Getypte brief / financiële afrekening met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypte brief / financiële afrekening met handgeschreven kanttekeningen. 30 mei 1942. De waarnemend Directeur (wnd.) van een niet nader genoemde overheidsdienst (gezien de referentie 'HG.' mogelijk een Hoofdbureau of Gemeentelijke dienst). Het Centraal Verkoopkantoor van mosselen te Bergen op Zoom. (Handgeschreven rechtsboven:) W. Müller [?]
(Getypt bovenaan:) HG. (Handgeschreven daarnaast:) Verzonden 30/5
46A/1/15 M.
30 Mei 1942.
het Centraal Verkoopkantoor
van mosselen,
te
BERGEN OP ZOOM.
Ik heb de eer U te berichten, dat in de week van 17 tot en met 23 Mei 1942 door de combinatie Lammers - Van Zanten aan mijn dienst werd afgedragen: ƒ 320,75
Onder aftrek van " 32,08
voor bemoeiingen van mijn dienst zal het
saldo groot ƒ 288,67
eerstdaags op Uw postrekening no. 261192 worden overgeschreven.
De Directeur,
wnd.
Specificatie: Aangevoerd:
19 Mei 1942 Wieringerboot 473 balen ƒ 118,25 18 Mei 1942
20 Mei 1942 " 346 balen ƒ 86,50 20 Mei 1942
21 Mei 1942 " 464 balen ƒ 116,- 21 Mei 1942
1283 balen ƒ 320,75
==== ==========
641½ ton van 100 kg. * Inhoud: Het document is een formele kennisgeving van een overboeking. De "combinatie Lammers - Van Zanten" heeft mosselen geleverd via een "Wieringerboot". De dienst die de brief verstuurt, int het geld en houdt 10% in (ƒ 32,08 op een totaal van ƒ 320,75) als vergoeding voor "bemoeiingen" (administratieve afhandeling of bemiddeling).
* Rekeneenheden: Er wordt gesproken over "balen" mosselen. Uit de laatste regel blijkt de verhouding: 1283 balen staan gelijk aan 641,5 "ton van 100 kg" (een 'ton' wordt hier dus gebruikt voor een kwintaal/honderdgewicht). Dit betekent dat één baal mosselen exact 50 kg woog.
* Taalgebruik: De brief hanteert de destijds gebruikelijke beleefdheidsvorm ("Ik heb de eer U te berichten"). Dit document stamt uit mei 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De mosselsector was, net als veel andere voedselsectoren, sterk gereguleerd via centrale instanties zoals het "Centraal Verkoopkantoor van mosselen".
Het gebruik van de term "Wieringerboot" is interessant; hoewel de mosselcultuur primair geassocieerd wordt met Zeeland, waren vissers uit Wieringen (na de afsluiting van de Zuiderzee) ook actief in andere wateren of betrokken bij het transport. De centralisatie van de verkoop was een kenmerk van de oorlogseconomie, waarbij de bezetter via distributie- en verkoopkantoren de grip op de voedselvoorraad en de geldstromen trachtte te behouden. De handgeschreven naam "Müller" bovenin zou kunnen wijzen op een Duitse toezichthouder of 'Verwalter' die de administratie controleerde.