Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen. 6 januari 1942. De Directeur (vermoedelijk van de afdeling Marktwezen). [Handgeschreven in rood, bovenin:] Verzonden 6/1
[Rechtsboven, getypt:] HB.
[Geadresseerde, getypt:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
[Kenmerk en datum, getypt:]
8b/1/5 M.'42 [de '5' is handgeschreven over een ander cijfer]
6 Januari 1942.
[Inhoud:]
Ter voldoening aan de missive van Uw Ambtgenoot voor de Pensioenen d.d. 27 Januari 1936 no. 201 A.P.B. (No. 86 L.M.), heb ik de eer U te berichten, dat gedurende het vierde kwartaal 1942 bij het Marktwezen geen werkzaamheden zijn opgedragen aan personen, dien pensioen ex de Pensioenwet 1932 (S. 240) was toegekend.
De Directeur,
[Handgeschreven in blauwe inkt onderaan:]
idem 1e kwartaal 1943
8b/7/1 Dit document is een ambtelijke rapportage betreffende de personeelsbezetting bij de gemeentelijke dienst 'Marktwezen'. De essentie van de brief is een zogenaamde 'nihil-mededeling': de directeur meldt dat er in het voorgaande kwartaal geen gepensioneerden (onder de Pensioenwet van 1932) zijn ingezet voor werkzaamheden.
Opvallend is een waarschijnlijke verschrijving in de getypte tekst: er staat "vierde kwartaal 1942", terwijl de brief gedateerd is op "6 Januari 1942". Logischerwijs zou dit het vierde kwartaal van 1941 moeten zijn. Dergelijke fouten komen vaak voor in correspondentie vlak na de jaarwisseling.
De handgeschreven aantekening onderaan ("idem 1e kwartaal 1943") duidt erop dat dit document als model is gebruikt voor een latere rapportage, of dat de informatie voor het volgende jaar hetzelfde was, wat efficiëntie in de archivering en administratie suggereert. Het document stamt uit januari 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in deze periode een cruciale functie vanwege de schaarste en de invoering van het distributiestelsel.
De verwijzing naar de "Pensioenwet 1932 (S. 240)" en de missive uit 1936 laat zien dat de bureaucratische controle op het inzetten van gepensioneerden (wat vaak aan strikte regels gebonden was om de arbeidsmarkt voor jongeren te beschermen of om dubbele inkomsten uit de staatskas te voorkomen) onveranderd doorging tijdens de bezettingsjaren. Het Marktwezen hield toezicht op de handel op markten, wat in oorlogstijd strikt gereguleerd was om zwarte handel tegen te gaan en de voedselvoorziening te controleren. Marktwezen