 34 van de 'Verordening op de heffing van markt-, standplaats- en ventgelden'. * **Verloop:** Er was een afbetalingsregeling getroffen van 5 gulden per week, maar Geerling is deze na de eerste keer alweer gestopt met nakomen. De overheid toont hier een strikte handhaving van de regels, ondanks de relatief geringe hoogte van het bedrag. * **Stijl:** Formeel-ambtelijk taalgebruik, kenmerkend voor de vroege 20e eeuw ("heb ik de eer U te berichten", "beleefd in overweging geven").
Handgeschreven ambtelijke notitie of memorandum.
* **Inhoud:** Het document betreft een rapportage over de wanbetaling van een zekere heer L. M. Geerling. Geerling had een betalingsregeling getroffen (waarschijnlijk voor een openstaande schuld of belasting), maar heeft deze slechts één keer nageleefd door op 29 juli 1940 vijf gulden te betalen. Een volgende afgesproken betaling op 5 augustus bleef uit. * **Advies en Besluit:** De opsteller van de notitie constateert een totale restschuld van 20,64 gulden en adviseert over te gaan tot de intrekking van een vergunning (mogelijk een handels- of exploitatievergunning). Een leidinggevende heeft dit advies ondertekend met "Hiermede ga ik accoord." * **Administratieve verwerking:** De notitie is strikt gedateerd en voorzien van een officieel stempel van 6 augustus 1940. Er zijn diverse archief- of dossiernummers (zoals 85/37/4) toegevoegd, wat duidt op een zorgvuldige administratieve procesgang.
Officiële waarschuwingsbrief / betalingsherinnering.
* **Inhoud:** De brief is een formele sommatie aan een marktkoopman, de heer L.M. Geerling, die een achterstand heeft in de betaling van zijn marktgeld (f 23,62). Omdat hij eerdere verzoeken om langs te komen negeerde, wordt hij nu gedreigd met het intrekken van zijn vergunning door het college van B&W. * **Toon:** De toon is dwingend en bureaucratisch ("onverwyld", "laatste waarschuwing"). * **Handgeschreven toevoeging:** De aantekeningen onderaan tonen aan dat de heer Geerling vier dagen na de brief (op 24 juli) alsnog op het kantoor is verschenen. Er is een betalingsregeling getroffen van 5 gulden per week, beginnend op 29 juli. De dreiging blijft echter staan: bij het niet nakomen van de regeling volgt onherroepelijke intrekking van de vergunning. * **Taalgebruik:** Typisch ambtelijk Nederlands uit de eerste helft van de 20e eeuw (gebruik van de 'y' in plaats van 'ij' in "myn", "onverwyld", "Wyk").
Doorslag (doorschrijfkopie) van een ambtelijke brief / betalingsherinnering.
Dit document is een formele sommatie aan een marktkoopman genaamd L.M. Geerling. De kern van het geschil is een betalingsachterstand van 23,62 gulden voor staangeld (het plaatsen van kramen) op de Albert Cuypmarkt. Uit de tekst valt op te maken dat er reeds een eerdere poging tot overleg is geweest ("heb ik U verzocht te mynen kantore te komen"), maar dat de geadresseerde hier niet op is ingegaan. De toon van de brief is dwingend en juridisch van aard. De sanctie die wordt aangekondigd is zwaar: het intrekken van de marktvergunning via een voordracht aan het college van Burgemeester en Wethouders. De brief wordt expliciet aangeduid als een "laatste waarschuwing". De spelling vertoont kenmerken van de tijd vóór de spellinghervorming van Marchant (zoals "myn", "dezen" en "kantore"), hoewel de overgang in 1940 al gaande was.
