Afschrift van een ambtelijke circulair/besluit.
Origineel
Afschrift van een ambtelijke circulair/besluit. 28 oktober 1942. [Stempel/Typewerk bovenaan:]
A f s c h r i f t .
No.8a/65/1 M.1942-----------------
[Handgeschreven tekst in blauwe inkt, rechtsboven:]
Mr. Stam
s.v.p. spoedig terug
Voorstel buiten met
bericht bij
[Getypt:]
GEMEENTE AMSTERDAM.
No.1741 Arb.1942.
Onderwerp: Les geven door ambtenaren.
Amsterdam, 28 Oct.1942.
Het is den Burgemeester gebleken, dat door Ambtenaren der Gemeente buiten de diensturen tegen betaling les wordt gegeven aan ondergeschikten.
In verband hiermede zal ik gaarne vóór 15 November a.s. een opgave ontvangen van de ambtenaren van Uw diensttak, die tegen betaling les geven, zulks onder vermelding van hun rang, het vak, of de vakken, waarin zij les geven en de bezoldiging, welke per lesuur wordt gevraagd, zoowel voor privaat- als clublessen.
Tevens zal vermeld moeten worden, of zich onder hen, die zulke lessen volgen, personen bevinden, die eveneens bij Uw diensttak werkzaam zijn en zoo ja, in welke verhouding dezen staan tot den lesgever.
De Wethouder voor de Arbeidszaken,
GUEPIN
Aan Heeren Hoofden van Administratien, Diensten en Bedrijven.
[Handgeschreven tekst in de linker marge, verticaal:]
Aan de Vischmarkt, is niet een ambtenaar, die les geeft. -
[Ondertekening onleesbaar]
7-11-'42. Dit document is een officiële sommering van het Amsterdamse gemeentebestuur aan alle hoofden van dienst. De kern van de zaak is de controle op neveninkomsten en hiërarchische zuiverheid binnen het ambtenarenapparaat.
De tekst signaleert een specifiek probleem: superieuren die tegen betaling lesgeven aan hun eigen ondergeschikten. Dit werd blijkbaar gezien als een ongewenste vermenging van zakelijke en privébelangen (belangenverstrengeling), waarbij de afhankelijkheidsrelatie op de werkvloer geëxploiteerd zou kunnen worden voor financieel gewin.
De gevraagde gegevens zijn zeer gedetailleerd:
1. Wie geeft les?
2. Wat is hun rang en welk vak doceren zij?
3. Hoeveel verdienen zij hiermee (per uur)?
4. Wie zijn de leerlingen en werken zij onder de lesgever?
De handgeschreven notitie in de marge (gedateerd 7 november 1942) dient als interne afdoening voor een specifieke dienst: de Vischmarkt. De betreffende ambtenaar rapporteert hier dat er bij zijn diensttak geen sprake is van dergelijke praktijken. Het document dateert uit oktober 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. De genoemde wethouder P.J.M. Guepin en de (niet bij naam genoemde) burgemeester Edward Voûte waren door de bezetter aangestelde functionarissen.
Hoewel de maatregel op het eerste gezicht een normale integriteitskwestie lijkt (het voorkomen van corruptie of misbruik van macht), moet deze ook gezien worden in het licht van de totale controle die het bezettingsbestuur wilde uitoefenen op het ambtenarenapparaat. Tijdens de oorlog waren de salarissen bevroren en de schaarste groot, waardoor veel ambtenaren probeerden bij te verdienen. De gemeente Amsterdam probeerde met dergelijke circulaires de grip op de organisatie en de geldstromen te verstevigen. De deadline (15 november) wijst op een zekere mate van spoed bij deze inventarisatie.