Dienstbrief / Circulaire (Circ. 79)
Origineel
Dienstbrief / Circulaire (Circ. 79) 22 oktober 1941 Ir. E. de Kruijff (Hoofd van het Gemeentelijk Materialenbureau) No 100/14/3 M.1941 22/10
[Wapen van Amsterdam] Gemeentelijk Materialenbureau
Oudezijds Achterburgwal 213 Amsterdam (Centrum)
Telefoon 43321, 43130
Toestellen 568, 569, 576
Aan:
Heeren Hoofden van
Diensten en Bedrijven.
Verzoeke bij beantwoording datum en nummer van dezen brief te vermelden
No. 20/176 G.M.B.
Circ. 79
Bijlagen:
Amsterdam, 22 October 1941
[Handgeschreven paraaf en aantekening in de marge: ... Th. Jonkman]
Naar aanleiding van een schrijven van het Rijksbureau voor IJzer en Staal aan het Gemeentebestuur van Amsterdam waarin de wenschelijkheid werd uitgesproken om, ten einde te komen tot een zoo nuttig en vooral zoo zuinig mogelijke verdeeling van het beschikbare materiaal, een instantie in te stellen, welke tusschen de Gemeentelijke Diensten en Bedrijven voor zoover deze niet ressorteeren onder de Contingenthouders: Openbare Nutsbedrijven (gas, water, electriciteit), Departement van Waterstaat afdeeling Vervoerwezen (transport- en autodiensten) of Scheepsbouwvakbond (veeren, havendiensten enz., alleen voor wat betreft het drijvende materiaal), voor de voorziening met ijzer en staal coördinerend optreedt, is door den Burgemeester als deze instantie aangewezen het Gemeentelijk Materialenbureau.
In verband hiermede verzoek ik U met den meesten nadruk:
1. indien ijzer en/of staal benoodigd is geen grootere hoeveelheden aan te vragen, dan die, welke absoluut noodig zijn.
2. indien, het geval bedoeld onder 1 zich voordoet, een formulier A voor "Aanvraag tot het verkrijgen van een toewijzing voor het aankoopen of doen aankoopen van ijzer en staal voor Nederlandsche behoefte" zoo nauwkeurig en volledig mogelijk in te vullen en vervolgens aan mijn Bureau te doen toekomen.
3. de onder 2 bedoelde formulieren te stellen op naam van het Gemeentelijk Materialenbureau, Oudezijds Achterburgwal 213, Amsterdam C. en niet te voorzien van Uw stempel en handteekening, doch slechts van Uw paraaf.
Ik vestig er verder nadrukkelijk Uw aandacht op, dat formulieren, welke op naam zijn gesteld van den betreffenden Dienst of het betreffende Bedrijf door het Rijksbureau niet meer in behandeling zullen worden genomen en dat geen toewijzingen zullen worden verstrekt, indien nog uit voorraden kan worden geput.
* GH.
C.S. Stadhuis
A’dam 10-‘41.
Het Hoofd van het
Gemeentelijk Materialenbureau,
Ir. E. de Kruijff
1000-6-'41
[paraaf: loo] * Kernboodschap: De brief kondigt de oprichting/aanwijzing aan van het Gemeentelijk Materialenbureau als centraal coördinatiepunt voor de distributie van ijzer en staal binnen de Amsterdamse gemeentelijke diensten.
* Systeem van rantsoenering: Er wordt een strikte procedure voorgeschreven. Aanvragen mogen niet meer rechtstreeks door individuele diensten bij het landelijke Rijksbureau worden ingediend, maar moeten via het gemeentelijke bureau lopen met gebruik van een specifiek "Formulier A".
* Strikte voorwaarden:
* Er mag alleen het strikt noodzakelijke worden aangevraagd.
* Toewijzingen worden alleen verstrekt als de eigen voorraden volledig zijn uitgeput.
* Administratieve formaliteiten (zoals het enkel gebruiken van een paraaf in plaats van een officieel stempel) worden benadrukt om de gecentraliseerde afhandeling te bespoedigen/faciliteren.
* Uitzonderingen: Bepaalde sectoren (Nutsbedrijven, Waterstaat/Vervoer en Scheepsbouw) vallen buiten deze regeling omdat zij al onder specifieke 'contingenthouders' vallen. * Tweede Wereldoorlog en Bezetting: Het document dateert van oktober 1941, ruim een jaar na de start van de Duitse bezetting van Nederland. De bezetter had de controle over alle strategische grondstoffen overgenomen.
* Schaarste en Oorlogseconomie: IJzer en staal waren cruciale materialen voor de Duitse oorlogsindustrie. De "Rijksbureaus" waren door de bezetter ingestelde organen om de Nederlandse economie te beheersen en schaarse middelen te rantsoeneren.
* Bestuurlijke aanpassing: De brief toont hoe het Amsterdamse gemeentebestuur zich moest voegen naar de centrale richtlijnen van de bezettingsautoriteiten. De burgemeester op dat moment was de door de Duitsers aangestelde Edward Voûte. De oprichting van dit bureau was een directe reactie op de groeiende tekorten en de noodzaak voor de bezetter om elk stukje metaal te registreren.
* Terminologie: De term "Nederlandsche behoefte" in de titel van Formulier A is een eufemisme; in de praktijk werd de toewijzing van materialen volledig bepaald door wat de Duitse Rüstungsinspektion toestond. C.S. Stadhuis E. de Kruijff Gemeente Amsterdam Rijksbureau Stadhuis