Getypte zakelijke brief op briefpapier van de vereniging.
Origineel
Getypte zakelijke brief op briefpapier van de vereniging. 6 maart 1942. Vereeniging tot Werkverschaffing aan Hulpbehoevende Blinden, Amsterdam. [Briefhoofd]
VEREENIGING
TOT WERKVERSCHAFFING AAN HULPBEHOEVENDE BLINDEN
PLANTAGE MIDDENLAAN 64 — AMSTERDAM-C.
POSTGIRO No. 20702 - GEM. GIRO V. 786 - TELEFOON 52469
[Linker kolom onder briefhoofd]
Opgericht in 1865. Als rechtspersoon laatstelijk erkend bij Koninklijk besluit
van 24 Maart 1938, No. 41. (St.Bl. No. 38).
Aangesloten bij den Centraal Bond voor Inwendige Zending, den Armenraad
te Amsterdam en de Vereeniging „A.V.O.”
[Rechter kolom onder briefhoofd]
Aangesloten bij de Nederlandsche Vereeniging voor Armenzorg en Weldadigheid
De Vereeniging komt voor op de Lijst der Instellingen van Weldadigheid
bedoeld in Art. 3 der Wet van 28 Juni 1854 (St.Bl. No. 100) en heeft
voldaan aan het voorschrift van Art. 7 van voormelde Wet.
[Inhoud brief]
Amsterdam 6 Maart 1942.
Aan den Directeur van het Marktwezen,
Jan van Galenstraat 14,
A M S T E R D A M .
Weledelgestrenge Heer,
Met verwijzing naar onze brieven d.d. 12 en
28 Januari 1942 inzake de inlevering van de ventvergunning ten
name van den Heer L. Presser, die van deze vergunning uitsluitend
gebruik maakte in dienst en ten dienste van onze Vereeniging, zen-
den wij op Uw telefonisch verzoek van gisteren U deze vergunning
hierbij toe.
Wij maken er U beleefd op attent, dat hier-
door het aantal ventvergunningen, aan onze Vereeniging destijds
toegestaan, werd verminderd, waardoor de verkoop van de artikelen
onzer Inrichting in het algemeen wordt bemoeilijkt.
Momenteel kunnen wij, daar wegens grondstof-
fengebrek onze verkoop minder groot is, deze vergunning tijdelijk
missen.
Wij hopen echter bij gelegenheid op deze zaak
te mogen terugkomen teneinde deze vergunning op een ander van onze
blinden te mogen doen overschrijven en teekenen inmiddels,
Hoogachtend,
Vereeniging tot Werkverschaffing
aan Hulpbehoevende Blinden.
[Ondertekening]
Directeur. In deze brief uit maart 1942 informeert de Vereeniging tot Werkverschaffing aan Hulpbehoevende Blinden de directeur van het Marktwezen over het inleveren van een ventvergunning. De vergunning stond op naam van een zekere heer L. Presser. De vereniging geeft aan dat zij de vergunning op telefonisch verzoek van de autoriteiten terugstuurt.
Hoewel de brief een zakelijke, bijna berustende toon aanslaat, worden er twee belangrijke redenen genoemd voor de verminderde verkoopactiviteiten van de organisatie:
1. Het verlies van vergunningen, wat de afzet bemoeilijkt.
2. Een nijpend grondstoffengebrek (een direct gevolg van de oorlogssituatie), waardoor er minder geproduceerd kan worden.
De vereniging spreekt de hoop uit om de vergunning in de toekomst weer te kunnen gebruiken voor een andere blinde medewerker. De datum (maart 1942) en de naam van de betreffende medewerker, L. Presser, zijn van historisch belang. 1942 was het jaar waarin de Duitse bezetter de vervolging van de Joodse bevolking in Nederland intensiveerde. De naam Presser is veelvoorkomend onder de Joodse gemeenschap in Amsterdam.
Gezien de toenmalige anti-Joodse verordeningen, waarbij Joden stapsgewijs uit het economische leven werden verbannen en vergunningen werden ingetrokken, is het zeer aannemelijk dat de heer Presser vanwege zijn Joodse afkomst niet langer mocht venten. De "inlevering" van de vergunning was waarschijnlijk een gedwongen bureaucratische maatregel die voortkwam uit de bezettingswetgeving. De Vereeniging tot Werkverschaffing aan Hulpbehoevende Blinden was een bekende instelling (opgericht in 1865) die blinden hielp in hun eigen onderhoud te voorzien door het maken en verkopen van producten zoals borstels en matten.