Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). [Marginale notities rechtsboven:]
s.v.p. vorige correspondentie.
Y. 22/12 '42
[Hoofdtekst:]
Op 15 Sept. '41 heb ik op-
nieuw een plaats gekregen.
Op 9 Febr. '42 was ik weer
tijdelijk in loondienst
en heb toen weer voor
mijn plaats bedankt.
Dit was echter van korte
duur, en heb ik gevent
en af en toe gebruik
van de markt gemaakt.
Schuld heb ik thans niet.
Dat ik dus langer dan
2 jaar van de markt
af zou zijn is teneene-
male onjuist. Daarom
verzoek ik U beleefd mij
weer in het bezit te stel-
len van mijn vaste markt-
plaats.
Hopende een gunstig
antwoord van U te mo-
gen ontvangen verblijf ik
Hoogachtend:
M. v. Bamberger.
[Marginale notities rechtsonder:]
opgeroepen
Jan '43
Th. Wolff
adm.
6-1-'43
datum * Kernboodschap: De schrijver, M. v. Bamberger, tracht aan te tonen dat hij recht heeft op zijn vaste marktplaats. Hij weerspreekt de bewering dat hij langer dan twee jaar afwezig is geweest. Hij legt uit dat hij in februari 1942 tijdelijk in loondienst is gegaan en daarom zijn plaats heeft opgezegd, maar dat hij sindsdien weer als venter actief is geweest en incidenteel de markt heeft bezocht.
* Taalgebruik: Formeel en beleefd ("verzoek ik U beleefd", "teneenemale onjuist"), kenmerkend voor correspondentie met officiële instanties in die tijd.
* Administratieve sporen: De brief bevat diverse kanttekeningen van ambtenaren. De afkorting "adm." en de naam "Th. Wolff" duiden op de administratieve verwerking door het marktwezen of de betreffende gemeente. Dit document dateert uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). De context is die van de strikte regulering van de handel en de markten tijdens de oorlogsjaren.
Een specifiek en tragisch aspect is de naam van de afzender: Bamberger. Gezien de datum (januari 1943) en de aantekening "opgeroepen Jan '43", is het zeer waarschijnlijk dat dit verzoekschrift afkomstig is van een Joodse marktkoopman. In deze periode werden Joodse burgers stelselmatig uit het economische leven geweerd en "opgeroepen" voor de zogeheten werkverruiming of deportatie naar de concentratiekampen. De ambtelijke notitie "opgeroepen" kan betekenen dat het verzoek niet meer in behandeling hoefde te worden genomen omdat de verzoeker was weggevoerd. Dit geeft het document, naast de feitelijke inhoud over een marktplaats, een zware historische en emotionele lading.