Doorslag van een ambtelijke kennisgeving (administratieve notitie).
Origineel
Doorslag van een ambtelijke kennisgeving (administratieve notitie). [Linksboven, getypt:]
30/64/2 M.
[Midden boven, handgeschreven in paars/blauw krijt of potlood:]
Verzonden 28/9 [gevolgd door onleesbare paraaf/letters]
[Rechtsboven, getypt:]
HB.
28 September 1942.
[Rechterzijde, adresblok getypt:]
den Heer M. Knoop,
St. Anthoniebreestraat 24,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 3.
[Links, ter hoogte van het adres:]
Gaaspstraat
[Midden, getypt:]
vrijstelling van betaling
marktgeld.
Tegoed ƒ 0,60.
[Rechtsonder, getypt:]
Gaaspstraat
30 Augustus 1942.
[Onderaan gecentreerd:]
—— Dit document is een administratief bewijsstuk betreffende een "tegoed" van 0,60 gulden aan marktgeld voor de heer M. Knoop. Het betreft een vrijstelling van betaling voor de markt aan de Gaaspstraat, gedateerd op 30 augustus 1942, terwijl het document zelf op 28 september 1942 is verzonden. De vermelding "HB." rechtsboven verwijst waarschijnlijk naar de afdeling Hoofdbureau of een specifieke administratieve sectie van de gemeente Amsterdam (Marktwezen). Het lage bedrag en de zakelijke toon contrasteren scherp met de historische realiteit van de ontvanger in die periode. Het document stamt uit de tijd van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De context is hier essentieel: de geadresseerde, Meyer Knoop (geboren in 1888), was een Joodse marktkoopman. Vanaf november 1941 mochten Joodse kooplieden in Amsterdam uitsluitend nog hun waren aanbieden op speciaal aangewezen "Joodse markten". Een van deze markten bevond zich in de Gaaspstraat (hoek IJselstraat).
De datum van september 1942 is wrang: in deze periode waren de grootschalige deportaties van Joden uit Amsterdam naar kamp Westerbork en verder naar de vernietigingskampen al in volle gang. De St. Anthoniebreestraat lag in het hart van de Joodse buurt. Meyer Knoop en zijn gezin zijn later weggevoerd; Meyer Knoop zelf werd in januari 1943 in Auschwitz vermoord. Dit document illustreert hoe de bureaucratie rondom marktgelden en kleine bedragen simpelweg doorliep, terwijl de mensen op wie de administratie betrekking had, systematisch werden vervolgd en gedeporteerd.