Archief 745
Inventaris 745-375
Pagina 179
Dossier 29
Jaar 1942
Stadsarchief

Administratieve correspondentie / Memorie van toelichting betreffende een marktvergunning.

Dossier: 14, 30/21/1

Origineel

Administratieve correspondentie / Memorie van toelichting betreffende een marktvergunning. [Stempel linksboven]
BIJBLAD VAN:
M. No. 30/21/1 1942
DOORGEZONDEN: 16/4-'42.

[Handgeschreven bovenzijde]
319 [onderstreept]
W. Schaap, pl. 22 Waterlooplein
M. Renz, om assist., 17-4-'42
deBoer [onderstreept]

[Marginale aantekeningen midden/links]
m. i. geen bezwaar
(Zie rapport Chef Marktw.)
Waterlooplein
5-5-'42
deBoer [onderstreept]

[Rode/blauwe potloodaantekeningen]
30/21/2 M
3 dag
18/5/42
[paraaf]

[Hoofdtekst]
24 - 2 - 42
Den Heer Inspecteur
Aangaande het verzoek van W. Schaap pl: h: n: 22, om assistentie door zijn kleinzoon, zou ik U in overweging willen geven het verzoek toe te staan. Mij is bekend dat als regel geen toestemming wordt verleend aan personen welke de 18 jarige leeftijd nog niet bereikt hebben, maar dit geval is m: i: een uitzondering, aangezien W. Schaap zoo slecht van gezicht is dat hij het papieren geld niet kan onderscheiden, en niet kan zien als er van zijn stal (terstond) goederen gestolen worden.
J. Renz Het document is een formeel verzoek aan de inspecteur van het marktwezen om een uitzondering te maken op de geldende reglementen. De kern van de zaak is dat standplaatshouder W. Schaap (gevestigd op het Waterlooplein, plaats 22) hulp nodig heeft van zijn kleinzoon.

De regels schreven destijds voor dat assistenten op de markt minimaal 18 jaar oud moesten zijn. De kleinzoon in kwestie voldoet blijkbaar niet aan deze leeftijdseis. De argumentatie voor de uitzondering is medisch van aard: de heer Schaap is zeer slechtziend ("zoo slecht van gezicht"). Hierdoor kan hij papiergeld niet van elkaar onderscheiden en is hij niet in staat diefstal vanaf zijn kraam op te merken.

De administratieve verwerking laat een traag proces zien: het verzoek van februari wordt pas in april doorgezonden en begin mei voorzien van een positief advies ("m.i. geen bezwaar") door een ambtenaar genaamd de Boer, na raadpleging van een rapport van de Chef Marktwezen. Dit document stamt uit het voorjaar van 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De locatie, het Waterlooplein in Amsterdam, was van oudsher het hart van de Joodse markt. In de periode waarin dit document is opgesteld, werden de beperkingen voor Joodse marktkooplieden door de bezetter steeds nijpender.

Hoewel de tekst zelf een puur praktische, medische reden aanvoert voor het verzoek, past de uiterst strikte bureaucratische afhandeling (waarbij zelfs voor hulp van een kleinzoon aan een nagenoeg blinde man officiële rapporten en maandenlange procedures nodig waren) in het tijdsbeeld van de bezetting. Het document illustreert de dagelijkse overlevingsstrijd van kleine neringdoenden die, naast de fysieke ongemakken van ouderdom of gebrek, te maken hadden met een onverzettelijk administratief apparaat. Aangaande het (Inspecteur) J. Renz M. No M. Renz W. Schaap Marktwezen

Samenvatting

Het document is een formeel verzoek aan de inspecteur van het marktwezen om een uitzondering te maken op de geldende reglementen. De kern van de zaak is dat standplaatshouder W. Schaap (gevestigd op het Waterlooplein, plaats 22) hulp nodig heeft van zijn kleinzoon.

De regels schreven destijds voor dat assistenten op de markt minimaal 18 jaar oud moesten zijn. De kleinzoon in kwestie voldoet blijkbaar niet aan deze leeftijdseis. De argumentatie voor de uitzondering is medisch van aard: de heer Schaap is zeer slechtziend ("zoo slecht van gezicht"). Hierdoor kan hij papiergeld niet van elkaar onderscheiden en is hij niet in staat diefstal vanaf zijn kraam op te merken.

De administratieve verwerking laat een traag proces zien: het verzoek van februari wordt pas in april doorgezonden en begin mei voorzien van een positief advies ("m.i. geen bezwaar") door een ambtenaar genaamd de Boer, na raadpleging van een rapport van de Chef Marktwezen.

Historische Context

Dit document stamt uit het voorjaar van 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De locatie, het Waterlooplein in Amsterdam, was van oudsher het hart van de Joodse markt. In de periode waarin dit document is opgesteld, werden de beperkingen voor Joodse marktkooplieden door de bezetter steeds nijpender.

Hoewel de tekst zelf een puur praktische, medische reden aanvoert voor het verzoek, past de uiterst strikte bureaucratische afhandeling (waarbij zelfs voor hulp van een kleinzoon aan een nagenoeg blinde man officiële rapporten en maandenlange procedures nodig waren) in het tijdsbeeld van de bezetting. Het document illustreert de dagelijkse overlevingsstrijd van kleine neringdoenden die, naast de fysieke ongemakken van ouderdom of gebrek, te maken hadden met een onverzettelijk administratief apparaat.

Genoemde Personen 5

Aangaande het (Inspecteur) J. Renz M. No M. Renz W. Schaap

Locaties

Waterlooplein

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit Kruidenier (Droog): Meel Olie & Techniek: Lood Olie & Techniek: Olie Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Hart Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Kooplieden in dit dossier 14

Gerelateerde Documenten 6