Handgeschreven verzoekschrift/brief.
Origineel
Handgeschreven verzoekschrift/brief. 5 mei 1942 (handgeschreven) / 7 mei 1942 (stempel). Lod de Groot. Waarschijnlijk een ambtenaar van het Gewestelijk Arbeidsbureau of een keuringsinstantie. (Potloodaantekeningen bovenaan, deels moeilijk leesbaar:)
Worden geen voorkeur meer verleend
Mijnheer bs 5/5-42
(Hoofdtekst:)
Nº 37/89/1 M. 1942 7/5
Mijnheer.
Hierbij doe ik u ’n
schrijven en vraag beleefd of
ik niet in aanmerking kan ko-
men voor ’n keurkaart. Reeds
vier jaar werk ik bij J. Mul
Voosthaanstraat 34 of v. Hallstraat 128
Deze had twee zaken, doch
kon het echter niet bolwerken
Een werd er verkocht, en nu
krijg ik binnenkort mijn
ontslag. Ik sta geheel alleen
en nu staat voor mij niets
anders over dan de weg naar
Duitschland. Daarom vraag
ik u het bovenstaande, en
teken ik in de hoop dat u
aan mij zult denken.
Lod de Groot
van 2de Anjeliersdwarsstraat
10 II * Kernboodschap: De afzender, Lod de Groot, vraagt dringend om een "keurkaart" (een bewijs van medische keuring of vrijstelling). Hij dreigt zijn baan te verliezen omdat zijn werkgever, J. Mul, een van zijn twee zaken heeft moeten verkopen.
* Motivatie: Zonder werk loopt De Groot het risico te worden opgeroepen voor de Arbeitseinsatz (dwangarbeid in Duitsland). Hij benadrukt dat hij er "geheel alleen" voor staat, wat duidt op een gebrek aan sociaal vangnet of gezinsleden die van hem afhankelijk zijn (wat soms een reden voor uitstel kon zijn).
* Locaties: De genoemde adressen (Van Hallstraat, 2de Anjeliersdwarsstraat) situeren de schrijver in Amsterdam (Jordaan/Staatsliedenbuurt). "Voosthaanstraat" is vermoedelijk een verschrijving van de Van Ostadestraat.
* Toon: De brief is nederig en beleefd ("vraag beleefd", "in de hoop dat u aan mij zult denken"), wat typerend is voor correspondentie met instanties tijdens de bezetting, waarbij de schrijver volledig afhankelijk was van de grillen van de bureaucratie. Deze brief stamt uit mei 1942, een periode waarin de Duitse bezetter de druk op de Nederlandse arbeidsmarkt opvoerde om arbeiders naar de Duitse oorlogsindustrie te sturen. Voor veel Nederlandse mannen was het verkrijgen van een medische afkeuring of een "Sperre" (vrijstelling vanwege onmisbaar werk) de enige manier om deportatie te voorkomen.
De potloodaantekening bovenaan ("Worden geen voorkeur meer verleend") is onheilspellend; het suggereert dat het verzoek door de behandelend ambtenaar is afgewezen omdat het beleid voor uitzonderingsposities was aangescherpt. Dit document illustreert de persoonlijke wanhoop van individuen die probeerden te ontsnappen aan de tewerkstelling in nazi-Duitsland. J. Mul
Samenvatting
- Kernboodschap: De afzender, Lod de Groot, vraagt dringend om een "keurkaart" (een bewijs van medische keuring of vrijstelling). Hij dreigt zijn baan te verliezen omdat zijn werkgever, J. Mul, een van zijn twee zaken heeft moeten verkopen.
- Motivatie: Zonder werk loopt De Groot het risico te worden opgeroepen voor de Arbeitseinsatz (dwangarbeid in Duitsland). Hij benadrukt dat hij er "geheel alleen" voor staat, wat duidt op een gebrek aan sociaal vangnet of gezinsleden die van hem afhankelijk zijn (wat soms een reden voor uitstel kon zijn).
- Locaties: De genoemde adressen (Van Hallstraat, 2de Anjeliersdwarsstraat) situeren de schrijver in Amsterdam (Jordaan/Staatsliedenbuurt). "Voosthaanstraat" is vermoedelijk een verschrijving van de Van Ostadestraat.
- Toon: De brief is nederig en beleefd ("vraag beleefd", "in de hoop dat u aan mij zult denken"), wat typerend is voor correspondentie met instanties tijdens de bezetting, waarbij de schrijver volledig afhankelijk was van de grillen van de bureaucratie.
Historische Context
Deze brief stamt uit mei 1942, een periode waarin de Duitse bezetter de druk op de Nederlandse arbeidsmarkt opvoerde om arbeiders naar de Duitse oorlogsindustrie te sturen. Voor veel Nederlandse mannen was het verkrijgen van een medische afkeuring of een "Sperre" (vrijstelling vanwege onmisbaar werk) de enige manier om deportatie te voorkomen.
De potloodaantekening bovenaan ("Worden geen voorkeur meer verleend") is onheilspellend; het suggereert dat het verzoek door de behandelend ambtenaar is afgewezen omdat het beleid voor uitzonderingsposities was aangescherpt. Dit document illustreert de persoonlijke wanhoop van individuen die probeerden te ontsnappen aan de tewerkstelling in nazi-Duitsland.