Doorslag van een getypte brief (ambtelijke correspondentie).
Origineel
Doorslag van een getypte brief (ambtelijke correspondentie). 14 augustus 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen of een gerelateerde Amsterdamse gemeentedienst). Den Heer A. Gombault, Wirtschaftsreferent Bureau Beauftragte voor de Stad Amsterdam. [Linksboven handgeschreven aantekeningen in blauw potlood, grotendeels onleesbaar, mogelijk: "Vermoedelijk" / "Afgedaan"]
vD/HB.
den Heer A.Gombault,
Wirtschaftsreferent Bureau Beauftragte
voor de Stad Amsterdam,
Museumplein 19,
Amsterdam-Zuid.
30/45/2 M. 14 Augustus 1942.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 29 Juli j.l. Ref.Wi. bericht ik U, dat Rotenberg vrij geregeld gebruik maakte van een losse plaats op de Joodsche markt Waterlooplein. In de week, dat de voorbereidingen werden getroffen om, ingevolge Uw opdracht, uitsluitend vaste plaatsen op deze markten uit te geven, is Rotenberg niet op de markt verschenen, zoodat met zijn belangen op dat moment geen rekening kon worden gehouden.
Mocht U van meening zijn, dat voor dit geval – waar de man wel als losse plaatshouder bekend was – thans nog een uitzondering moet worden gemaakt, dan ontvang ik hiervan gaarne bericht.
De Directeur, * Administratieve context: De brief is een antwoord op een verzoek van Gombault (een Duitse functionaris) over de status van een zekere Rotenberg. Het toont de nauwe samenwerking en de hiërarchische verhouding tussen het Amsterdamse ambtenarenapparaat en de Duitse bezettingsautoriteiten (het Bureau van de Beauftragte).
* Regulering van Joodse markten: De tekst verwijst naar een specifieke opdracht om "uitsluitend vaste plaatsen" uit te geven op de Joodse markten. Dit wijst op een proces van verdere bureaucratisering en inperking van de Joodse handel.
* De casus Rotenberg: Rotenberg had voorheen een "losse plaats" (een tijdelijke plek die per dag werd vergeven). Omdat hij niet aanwezig was tijdens de week van de herindeling, kreeg hij geen vaste plek toegewezen. De directeur stelt de vraag of er voor hem een uitzondering moet worden gemaakt.
* Tijdsgeest: In augustus 1942 waren de grootschalige deportaties van Joden uit Amsterdam al in volle gang. De opmerking dat Rotenberg "niet op de markt verschenen" is tijdens de cruciale week, kan een sinistere achtergrond hebben: hij was mogelijk ondergedoken, opgepakt of al gedeporteerd. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland werden Joden stapsgewijs uit het openbare leven geweerd. In 1941 werden zij verbannen van reguliere markten en gedwongen te handelen op speciaal aangewezen "Joodsche markten", zoals op het Waterlooplein.
De Beauftragte für die Stadt Amsterdam (Hans Böhmcker) hield toezicht op het gemeentebestuur. A. Gombault was een Wirtschaftsreferent in zijn staf, verantwoordelijk voor economische zaken, waaronder de "arisering" en de strikte controle op Joodse economische activiteiten. Deze brief illustreert hoe de kleinste details van het dagelijks leven van Joodse burgers (zoals een standplaats op de markt) onder direct toezicht van de bezetter stonden, uitgevoerd door de lokale bureaucratie.