Medisch attest / doktersverklaring op officieel briefpapier.
Origineel
Medisch attest / doktersverklaring op officieel briefpapier. 29 maart 1942 (gezien de stempel van 8 april 1942). Dr. S. Meijer, arts. [Gedrukte tekst briefhoofd]
S. MEIJER,
ARTS
SARPHATISTRAAT 109
SPREEKUUR 8-9 V.M.
TELEFOON 54895
AMSTERDAM..................194...
[Handgeschreven tekst midden]
29/3 [1942]
R [paraaf]
De heer R. Sponza
moet wegens ziekte
thuis blijven vertoeven
1 week.
[Gedrukte marge links (afkortingen ziekenfondsen/instanties)]
A.Z.A.
A.O.Z.
A.Z.
B.Z.
E.M.M.
N.A.Z.
NED.
R.Z.
VICT.
Z.Z.
K 308
[Handgeschreven tekst onderzijde]
W:pl: [Woonplaats / Werkplaats]
pl: n: 67.
[Handtekening/Paraaf S. Meijer]
[Stempel en aantekeningen in donkere inkt]
GEZIEN
DE INSPECTEUR,
[Handtekening] 8/4 42
n. v. admin. dagm. * Auteur: De verklaring is opgesteld door Salomon Meijer (1881-1943), een Joodse arts die praktijk hield aan de Sarphatistraat. De Sarphatistraat was destijds een belangrijk centrum van het Joodse leven in Amsterdam.
* Inhoud: De arts verklaart dat de patiënt (de heer R. Sponza) wegens ziekte gedurende één week "thuis moet blijven vertoeven". Dit taalgebruik is typisch voor die tijd om aan te geven dat iemand niet in staat is te werken of zich te verplaatsen.
* Bureaucratisch proces: De stempel "GEZIEN DE INSPECTEUR" gedateerd op 8 april 1942 (tien dagen na uitschrijven) duidt op een officiële controle. Tijdens de bezetting werden medische attesten van Joodse artsen streng gecontroleerd door keuringsartsen, vaak om te voorkomen dat mensen via medische weg probeerden onder dwangarbeid of deportatie uit te komen.
* Administratieve codes: De afkortingen in de linkermarge (zoals A.Z.A. - Amsterdamsch Ziekenfonds voor Arbeiders) verwijzen naar de verschillende ziekenfondsen waar de patiënt bij aangesloten kon zijn. Dit document is een indringend overblijfsel van de bureaucratische controle op de Joodse bevolking in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. In de loop van 1942 werd de druk op Joodse burgers om zich te melden voor "tewerkstelling in het Oosten" of in Nederlandse werkkampen opgevoerd. Medische attesten waren een van de weinige legale manieren om (tijdelijk) uitstel van oproepen te krijgen.
De arts, Salomon Meijer, bleef ondanks de beperkingen zijn patiënten bijstaan totdat hij zelf in 1943 werd gedeporteerd. Hij kwam op 16 april 1943 om het leven in het vernietigingskamp Sobibor. De patiënt, de heer Sponza, behoorde waarschijnlijk tot de Sefardisch-Joodse gemeenschap in Amsterdam, gezien de achternaam. Dergelijke documenten worden vaak teruggevonden in de archieven van de Joodsche Raad of de gemeentelijke sociale diensten uit die periode. R. Sponza S. Meijer