Handgeschreven brief (officiële correspondentie).
Origineel
Handgeschreven brief (officiële correspondentie). 26 mei 1941. A. Elzas, gevestigd aan het J.D. Meijerplein 19, Amsterdam. Directeur van het Marktwezen, Amsterdam. Amsterdam, 26 Mei 1941.
Nº 90/20/1 M. 1941 29/5
inschrijven enz.
Den Heer Directeur
v/h Marktwezen.
Amsterdam.
Mijnheer!
Hierdoor deel ik U mede, dat ik, door omstan-
digheden, geen gebruik meer kan maken van mijn
standplaats van de Markt op het Roosplein.
Hoogachtend
A. Elzas.
J.D. Meijerplein 19 Dit korte, zakelijke schrijven is een kennisgeving van het opgeven van een marktstandplaats. De afzender, A. Elzas, geeft als reden "door omstandigheden". Deze vage formulering was in de ambtelijke correspondentie van die tijd gebruikelijk, maar verhult in deze specifieke historische context vaak een dwingende of tragische achtergrond.
De brief vertoont sporen van ambtelijke verwerking:
* Stempel: Geeft de registratie binnen het archiefsysteem van het Marktwezen aan.
* Potloodaantekening: De instructie "inschrijven enz." wijst erop dat de opzegging administratief verwerkt moest worden in de registers van standplaatshouders.
* Adres: Het J.D. Meijerplein 19 bevond zich in de Joodse buurt van Amsterdam, wat van groot belang is voor de contextuele duiding. De brief is geschreven in mei 1941, een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode nam de druk op de Joodse bevolking in Amsterdam drastisch toe door de invoering van talrijke anti-Joodse maatregelen door de nazi-bezetter.
Sinds het begin van 1941 werden Joodse Amsterdammers steeds verder geïsoleerd en uit hun beroepen gezet. Veel Joodse marktkooplieden mochten hun beroep niet langer uitoefenen of werden door de omstandigheden gedwongen te stoppen. De "omstandigheden" waarnaar Elzas verwijst, zijn vrijwel zeker de directe gevolgen van de Jodenvervolging.
Het J.D. Meijerplein was bovendien de plek waar slechts enkele maanden voor deze brief, in februari 1941, de eerste grote razzia's plaatsvonden. Het "Roosplein" (Rooseveltplein, thans Victorieplein) was gelegen in de Rivierenbuurt, een wijk die in 1941 een grote Joodse populatie kende. Dit document is een tastbaar bewijs van hoe Joodse burgers in die jaren uit het economische en sociale leven van de stad werden verdrongen. A. Elzas J.D. Meijerplein Marktwezen
Samenvatting
Dit korte, zakelijke schrijven is een kennisgeving van het opgeven van een marktstandplaats. De afzender, A. Elzas, geeft als reden "door omstandigheden". Deze vage formulering was in de ambtelijke correspondentie van die tijd gebruikelijk, maar verhult in deze specifieke historische context vaak een dwingende of tragische achtergrond.
De brief vertoont sporen van ambtelijke verwerking:
* Stempel: Geeft de registratie binnen het archiefsysteem van het Marktwezen aan.
* Potloodaantekening: De instructie "inschrijven enz." wijst erop dat de opzegging administratief verwerkt moest worden in de registers van standplaatshouders.
* Adres: Het J.D. Meijerplein 19 bevond zich in de Joodse buurt van Amsterdam, wat van groot belang is voor de contextuele duiding.
Historische Context
De brief is geschreven in mei 1941, een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode nam de druk op de Joodse bevolking in Amsterdam drastisch toe door de invoering van talrijke anti-Joodse maatregelen door de nazi-bezetter.
Sinds het begin van 1941 werden Joodse Amsterdammers steeds verder geïsoleerd en uit hun beroepen gezet. Veel Joodse marktkooplieden mochten hun beroep niet langer uitoefenen of werden door de omstandigheden gedwongen te stoppen. De "omstandigheden" waarnaar Elzas verwijst, zijn vrijwel zeker de directe gevolgen van de Jodenvervolging.
Het J.D. Meijerplein was bovendien de plek waar slechts enkele maanden voor deze brief, in februari 1941, de eerste grote razzia's plaatsvonden. Het "Roosplein" (Rooseveltplein, thans Victorieplein) was gelegen in de Rivierenbuurt, een wijk die in 1941 een grote Joodse populatie kende. Dit document is een tastbaar bewijs van hoe Joodse burgers in die jaren uit het economische en sociale leven van de stad werden verdrongen.