Archief 745
Inventaris 745-383
Pagina 270
Dossier 44
Jaar 1942
Stadsarchief

Verslag/Resumé van een verhoor/onderzoek.

29 oktober 1942 (betreft gebeurtenissen van september en oktober 1942).

Origineel

Verslag/Resumé van een verhoor/onderzoek. 29 oktober 1942 (betreft gebeurtenissen van september en oktober 1942). Resumé

Op 29 October 1942 nader gehoord contrôleur B. Felthuis, die ingevolge opdracht op 8 Sept. jl. een nader onderzoek heeft ingesteld in aansluiting op het rapport van den Chef-halopzichter J. Stam z.z. het verkoopen van garnalen buiten de verdeeling om door L. Rooseman aan Y. Goedhart, waarbij waren betrokken H. Bonnier en A. Goedhart.

Felthuis verklaart, dat hij in tegenwoordigheid van contrôleur C. Marinus heeft gehoord zoowel L. Rooseman als Y. Goedhart, ~~H. Bonnier, A. Goedhart~~ en C. Bonnier.

H. Bonnier verklaarde toen, dat hij van de transactie niets afwist; C. Bonnier, een broer van H. erkende echter garnalen te hebben gekocht. Aanvankelijk heeft Felthuis echter H. Bonnier gerapporteerd!

H. Bonnier heeft echter na ontvangst van den brief van den Bm. waarin hem de straf werd medegedeeld, niet onmiddellijk geprotesteerd onder mededeeling, dat hij met de zaak niets te maken had!

Wel is hij bij den Secretaris van den Dienst geweest, die hem in bijzijn van den Bureauchef heeft ontvangen. Hij verklaarde toen, dat hij geen garnalen buiten de verdeeling om had ontvangen, doch dat hij de garnalen op het terrein der V.M. had gekocht. Het waren naar zijne meening "vrije garnalen", d.w.z. garnalen, die door Stam i.v.m. de kwaliteit niet zouden worden vervuild, doch waren vrijgegeven voor den gewonen verkoop. Hij deelde nog mede, dat op deze garnalen niets was verdiend!

Voorts zijn Bonnier en Goedhart nog door den Inspecteur ontvangen en zijn zij des avonds op een vergadering der Verdeelingscommissie verschenen. Bij geen van deze gelegenheden heeft Bonnier naar voren gebracht, dat hij buiten de geheele transactie stond.

Op 9 October jl. hebben Goedhart en Bonnier aan den Bm. geadresseerd (zie no. 59. I M). Ook in dezen brief spreken zij steeds van "wij" en blijkt uit niets, dat Bonnier met de zaak niets te maken heeft; integendeel. Het document is een samenvatting (resumé) van een onderzoek naar de illegale handel in garnalen ("buiten de verdeeling om"). De kern van de rapportage draait om de tegenstrijdige verklaringen van H. Bonnier.

In eerste instantie ontkende H. Bonnier elke betrokkenheid en beweerde hij dat zijn broer, C. Bonnier, de kopoper was. De rapporteur (Felthuis) zet echter vraagtekens bij deze onschuld om de volgende redenen:
1. H. Bonnier protesteerde niet direct toen hij een straf opgelegd kreeg door de Burgemeester (Bm.).
2. In gesprekken met de Secretaris van de Dienst gaf hij toe garnalen te hebben gekocht op het terrein van de Vischmarkt (V.M.), maar claimde hij dat het "vrije garnalen" waren (garnalen van mindere kwaliteit die buiten het quotum vielen).
3. Tijdens een officiële vergadering met de Verdeelingscommissie zweeg hij over zijn beweerde onschuld.
4. In een gezamenlijke brief met Goedhart schreef hij in de "wij-vorm", wat impliceert dat hij wel degelijk mede-verantwoordelijk was voor de transactie.

De tekst is geschreven in een zakelijke, ambtelijke stijl die typerend is voor politierapporten of verslagen van de economische controlediensten uit die periode. Dit document stamt uit oktober 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Gedurende deze periode was de schaarste aan voedsel groot en was bijna alles "op de bon" (distributiestelsel). De Verdeelingscommissie hield toezicht op de eerlijke verspreiding van goederen.

Handel "buiten de verdeeling om" werd beschouwd als economisch delict of zwarte handel. De vissector, waaronder de garnalenvisserij, stond onder streng toezicht. Ambtenaren en controleurs zoals Felthuis en Stam moesten toezien op de naleving van de regels. De "Chef-halopzichter" was verantwoordelijk voor de gang van zaken in de visafslag (de hal). De "Bm." in de tekst verwijst naar de Burgemeester, die in die tijd vaak ook de tuchtrechtelijke of administratieve straffen oplegde voor dergelijke overtredingen. B. Felthuis (contrôleur) J. Stam (Chef-halopzichter) L. Rooseman Y. Goedhart H. Bonnier A. Goedhart C. Marinus (contrôleur) C. Bonnier.

Samenvatting

Het document is een samenvatting (resumé) van een onderzoek naar de illegale handel in garnalen ("buiten de verdeeling om"). De kern van de rapportage draait om de tegenstrijdige verklaringen van H. Bonnier.

In eerste instantie ontkende H. Bonnier elke betrokkenheid en beweerde hij dat zijn broer, C. Bonnier, de kopoper was. De rapporteur (Felthuis) zet echter vraagtekens bij deze onschuld om de volgende redenen:
1. H. Bonnier protesteerde niet direct toen hij een straf opgelegd kreeg door de Burgemeester (Bm.).
2. In gesprekken met de Secretaris van de Dienst gaf hij toe garnalen te hebben gekocht op het terrein van de Vischmarkt (V.M.), maar claimde hij dat het "vrije garnalen" waren (garnalen van mindere kwaliteit die buiten het quotum vielen).
3. Tijdens een officiële vergadering met de Verdeelingscommissie zweeg hij over zijn beweerde onschuld.
4. In een gezamenlijke brief met Goedhart schreef hij in de "wij-vorm", wat impliceert dat hij wel degelijk mede-verantwoordelijk was voor de transactie.

De tekst is geschreven in een zakelijke, ambtelijke stijl die typerend is voor politierapporten of verslagen van de economische controlediensten uit die periode.

Historische Context

Dit document stamt uit oktober 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Gedurende deze periode was de schaarste aan voedsel groot en was bijna alles "op de bon" (distributiestelsel). De Verdeelingscommissie hield toezicht op de eerlijke verspreiding van goederen.

Handel "buiten de verdeeling om" werd beschouwd als economisch delict of zwarte handel. De vissector, waaronder de garnalenvisserij, stond onder streng toezicht. Ambtenaren en controleurs zoals Felthuis en Stam moesten toezien op de naleving van de regels. De "Chef-halopzichter" was verantwoordelijk voor de gang van zaken in de visafslag (de hal). De "Bm." in de tekst verwijst naar de Burgemeester, die in die tijd vaak ook de tuchtrechtelijke of administratieve straffen oplegde voor dergelijke overtredingen.

Genoemde Personen 8

Gerelateerde Documenten 6