Getypt proces-verbaal / personeels-controlerapport (Bijlage I bij brief no.8a/70/1 M.).
Origineel
Getypt proces-verbaal / personeels-controlerapport (Bijlage I bij brief no.8a/70/1 M.). 3 december 1942 (betreft gebeurtenis op 2 december 1942). Bijlage I. Behoort bij brief no.8a/70/1 M.d.d.8 December 1942 aan den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen van den Directeur van het Marktwezen en den Gemeentelijken Adviseur voor Voedings- en Distributieaangelegenheden.-
Heden, 3 December 1942 hoorden wij den dienstdoenden chef-marktopzichter C.Blom, geboren 13 October 1893 en wonende Zwanenplein 75 in verband met zijn op 2 December 1942 opgemaakt personeels-controlerapport.
Hij verklaarde zakelijk als volgt: "In den nacht van 2 December jl. ben ik met de pont van 2.uur 3 minuten over het IJ gekomen teneinde een controle op de Centrale Markt te houden. De pont was om 2 uur 8 minuten aan. Ik fiets in ongeveer 8 minuten van de De Ruyterkade naar de Centrale Markt en kwam daar dus om ongeveer 2 uur 15 minuten aan. Toen ik langs de portiersloge fietste zag ik, dat het licht aan was en dat drie contrôleurs zich in de loge bevonden. Ik heb toen op het bordes van de N.V. Marcanti staan wachten om te zien, wanneer de contrôleurs, die daarvoor waren aangewezen, het terrein zouden opgaan. Ik heb de klokken in de stad regelmatig hooren slaan tot 3 uur 15 minuten en toen was nog niemand uit de loge gekomen. Ik heb toen nog even gewacht en ben daarna de loge binnengegaan. Ik trof aldaar de door mij in mijn rapport van 2 December jl. genoemde contrôleurs in een zittende houding; zij hadden allen hun overjassen uitgetrokken. Ik heb hen erop gewezen, dat ik buiten heb staan wachten van 2 uur 15 minuten tot 3 uur 20 minuten en dat geen van hen zich naar buiten heeft begeven. Zij hebben mij toen niet gezegd, dat twee van hen zich om ongeveer 2.30 uur voor een controle op het terrein hebben begeven. Later, vertelde hij mij echter, dat hij met De Vries wel naar buiten was geweest op het door mij genoemde tijdstip. Ik verklaar echter nadrukkelijk, dat dit strijdt met de waarheid.
Aldus gelezen, volhard en geteekend.
De dienstdoende chef-marktopzichter,
De waarnemend Directeur,
[Handtekening]
De bureauchef,
[Handtekening]
Bij nader onderzoek verklaarde Pietersma, dat hij wel zijn overjas aanhad; de beide anderen echter niet. Blom wil dit niet betwisten en acht het mogelijk, dat Pietersma zijn jas aanhad. Dit document is een getuigenverklaring van een leidinggevende (C. Blom) over een vermeend geval van plichtsverzuim. Blom rapporteert dat hij drie controleurs op heterdaad heeft betrapt terwijl zij gedurende meer dan een uur (van 02:15 tot 03:20 uur) in de portiersloge zaten te niksen, terwijl zij buiten op het terrein van de Centrale Markt hadden moeten surveilleren.
De tekst is zeer specifiek wat betreft tijden (tot op de minuut nauwkeurig), wat duidt op de officiële en disciplinaire aard van het rapport. Interessant is de weerlegging van een later excuus van een van de controleurs: Blom stelt expliciet dat de bewering dat ze om 02:30 uur buiten waren "strijdt met de waarheid". De voetnoot onderaan het document over de overjas van controleur Pietersma suggereert dat er een nader onderzoek of verhoor heeft plaatsgevonden waarbij de details van het voorval werden uitgeplozen (het uithebben van een jas was destijds een extra bewijs dat men niet van plan was naar buiten te gaan). Het document dateert uit december 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog. In bezet Amsterdam was de Centrale Markt (het huidige Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) van cruciaal belang voor de voedselvoorziening en de uitvoering van de distributie (bonnenstelsel). De controle op deze markt was streng om diefstal en zwarthandel te voorkomen.
De brief is gericht aan de Wethouder voor de Levensmiddelen. In deze periode was dit de nationaalsocialistische wethouder (vaak een NSB’er of een door de bezetter aangestelde functionaris). De strikte discipline en het nauwgezet rapporteren van "verwaarloozing van plicht" passen in de context van de schaarste en de strakke controle die de bezetter en het collaborerende gemeentebestuur eisten over de voedselketen. Het gebouw van N.V. Marcanti, waar Blom op de uitkijk stond, was destijds een bekende kantine en uitgaansgelegenheid voor de marktwerkers.