Archiefdocument
Origineel
27 juli 1942. De Directeur van het Marktwezen (waarnemend). Bladzijde 2 van brief No.46A/4/49 M.d.d. 27 Juli 1942 aan den
Heer Wethouder voor de Levensmiddelen van den Directeur van het
Marktwezen.
Van onderstaande kooplieden is voorloopig zoowel toegang
tot de Centrale Markt ontnomen als de plaatsing op de verdeel-
lijsten, omdat zij aan de hun gezonden oproeping geen gevolg
hebben gegeven.
F.E.W.Jansen Warmoesstraat 51 hs
B. de Vries 1e Oosterparkstraat 64 hs
H.F.Peitema 2e Rozendwarsstraat 9 (heeft nog geen beslis-
sing genomen!)
E.Onderstal Kuiperstraat 64 III (is met vacantie tot en
met 29 Augustus 1942.)
De Directeur,
wnd. Dit document is een officieel ambtelijk bericht van de Amsterdamse Dienst van het Marktwezen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het betreft een strafmaatregel tegen vier met naam genoemde kooplieden: F.E.W. Jansen, B. de Vries, H.F. Peitema en E. Onderstal. De sanctie houdt in dat zij geen toegang meer hebben tot de Centrale Markt en niet langer voorkomen op de "verdeellijsten" (de lijsten voor de toewijzing van schaarse goederen).
De aanleiding voor deze maatregel is het negeren van een officiële oproep ("oproeping"). Bij twee personen staan specifieke kanttekeningen: Peitema heeft blijkbaar nog geen besluit genomen over de oproep, en Onderstal is afwezig wegens vakantie. De toon is zakelijk maar streng, kenmerkend voor de bureaucratische controle tijdens de bezettingsjaren. Het document is ondertekend door de waarnemend ("wnd.") directeur. De datum van het document, 27 juli 1942, plaatst de brief midden in de Duitse bezetting van Nederland. De voedselvoorziening en de handel waren in die tijd volledig gereguleerd via een distributiestelsel. De Centrale Markt in Amsterdam speelde hierbij een cruciale rol als knooppunt.
In deze periode nam de repressie door het bezettingsbestuur en de daarmee collaborerende of onder druk staande gemeentelijke instanties toe. Kooplieden die niet voldeden aan de steeds strengere administratieve eisen, riskeerden direct hun broodwinning door uitsluiting van de markt en de officiële distributie. Hoewel de specifieke reden voor de "oproeping" niet in dit fragment staat, past de onverbiddelijke administratieve afhandeling in het tijdsbeeld van totale controle over de economische activiteit in de stad.
Samenvatting
Dit document is een officieel ambtelijk bericht van de Amsterdamse Dienst van het Marktwezen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het betreft een strafmaatregel tegen vier met naam genoemde kooplieden: F.E.W. Jansen, B. de Vries, H.F. Peitema en E. Onderstal. De sanctie houdt in dat zij geen toegang meer hebben tot de Centrale Markt en niet langer voorkomen op de "verdeellijsten" (de lijsten voor de toewijzing van schaarse goederen).
De aanleiding voor deze maatregel is het negeren van een officiële oproep ("oproeping"). Bij twee personen staan specifieke kanttekeningen: Peitema heeft blijkbaar nog geen besluit genomen over de oproep, en Onderstal is afwezig wegens vakantie. De toon is zakelijk maar streng, kenmerkend voor de bureaucratische controle tijdens de bezettingsjaren. Het document is ondertekend door de waarnemend ("wnd.") directeur.
Historische Context
De datum van het document, 27 juli 1942, plaatst de brief midden in de Duitse bezetting van Nederland. De voedselvoorziening en de handel waren in die tijd volledig gereguleerd via een distributiestelsel. De Centrale Markt in Amsterdam speelde hierbij een cruciale rol als knooppunt.
In deze periode nam de repressie door het bezettingsbestuur en de daarmee collaborerende of onder druk staande gemeentelijke instanties toe. Kooplieden die niet voldeden aan de steeds strengere administratieve eisen, riskeerden direct hun broodwinning door uitsluiting van de markt en de officiële distributie. Hoewel de specifieke reden voor de "oproeping" niet in dit fragment staat, past de onverbiddelijke administratieve afhandeling in het tijdsbeeld van totale controle over de economische activiteit in de stad.