Archief 745
Inventaris 745-379
Pagina 306
Jaar 1942
Stadsarchief

Officieel schrijven/kennisgeving vanuit het Amsterdamse stadsbestuur.

Augustus 1942. Van: De Wethouder voor de Arbeidszaken.

Origineel

Officieel schrijven/kennisgeving vanuit het Amsterdamse stadsbestuur. Augustus 1942. De Wethouder voor de Arbeidszaken. gegevens, voorkomende in de bij het Departement berustende ver-
klaringen in zake de afstamming van het Overheidspersoneel, ver-
ouderd waren. Men deelde mede, dat de destijds afgelegde verkla-
ringen kunnen worden gebezigd om daaruit de thans gevraagde ge-
gevens te putten, zoodat niet het geheele personeel in dit on-
derzoek behoeft te worden betrokken. Alleen in het geval, dat bij
een bepaalden persoon van eenige aanwijzing of eenig vermoeden
sprake kan zijn, zal een nader onderzoek dienen te worden inge-
steld.
Ten slotte deel ik U mede, dat voor den in mijn schrijven
van 14 Augustus j.l., No. 1325 a Arb., genoemden datum van " den
24sten Augustus a.s.", waarop de gevraagde gegevens in mijn be-
zit dienen te zijn, gelezen kan worden "den 1sten September a.s.".

                           De Wethouder voor de Arbeidszaken,

                           [Handtekening]

Arb. Z, Stadhuis,
A'dam, Aug. 1942.

Handgeschreven notitie in blauw/paars potlood:
reeds opgegeven
alles contr. Hooft.
[L-vormige paraaf] Deze tekst is een fragment van een administratieve mededeling betreffende het onderzoek naar de "afstamming" van ambtenaren in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting. De kernpunten zijn:

  1. Hergebruik van gegevens: Er wordt gesteld dat eerder afgelegde verklaringen (waarschijnlijk de zogenaamde 'Ariërverklaringen' uit 1940) gebruikt kunnen worden om de thans gevraagde gegevens te verkrijgen. Hierdoor hoeft niet al het personeel opnieuw een verklaring af te leggen.
  2. Uitzonderingen: Slechts wanneer er een "vermoeden" of "aanwijzing" is dat de eerdere informatie niet klopt (met andere woorden: een vermoeden van Joodse afkomst die niet gemeld is), wordt er een nader onderzoek ingesteld.
  3. Uitstel van deadline: De deadline voor het aanleveren van de gegevens wordt verschoven van 24 augustus naar 1 september 1942.
  4. Handgeschreven toevoeging: De notitie "reeds opgegeven / alles contr. Hooft" wijst op een interne administratieve controle, waarbij een ambtenaar genaamd Hooft bevestigt dat de benodigde informatie al is verwerkt. Dit document stamt uit een duistere periode van de Nederlandse geschiedenis. In de zomer van 1942 was de systematische vervolging van Joden in Nederland in volle gang; de deportaties naar de vernietigingskampen waren in juli van dat jaar begonnen.

De overheid, onder toezicht van de Duitse bezetter, voerde een strikt beleid uit om ambtenaren van Joodse afkomst te identificeren en uit hun functie te zetten. Dit document illustreert de bureaucratische efficiëntie waarmee de gemeente Amsterdam meewerkte aan het in kaart brengen van de afkomst van haar personeel. De term "afstamming" in deze context is een direct eufemisme voor de raciale criteria van de Neurenberger wetten die door de nazi's werden toegepast. Het feit dat men eerdere verklaringen hergebruikte, toont aan dat het proces van uitsluiting een continue, administratieve operatie was.

Samenvatting

Deze tekst is een fragment van een administratieve mededeling betreffende het onderzoek naar de "afstamming" van ambtenaren in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting. De kernpunten zijn:

  1. Hergebruik van gegevens: Er wordt gesteld dat eerder afgelegde verklaringen (waarschijnlijk de zogenaamde 'Ariërverklaringen' uit 1940) gebruikt kunnen worden om de thans gevraagde gegevens te verkrijgen. Hierdoor hoeft niet al het personeel opnieuw een verklaring af te leggen.
  2. Uitzonderingen: Slechts wanneer er een "vermoeden" of "aanwijzing" is dat de eerdere informatie niet klopt (met andere woorden: een vermoeden van Joodse afkomst die niet gemeld is), wordt er een nader onderzoek ingesteld.
  3. Uitstel van deadline: De deadline voor het aanleveren van de gegevens wordt verschoven van 24 augustus naar 1 september 1942.
  4. Handgeschreven toevoeging: De notitie "reeds opgegeven / alles contr. Hooft" wijst op een interne administratieve controle, waarbij een ambtenaar genaamd Hooft bevestigt dat de benodigde informatie al is verwerkt.

Historische Context

Dit document stamt uit een duistere periode van de Nederlandse geschiedenis. In de zomer van 1942 was de systematische vervolging van Joden in Nederland in volle gang; de deportaties naar de vernietigingskampen waren in juli van dat jaar begonnen.

De overheid, onder toezicht van de Duitse bezetter, voerde een strikt beleid uit om ambtenaren van Joodse afkomst te identificeren en uit hun functie te zetten. Dit document illustreert de bureaucratische efficiëntie waarmee de gemeente Amsterdam meewerkte aan het in kaart brengen van de afkomst van haar personeel. De term "afstamming" in deze context is een direct eufemisme voor de raciale criteria van de Neurenberger wetten die door de nazi's werden toegepast. Het feit dat men eerdere verklaringen hergebruikte, toont aan dat het proces van uitsluiting een continue, administratieve operatie was.

Kooplieden in dit dossier 23

A.S. Kroon Uilenburg 5/71 '41
A.S. Kroon Uilenburg 5/71 '41
C.L.J. Berkhout Uilenburg 764 '39
C.L.J. Berkhout Uilenburg 764 '39
D. Espinoza Uilenburg 764 '39
D. Espinoza Uilenburg 764 '39
D. Poortvliet Uilenburg 764 '39
D. Poortvliet Uilenburg 764 '39
G. J. Roseboom Uilenburg 764 '39
K. Rozeboom Uilenburg 764 '39
G. Zwaaf-Pront. Uilenburg 764 '39
H. Dijkstra Uilenburg 764 '39
H. Dijkstra Uilenburg 764 '39
R. Hooft Uilenburg van de vier grootouders van zijn echtgenoote zijn meer dan twee van Joodschen bloede.
H. Wiersma Uilenburg 764 '39
H. Wiersma Uilenburg 764 '39
J. Zwaaf-Front Uilenburg 764 '39
L. Brandse Uilenburg 764 '39
L. Brandse Uilenburg 764 '39
Mozes Aronson Uilenburg 607 '40
Mozes Aronson Uilenburg 607 '40
A. Koedyk Uilenburg 5/172 '41
A. Koedyk Uilenburg 5/172 '41

Gerelateerde Documenten 6