Document
Dit document is een officiële aanmaning en laatste waarschuwing gericht aan een marktkoopman op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam. De kern van het geschil is een betalingsachterstand van 23,62 gulden voor het plaatsen van marktkramen. De toon van de brief is dwingend en bureaucratisch. Er wordt verwezen naar een eerdere mislukte poging om de zaak persoonlijk te bespreken ("U hebt hieraan echter geen gevolg gegeven"). De sanctie die wordt aangekondigd is zwaar: het intrekken van de marktvergunning via een voordracht aan het college van Burgemeester en Wethouders. Dit zou effectief betekenen dat de ontvanger zijn broodwinning verliest. De spelling is conform de toen geldende normen (bijv. "myn", "onverwyld", "dezen").
Doorslag (carbonkopie) van een ambtelijke brief.
De brief is een dwingende betalingsherinnering, geformuleerd als een "laatste waarschuwing". De toon is formeel en autoritair. De kern van het conflict is een openstaande schuld van 23,62 gulden voor stageld (het plaatsen van kramen) op de Albert Cuypmarkt. Opvallend is dat de geadresseerde eerder is ontboden op het kantoor van de directeur, maar niet is verschenen. De sanctie die wordt aangekondigd bij het uitblijven van "onverwijlde" betaling is zwaar: het intrekken van de marktvergunning via een voordracht aan het college van Burgemeester en Wethouders. Dit zou voor de heer Geerling effectief een beroepsverbod op die locatie betekenen. Taalkundig valt het gebruik van de 'y' in plaats van 'ij' op (myn, mynen, onverwyld), wat destijds gebruikelijk was in getypte ambtelijke correspondentie, deels door de inrichting van schrijfmachines.
Administratieve notitie/interne memo van de Gemeente Amsterdam (waarschijnlijk de Afdeling Marktwezen).
Het document is een lijst van vier marktkooplieden ("kramenverhuurders" wordt hier gebruikt voor de huurders van een gemeentelijke marktkraam) die een achterstand hebben in hun betalingen aan de gemeente. Per persoon wordt de naam, het adres, het openstaande bedrag (in guldens) en de datum van de laatste betaling vermeld. De locaties zijn bekende Amsterdamse markten of aanpalende straten: de Houttuinen (nabij het Jodenloopplein), de Albert Cuypstraat, het Waterlooplein en de Ten Katestraat. De instructie onderaan is duidelijk: deze mensen moeten een officiële aanmaning ontvangen. De notitie "modelbriefje waarschuwing" geeft aan dat hiervoor een standaardformulier gebruikt moest worden. Een saillant en sinister detail is de toevoeging "Jodin" achter de naam van S. Abram. In mei 1941, een jaar na het begin van de Duitse bezetting, was de registratie van Joodse burgers door de Nederlandse bureaucreatie in volle gang. Ook S. Schalvis was een bekende Joodse familienaam in de marktwereld van die tijd.
Getypte officiële brief/betalingsherinnering (doorslag of stencil).
* **Inhoud:** De brief is een laatste waarschuwing aan een groep marktkooplieden die op 31 mei 1941 nog een schuld hadden uitstaan voor het plaatsen van kramen. De directeur van de betreffende dienst dreigt met het intrekken van de marktvergunning als er niet binnen vier dagen wordt betaald. * **Vorm:** Het is een circulair schrijven waarbij de specifieke bedragen en namen onderaan zijn toegevoegd. De bedragen variëren van een bescheiden 1,06 gulden tot 17,16 gulden. * **Locus:** De genoemde straten (Lindengracht, Albert Cuypstraat, Waterlooplein, Rapenburgerstraat) zijn bekende marktlocaties of straten in de buurt van markten in Amsterdam. De Rapenburgerstraat en het Waterlooplein lagen in het hart van de toenmalige Joodse buurt. * **Opvallend:** Meerdere namen op de lijst (zoals Schelvis, Van Gelder, Fleijsman) zijn veelvoorkomende namen binnen de Joodse gemeenschap van Amsterdam in die tijd.
Administratief overzicht van uitstaande schulden (waarschijnlijk huurschulden).
