Brief (waarschijnlijk een doorslag of archiefkopie).
Origineel
Brief (waarschijnlijk een doorslag of archiefkopie). 24 februari 1942. De Directeur (van de Visscherijcentrale). [Handgeschreven in blauw:] Verzonden 24/2
[Getypt:]
HG.
den Heer H.F.Ossendorp Jr.,
Domselaerstraat 41 II,
<u>Amsterdam-Oost.</u>
Wijk 18.
46A/27/2 M. 24 Februari 1942.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 17 dezer deel ik U mede,
dat na behandeling van Uw verzoek in de door de Visscherijcentrale
ingestelde Commissie is gebleken, dat er geen aanleiding bestaat
aan Uw verzoek te voldoen.
De Directeur, Deze korte, zakelijke brief dient als een formele afwijzing van een verzoek dat door de heer Ossendorp was ingediend op 17 februari 1942. De brief vermeldt niet expliciet waar het verzoek over ging, maar verwijst naar een besluit van een specifieke commissie binnen de Visscherijcentrale. De toon is strikt ambtelijk en afstandelijk ("geen aanleiding bestaat aan Uw verzoek te voldoen").
Het document is een doorslag op dun, grijsachtig papier, wat gebruikelijk was voor archiefkopieën in oorlogstijd vanwege papierschaarste. De handgeschreven notitie "Verzonden 24/2" diende voor de administratieve controle op de expeditie van de post. De brief is gedateerd in februari 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De Visscherijcentrale was een overheidsorgaan dat in 1940 door de bezetter was ingesteld om de volledige controle uit te oefenen op de visserijsector, inclusief de vangst, handel, distributie en prijsvorming van vis.
In deze periode was vis een cruciaal onderdeel van de voedselvoorziening, aangezien andere proteïnebronnen steeds schaarser werden. De Visscherijcentrale werkte nauw samen met de distributiediensten. Een verzoek aan deze centrale kon betrekking hebben op diverse zaken: een vergunning voor de handel in vis, een aanvraag voor extra toewijzingen, of een bezwaar tegen opgelegde beperkingen. Gezien het adres in Amsterdam-Oost (een wijk met destijds veel joodse inwoners, hoewel de naam Ossendorp niet direct joods is) en de tijdgeest, vonden dergelijke verzoeken vaak plaats in een context van toenemende regeldruk en schaarste. De afwijzing zonder nadere toelichting illustreert de rigide bureaucratische macht die dergelijke centrales in oorlogstijd bezaten. H.F. Ossendorp
Samenvatting
Deze korte, zakelijke brief dient als een formele afwijzing van een verzoek dat door de heer Ossendorp was ingediend op 17 februari 1942. De brief vermeldt niet expliciet waar het verzoek over ging, maar verwijst naar een besluit van een specifieke commissie binnen de Visscherijcentrale. De toon is strikt ambtelijk en afstandelijk ("geen aanleiding bestaat aan Uw verzoek te voldoen").
Het document is een doorslag op dun, grijsachtig papier, wat gebruikelijk was voor archiefkopieën in oorlogstijd vanwege papierschaarste. De handgeschreven notitie "Verzonden 24/2" diende voor de administratieve controle op de expeditie van de post.
Historische Context
De brief is gedateerd in februari 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De Visscherijcentrale was een overheidsorgaan dat in 1940 door de bezetter was ingesteld om de volledige controle uit te oefenen op de visserijsector, inclusief de vangst, handel, distributie en prijsvorming van vis.
In deze periode was vis een cruciaal onderdeel van de voedselvoorziening, aangezien andere proteïnebronnen steeds schaarser werden. De Visscherijcentrale werkte nauw samen met de distributiediensten. Een verzoek aan deze centrale kon betrekking hebben op diverse zaken: een vergunning voor de handel in vis, een aanvraag voor extra toewijzingen, of een bezwaar tegen opgelegde beperkingen. Gezien het adres in Amsterdam-Oost (een wijk met destijds veel joodse inwoners, hoewel de naam Ossendorp niet direct joods is) en de tijdgeest, vonden dergelijke verzoeken vaak plaats in een context van toenemende regeldruk en schaarste. De afwijzing zonder nadere toelichting illustreert de rigide bureaucratische macht die dergelijke centrales in oorlogstijd bezaten.