Archief 745
Inventaris 745-372
Pagina 432
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Getypte brief / ambtelijk memorandum (doorslag).

10 maart 1942. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen of een verwante gemeentelijke dienst). Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (Amsterdam).

Origineel

Getypte brief / ambtelijk memorandum (doorslag). 10 maart 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen of een verwante gemeentelijke dienst). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (Amsterdam). VD/HG.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

18/3/56 M. 4 10 Maart 1942.

Standplaatsvergunningen ten name
van M. Roos, M. Grootkerk en A. de Groot.

Onder terugzending van de met Uw kantbrieven d.d. 24 December jl. om advies ontvangen stukken no.'s 5/462, 5/463 en 5/464 L.M. 1941 heb ik de eer U te berichten, dat mijnerzijds geen bezwaar bestaat, dat aan adressanten standplaatsen worden verleend.

Het betreft hier Joodsche kooplieden met bloemen, die voor 5 November jl. plaatsen innamen met bloemen op de dagmarkten.

Een en ander is ingevolge Uw opdracht dezerzijds voorbereid met den Gemeentelijken Adviseur voor voedings- en distributieaangelegenheden en met het Hoofdbureau van Politie.

In verband met mijn brief d.d. 20 Januari 1942 No. 18/3/10 M. onder andere inzake de politietelegrammen over het innemen van Joodsche standplaatsen, is de onderhavige aangelegenheid aangehouden tot dat hieromtrent door den Burgemeester een beslissing zou zijn genomen; aangezien dit blijkbaar thans is geschied (vide den brief van den Burgemeester aan den Hoofdcommissaris van Politie d.d. 19 Februari 1942 No. 223 L.M.) bestaat er naar mijn meening geen bezwaar, de betreffende aanvragen thans in behandeling te nemen. Aangezien de aangevraagde plaatsen niet alle liggen in de in bovenvermelden brief opgenomen Joodsche kwartieren, dient een en ander thans nader door het Hoofdbureau van Politie te worden bezien.

De Directeur, Dit document betreft de administratieve afhandeling van standplaatsvergunningen voor drie specifiek genoemde personen: M. Roos, M. Grootkerk en A. de Groot. De kern van de brief is het advies van de Directeur aan de Wethouder over de vraag of deze Joodse kooplieden hun handel op de dagmarkten mogen voortzetten.

Opvallend is de ambtelijke voorzichtigheid. De aanvragen waren aanvankelijk aangehouden (geparkeerd) in afwachting van een besluit van de Burgemeester (destijds de pro-Duitse Edward Voûte). Nu er een besluit ligt over "Joodsche standplaatsen", adviseert de directeur dat de aanvragen weer in behandeling kunnen worden genomen. Er is echter een complicerende factor: de gewenste locaties liggen niet allemaal binnen de officieel aangewezen "Joodsche kwartieren". Hierdoor moet de politie opnieuw beoordelen of de vergunningen verleend kunnen worden. De brief dateert van maart 1942, een cruciale fase in de uitsluiting van Joodse burgers uit het openbare leven tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In 1941 en 1942 werden stapsgewijs steeds meer beperkingen opgelegd aan Joodse ondernemers en marktkooplieden.

De verwijzing naar "Joodsche kwartieren" (Joodse wijken) duidt op de segregatiepolitiek van de bezetter, waarbij Joden werden gedwongen hun economische activiteiten te beperken tot specifieke gebieden. Dit document illustreert hoe de Nederlandse gemeentelijke bureaucratie meewerkte aan de uitvoering van deze discriminerende maatregelen door aanvragen te toetsen aan de hand van anti-Joodse verordeningen en politie-instructies. De genoemde kooplieden mochten hun beroep waarschijnlijk alleen nog uitoefenen als hun standplaats zich binnen de door de nazi's aangewezen zones bevond.

Samenvatting

Dit document betreft de administratieve afhandeling van standplaatsvergunningen voor drie specifiek genoemde personen: M. Roos, M. Grootkerk en A. de Groot. De kern van de brief is het advies van de Directeur aan de Wethouder over de vraag of deze Joodse kooplieden hun handel op de dagmarkten mogen voortzetten.

Opvallend is de ambtelijke voorzichtigheid. De aanvragen waren aanvankelijk aangehouden (geparkeerd) in afwachting van een besluit van de Burgemeester (destijds de pro-Duitse Edward Voûte). Nu er een besluit ligt over "Joodsche standplaatsen", adviseert de directeur dat de aanvragen weer in behandeling kunnen worden genomen. Er is echter een complicerende factor: de gewenste locaties liggen niet allemaal binnen de officieel aangewezen "Joodsche kwartieren". Hierdoor moet de politie opnieuw beoordelen of de vergunningen verleend kunnen worden.

Historische Context

De brief dateert van maart 1942, een cruciale fase in de uitsluiting van Joodse burgers uit het openbare leven tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In 1941 en 1942 werden stapsgewijs steeds meer beperkingen opgelegd aan Joodse ondernemers en marktkooplieden.

De verwijzing naar "Joodsche kwartieren" (Joodse wijken) duidt op de segregatiepolitiek van de bezetter, waarbij Joden werden gedwongen hun economische activiteiten te beperken tot specifieke gebieden. Dit document illustreert hoe de Nederlandse gemeentelijke bureaucratie meewerkte aan de uitvoering van deze discriminerende maatregelen door aanvragen te toetsen aan de hand van anti-Joodse verordeningen en politie-instructies. De genoemde kooplieden mochten hun beroep waarschijnlijk alleen nog uitoefenen als hun standplaats zich binnen de door de nazi's aangewezen zones bevond.

Kooplieden in dit dossier 100

I. Aap Zwanenburgwal Nwe Prinsengrt. t/o No. 69
E. Abrahams Waterlooplein den vleugel v/d brug over de Singelgrt. voor het Weesperplein.
A.V. de Jong Waterlooplein 6.12.'89
A. Hes Waterlooplein belasting heffing.
G. Degens Waterlooplein waarschijnlijk overleden
A. Judels Waterlooplein 29. 4.'09
A. Mok Waterlooplein belasting heffing
A. Mok Belastingheffing
A. Mol } belastingheffing
L. Allegro Waterlooplein bij het Gem. Zwembad "Het Nieuwe Diep".
A.M. Groenewoudt Waterlooplein 21. 4.'[9]3
M. Aronson meerdere Tilanusstr. voor No. 57
A. Schootranger
A. Smeragk
A. Tas Waterlooplein "
A. Vischschoonmaker Waterlooplein "
V. Smeerdijk Waterlooplein
S. Bacharach Waterlooplein Rembrandtspl. t/o No. 4-6.
B. Brijnisma
M.S. Adviseerde Waterlooplein Mosplein t/o No. 28
I. Beesemer Waterlooplein Weesperzijde bij den toegangsweg naar het tuindorp Watergraafsmeer.
S. Beesemer Waterlooplein A. Nieuwmarkt t/o No. 5<br>B. Nieuwmarkt t/o No. 1.
P. v. d. Berg Waterlooplein J.D. Meijerplein t/o No. 20
Ph. van de Berg (aanvrager) Waterlooplein 's-Gravesandeplein
M. Beugeltas meerdere Nw. Keizersgrt. t/o Z.W. vleugel v/d brug voor Weesperstr. t/o perc. N. Keizersgrt. 74
Sara Biet - Schelvis Waterlooplein J. Evertsenstr. t/o No. 72
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 1