Dit document is een overzicht van personen met een betalingsachterstand, aangeduid als "huisschuld". De tabel vergelijkt de schuld van de week van 20-26 juli met die van de week van 27 juli - 2 augustus 1941. De kolom aan de rechterkant bevat administratieve opmerkingen over acties die zijn ondernomen (zoals "waarsch." voor waarschuwen en "Opw." voor oproepen) of gedane betalingen. De opmerking bij Hazings ("betaalt nooit") getuigt van de frustratie van de administrateur. De instructie onderaan is gericht aan een zekere Th. Beever. Er wordt specifiek opdracht gegeven om bepaalde personen op te roepen en voor de persoon 'Brand' een uitzondering te maken vanwege een gemaakte afspraak. Het document is op 9 augustus 1941 als "afgedaan" gemarkeerd.
Administratief financieel overzicht (schuldenlijst).
Dit document is een overzicht van openstaande schulden met betrekking tot "kraamgelden". Kraamgeld was een vergoeding voor de kosten van een bevalling, die in deze periode vaak via ziekenfondsen of gemeentelijke instellingen werd geregeld. **Belangrijke observaties:** * **Peildata:** Er wordt een vergelijking getrokken tussen het saldo op 2 augustus en 9 augustus 1941. Bij bijna alle posten is de schuld in deze week toegenomen. * **Terminologie:** De afkorting "waarsch." staat zeer waarschijnlijk voor "waarschuwing", wat duidt op een verzonden aanmaning. De afkorting "off." bij Harings zou kunnen staan voor "officieel" of "officier". * **Codes:** De letters aan de linkerzijde (D., G., RT, RS, NW, FX, JZ, W.Z.) zijn waarschijnlijk codes voor wijken, inningsdistricten of specifieke ambtenaren/deurwaarders. * **Correcties:** Bij L.M. Geerling is te zien dat er na de peildatum van 9 augustus een betaling van 5 gulden is verwerkt (op 11 augustus). * **Referenties:** De rode nummers (`85/1/27` en `85/1/28`) verwijzen naar opvolgende of gerelateerde bladen in dezelfde administratieve reeks.
Doorslag (carbonkopie) van een verzamel-aanmaning voor onbetaalde marktgeld-nota’s.
Dit document is een administratief afschrift van een standaard aanmaningsbrief die naar vier verschillende markthandelaren is gestuurd. De brief sommeert hen om binnen vier dagen achterstallig marktgeld te betalen voor kramen die op 4 oktober 1941 zijn geplaatst. Indien de betaling uitblijft, dreigt de directeur van de dienst de marktvergunning in te trekken. De handgeschreven aantekeningen in de linkerbovenhoek lijken latere administratieve verwerkingen te zijn, waarbij data (13/10 en 14/10) en bedragen zijn genoteerd, waarschijnlijk op het moment dat de betalingen alsnog binnenkwamen. De rode onderstreping bij S. Schelvis duidt mogelijk op een specifieke status van deze vordering.
Officiële betalingsherinnering/aanmaning.
Dit document betreft een gestandaardiseerde aanmaning voor openstaande marktgelden. De directeur van de betreffende gemeentelijke dienst maant een groep marktkooplieden aan om binnen vier dagen hun schulden van 1 november 1941 te voldoen. Het dreigement is aanzienlijk: het intrekken van de marktvergunning, wat een direct einde aan de beroepsuitoefening zou betekenen. De handgeschreven aantekeningen en doorhalingen zijn administratieve sporen. Ze duiden erop dat de lijst actief werd gebruikt om bij te houden wie inmiddels had betaald of wiens dossier was afgerond. De bedragen variëren van $f$ 1,31 tot $f$ 10,17. De adressen (zoals Joden Houttuinen, Waterlooplein en Albert Cuypstraat) zijn typerende locaties voor de Amsterdamse markthandel.
Ambtsbrief / Aanmaning (afschrift).
Dit document is een standaard aanmaning voor de betaling van marktgeld (het recht om kramen te plaatsen). De toon is strikt: de ontvangers krijgen nog vier dagen om te betalen bij de kassier van de dienst, anders wordt gedreigd met het intrekken van de marktvergunning. Onderaan staat een lijst met personen naar wie deze brief is verzonden, inclusief hun adres en het verschuldigde bedrag. De doorhalingen bij S. Scholvis en F.A. van Wijk suggereren dat zij in de tussentijd hadden betaald of dat de brief om een andere reden voor hen niet meer relevant was. De handgeschreven notitie "Verzonden 8/11" toont aan dat de daadwerkelijke verzending een dag na de datering op de brief plaatsvond.
