Administratief bijblad / routebriefje (Model No. 14 van Algemene Zaken).
Origineel
Administratief bijblad / routebriefje (Model No. 14 van Algemene Zaken). 9 mei 1942 t/m 3 juli 1942. [Linksboven in kader:]
BIJBLAD VAN:
M. No. 31/1/1 194 2
DOORGEZONDEN: 9/5-'42
[Rechtsboven, potlood:]
Valt even binnen begrenzing markt. 2455
[Daaronder, inkt:]
Ja, m.i. geen bezwaar,
18-5-42
de Haan
[Midden links, potlood:]
Gerapp. W.K.: "geen bezwaar"
29/5-42
[Paraph]
[Midden, rode inkt:]
[onleesbare paraaf/code, mogelijk: MR in / b]
[Midden rechts, inkt:]
JhD 22/5 42
[Midden rechts, om cirkeld inkt:]
"Jodenmarkt!"
[Rechtsonder, potlood:]
Afschrift maken
Apostille Weth. binden.
[Daaronder, rode inkt:]
Kennisname
3-7-42
[Paraph]
[Linksonder, voorgedrukt:]
Alg. Zaken-Model No. 14
14333-1000-7-'41-1727 Dit document is een ambtelijk "bijblad" dat diende voor de interne routing en besluitvorming binnen een gemeentelijke afdeling (waarschijnlijk Amsterdam) tijdens de Duitse bezetting. Het bevat korte adviezen en fiatten van verschillende ambtenaren over een periode van twee maanden in 1942.
De verschillende handschriften en kleuren inkt duiden op een proces waarbij het stuk langs diverse bureaus is gegaan:
1. 9 mei 1942: Het stuk wordt in omloop gebracht.
2. 18 mei 1942: Ambtenaar 'de Haan' geeft aan geen bezwaar te hebben.
3. 22 mei 1942: Een volgende paraaf (JhD) wordt gezet.
4. 29 mei 1942: Rapportage door 'W.K.', wederom zonder bezwaar.
5. 3 juli 1942: Afsluiting met de stempel/notitie "Kennisname" in rode inkt, wat vaak duidde op de finale goedkeuring of het ter kennisgeving aannemen door een hogere instantie of het archief.
De kern van het document is de omcirkelde opmerking "Jodenmarkt!". Dit is de reden voor de administratieve controle: er moest blijkbaar getoetst worden of een bepaalde locatie of activiteit binnen de grenzen van een aangewezen Jodenmarkt viel. Het document dateert uit het voorjaar en de vroege zomer van 1942, een cruciale en grimmige periode in de Jodenvervolging in Nederland. In 1941 waren in Amsterdam door de bezetter specifieke "Jodenmarkten" ingesteld (zoals op het Waterlooplein, de Gaaspstraat en het Transvaalplein). Joden werden hiermee afgezonderd van de reguliere markten en de rest van de bevolking.
De opmerking "Valt even binnen begrenzing markt" suggereert dat er een verzoek of een situatie was (bijvoorbeeld een vergunningsaanvraag of een handhavingskwestie) waarbij exact bepaald moest worden of een adres onder de beperkende maatregelen van de Jodenmarkt viel.
Dit document is een treffend voorbeeld van de "banaliteit van het kwaad" in de bureaucratie: ambtenaren die met droge opmerkingen als "geen bezwaar" en administratieve precisie de uitsluiting en isolatie van de Joodse bevolking faciliteerden en vastlegden. Kort na de laatste datum op dit document (3 juli 1942) begonnen de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam naar kamp Westerbork en verder. M. No Gemeente Amsterdam