Officieel afschrift van een vergunning (gemeentebesluit).
Origineel
Officieel afschrift van een vergunning (gemeentebesluit). 16 maart 1942. Uitgereikt 16 Maart 1942 [handgeschreven]
Afschrift:
Th. Müller [handgeschreven handtekening]
G E M E E N T E A M S T E R D A M
No. 5/46 L.M. 1942.
№ 39/32/1 M. 1942 [stempel in paars, met toevoeging 10/3 en paraaf]
De Burgemeester van Amsterdam,
Gezien een adres van Frederik Arnoldus van den Heuvel, geboren 11 Juli 1917 wonende Hasebroekstraat 40 I, waarbij vergunning wordt verzocht tot het innemen eener standplaats met een handkar ten verkoop van fruit op den openbaren weg;
Geeft adressant te kennen, dat hem tot wederopzeggens toe, doch niet langer dan tot 1 April 1943, wordt toegestaan een standplaats in te nemen met een handkar ten verkoop van fruit, op den openbaren weg, den voetweg van de Warmondstraat, evenwijdig aan en op 1/2 M. afstand van den rijweg, voor perceel 206, om daarvan, op werkdagen, aanvangende te 9 uur v.m., gebruik te maken gedurende de tijden, waarop het venten met genoemd artikel volgens de Verordening op de Winkelsluiting is toegestaan en voorts onder de volgende voorwaarden:
a. het verschuldigde standplaatsgeld moet bij vooruitbetaling worden voldaan;
b. de vergunninghouder mag alleen persoonlijk van deze vergunning gebruik maken en zich bij den verkoop niet doen bijstaan;
c. boven de kar mag zich niets anders bevinden dan een zeil of een andere bedekking van een afmeting niet grooter dan de oppervlakte van de kar, welke bedekking alleen aan de kar en niet, op welke wijze ook, aan de straat of anderszins mag worden vastgemaakt;
d. aan de kar mag zich geen omheining bevinden, hetzij van zeildoek, hetzij van getimmerte, zoodat het uitzicht boven, onder en langs de kar naar alle zijden vrij blijve;
e. onder de kar of in de onmiddellijke nabijheid daarvan, mogen zich geen voorwerpen bevinden van welken aard ook;
f. als brandstof voor de met vloeibare brandstof gevulde lampen mag geen benzine worden gebruikt, terwijl de naaldafsluiter, welke zich bevindt in de brandstofleiding tusschen het brandstofreservoir en de lichtbron, van een aanslag voor den open stand moet zijn voorzien;
g. de straat onder en in de nabijheid van de kar moet rein blijven;
h. de verpakking, bewaring, behandeling en het vervoer mag uitsluitend geschieden op zindelijke wijze en zoodanig dat verontreiniging voldoende wordt voorkomen;
i. de verpakking van eetwaren mag niet geschieden in papier, dat reeds voor andere doeleinden is gebruikt;
j. de vergunninghouder moet op de eerste aanzegging der Politie de aangewezen plaats ontruimen, indien dit in het belang van de openbare orde of van het openbaar verkeer, door deze noodig wordt geoordeeld, zullende de weder ingebruikneming niet mogen geschieden, dan met haar toestemming, terwijl alle overige aanwijzingen door haar te geven, stipt moeten worden nageleefd;
k. deze vergunning zal op eerste aanvraag aan alle ambtenaren van de Politie en het Marktwezen ter inzage moeten worden overhandigd, zoomede de kwitantie betreffende het betaalde standplaatsgeld over de loopende, c.q. voorafgaande week. Dit document is een formele vergunning voor straathandel in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het toont de bureaucratische precisie en de strikte regelgeving waaraan kleine handelaren destijds onderworpen waren. Enkele opvallende punten zijn:
* Strikte voorwaarden: De lijst met voorwaarden (a t/m k) dekt alles van hygiëne (geen hergebruikt papier) tot openbare orde en brandveiligheid (lampen op vloeibare brandstof).
* Persoonlijke aard: De vergunning is strikt persoonsgebonden; de houder mag zich niet laten helpen (punt b).
* Tijdelijkheid: De vergunning heeft een vaste einddatum (1 april 1943) of kan "tot wederopzeggens" worden ingetrokken.
* Locatiebepaling: De standplaats is zeer specifiek omschreven: de voetweg van de Warmondstraat, voor perceel 206, op precies 0,5 meter van de rijweg. De datum van 16 maart 1942 valt midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de burgemeester van Amsterdam Edward Voûte, die door de bezetter was aangesteld. Voor veel Amsterdammers was de straathandel in fruit of groenten een manier om in tijden van schaarste en werkloosheid nog enig inkomen te genereren.
De strenge regels voor verpakking (geen gebruikt papier) waren waarschijnlijk ingegeven door zowel hygiënische overwegingen als een algemeen tekort aan materialen. De referentie naar brandstoflampen wijst op de beperkte beschikbaarheid van elektriciteit en de noodzaak om ook in de vroege ochtenduren of winteravonden te kunnen werken. De Warmondstraat ligt in Amsterdam-West (Hoofddorppleinbuurt), terwijl de aanvrager in de Hasebroekstraat (Kinkerbuurt) woonde. Dit document geeft een inkijkje in het dagelijks overlevingsproces van een gewone Amsterdammer onder een autoritair regime.