Administratief bijblad/interne notitie van een overheidsinstelling (mogelijk een gemeente of provincie).
Het document is een typisch voorbeeld van ambtelijke besluitvorming tijdens de Tweede Wereldoorlog in Nederland. De kern van de notitie betreft het voorstel aan de wethouder om een vergunning in te trekken van een zekere **L.M. Geerling**. * **Besluitvorming:** Op 6 februari 1942 doet een ambtenaar (mogelijk De Haay) het voorstel. Enkele dagen later, op 10 februari, wordt er door de inspectie ("Insp") getekend. * **Opvolging:** Er zijn instructies voor de uitvoering: een "modelbriefje" moet naar "W.L.H." (mogelijk een afkorting voor een specifieke wethouder of afdeling) en er moet opdracht worden gegeven aan "manus" (waarschijnlijk een roepnaam voor een uitvoerend medewerker) om materialen die bij de vergunning horen te verwerken. * **Codering:** De vermelding "F X" en "m Z." aan de linkerzijde lijken interne verwijzingen of locaties voor materiaalverwerking te zijn. * **Z.O.Z.:** De afkorting "Zie Ommezijde" onderaan suggereert dat er op de achterkant van het blad verdere details of een definitief besluit staan.
Koopliedenlijsten
Onbekend
Relevante Archieffragmenten
# TRANSCRIPTIE L. M. Geerling. [initialen onleesbaar, met rode streep] heeft zich slechts éénmaal aan de gemaakte afspraak gehouden. Op maandag 29 Juli 1940 betaalde hij $f$ 5.-. Hij zou dus op 5 Augustus opnieuw $f$ 5.- moeten hebben gestort. Dit is niet gebeurd. De schuld bedraagt nu $f$ 20.64. m.i. moet nu tot intrekking v. d. vergunning worden overgegaan. [Handtekening/Paraaf] Hiermede ga ...
# TRANSCRIPTIE [Handgeschreven, rechtsboven:] 1 ex. Mr. Müller [Handgeschreven, midden boven:] extra [Getypt:] DV. Letter FX 85/25/1 M. 1 28 Maart 1940. den Heer L.M. Geerling, Albert Cuypstraat 143...
# DOCUMENT INFO * **Type document:** Betalingsherinnering/waarschuwing (doorslag of kopie). * **Datering:** 11 oktober 1939. * **Geadresseerde:** De heer L.M. Geerling, Albert Cuypstraat 143, Amsterdam-Zuid. * **Onderwerp:** Betaling van kramengeld. * **Kenmerken:** Bevat diverse handgeschreven annotaties en administratieve codes.
# TRANSCRIPTIE [Handgeschreven: *Extra*] G. 85/41/2 M 24 Maart 1939. den Heer L.M.Geerling, Albert Cuypstraat 143, Amsterdam-Zuid. Wyk 14. Hiermede verzoek ik U op Maandag 27 Maart a.s. te 9½ uur v.m. te mijnen kantore te willen komen. De Directeur, <u>UW KOMST IS, IN UW EIGEN BELANG, DRINGEND GEWENSCHT.</u>
# TRANSCRIPTIE [Links boven, getypt:] 85/41/2 M [Midden boven, handgeschreven in inkt:] verzonden 24/3 [Rechts boven, getypt:] G. [Rechts boven, getypt:] 24 Maart 1939. [Rechts midden, getypt en deels onderstreept:] den Heer L.M. Geerling, Albert Cuypstraat 143, Amsterdam-Zuid. Wyk 14. [Midden, getypt:] Hiermede verzoek ik U op Maandag 27 Maart a.s. te 9½ uur v.m. te mynen kantore te willen ...