Dienstbrief / Intern memorandum
Origineel
Dienstbrief / Intern memorandum 20 januari 1942 (ontvangststempel 21 januari 1942) Subcommissie Marktwezen van de Financiële Commissie Sub. Commissie
Marktwezen van
de Financiële
Commissie enz.
A’dam, 20/1 1942
W. l. M.
[Stempels: 21/1/42 108 | 10/6/2 M | Rode tekst: spoed / heden]
Voor de goede orde heb ik de eer
U, mede i.v.m. het gestelde in
den brief van den Adm. van de Afd.
Financiën dd. 20 Juni j.l. No 1161/20.3 - 19.40
Afd. Fin., in bijlage dezes een nota
te doen toekomen, houdende een be-
schrijving van de perspectieven voor
de financiële resultaten van de
exploitatie der C.M., welke nota
in de vergadering der Sub. Com.
Marktwezen, belast met het onder-
zoek naar de financiën der Gem.
A’dam voor de zaken betr. de
markten met Abattoir en Levensmid-
delenbedrijf, van 22 Januari a.s.
zal worden behandeld.
Ter bijlage dezes heb ik de eer
U over te leggen een afschrift van een
briefje van den Voorzitter der boven-
noemde Sub. Com. dd. 27/12 j.l. waar-
uit blijkt, dat de Bm. zich met een
en ander reeds heeft vereenigd.
[Initialen/ondertekening: v d B] Het document is een ambtelijke mededeling betreffende de financiële situatie en toekomstverwachtingen van de Centrale Markthallen (C.M.) in Amsterdam. De schrijver informeert de geadresseerde (aangeduid als W.l.M. – Weledelgestrenge Heer) over een bijgevoegde nota die besproken zal worden in de vergadering van 22 januari 1942.
Kernpunten:
* Onderwerp: De exploitatie en financiële resultaten van de markten, het Abattoir (slachthuis) en het Levensmiddelenbedrijf.
* Urgentie: De rode opschriften "spoed" en "heden" duiden op een snelle administratieve afhandeling.
* Autoriteit: Er wordt verwezen naar de instemming van de "Bm." (Burgemeester), wat essentieel was voor de besluitvorming binnen het gemeentebestuur. Dit document stamt uit januari 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De Amsterdamse gemeenteraad was in 1941 door de bezetter ontbonden en vervangen door een regime waarbij de burgemeester (destijds de pro-Duitse Edward Voûte) meer directe macht had, onder toezicht van de bezetter.
De Centrale Markthallen en het Abattoir waren van cruciaal strategisch belang voor de voedselvoorziening in de stad. De financiële controle op deze instellingen was streng, mede vanwege de schaarste en de distributie van goederen tijdens de oorlogsjaren. De brief toont de voortgang van de bureaucratische processen in een tijd van grote politieke en economische spanning.