Getypte circulaire/dienstbrief met handgeschreven kanttekeningen en stempels.
Origineel
Getypte circulaire/dienstbrief met handgeschreven kanttekeningen en stempels. 2 april 1942. Ir. E. de Kruijff (Hoofd van het Gemeentelijk Materialenbureau). [Stempel linksboven:]
Nº 100/9/1M. 1942 7/4
[Handgeschreven rechtsboven:]
m. fri
th. junk[er]
7
[Briefhoofd links:]
Gemeentelijk Materialenbureau
Oude Zijds Achterburgwal 213.
No. 31 G.M.B., circ. 97
[Briefhoofd rechts:]
Amsterdam, 2 April 1942
[Adressering:]
Heeren Hoofden van Diensten
en Bedrijven.
[Inhoud:]
De Burgemeester heeft mij bij zijn schrijven van 1 dezer, No. 49/35f H. Aº 1941 verzocht U nogmaals dringend te verzoeken aan het bewaren en intact houden van de bij Uw Dienst of Bedrijf aanwezige hoeveelheden geblokkeerde artikelen de grootst mogelijke zorg te doen besteden en doeltreffende maatregelen te nemen ter voorkoming van diefstal dezer artikelen.
[Ondertekening:]
Het Hoofd van het Gemeentelijk
Materialenbureau,
Ir. E. de Kruijff
[Marginale notities linksonder:]
C.S. Stadhuis,
A'dam, 4-'42.
Wo [met paraaf]
[Handgeschreven rechtsonder:]
th. junker besp.
13-4-'42
[paraaf]
loo Het document is een officiële waarschuwing en instructie vanuit het Amsterdams gemeentebestuur tijdens de bezettingsjaren. De kern van de boodschap is de beveiliging van "geblokkeerde artikelen". Vanwege de oorlogsschaarste waren veel goederen en materialen door de bezetter of de overheid onder beslag gelegd of gerantsoeneerd (geblokkeerd).
De brief is opgesteld door Ir. E. de Kruijff, die destijds aan het hoofd stond van het Materialenbureau. Hij handelt hier in directe opdracht van de burgemeester. De handgeschreven aantekeningen onderaan (van "th. junker") suggereren dat de inhoud besproken is ("besp.") op 13 april 1942, elf dagen na verzending. De stempel linksboven met de datum "7/4" (7 april) wijst waarschijnlijk op het moment van ontvangst of registratie bij de betreffende dienst. In april 1942 was Nederland bijna twee jaar bezet door nazi-Duitsland. De schaarste aan grondstoffen en materialen (zoals metalen, brandstof en bouwmaterialen) was kritiek geworden. De "Burgemeester" waar de brief naar verwijst, was Edward Voûte, een door de Duitsers benoemde regeringscommissaris/burgemeester die bekend stond als gezagsgetrouw aan de bezetter.
De nadruk op "diefstal voorkomen" wijst op de toenemende zwarte handel en de wanhoop onder de bevolking en ambtenaren om aan goederen te komen. Het Gemeentelijk Materialenbureau speelde een cruciale rol in de distributie van de weinige middelen die nog beschikbaar waren voor het functioneren van de stad. De strikte bewaking van deze voorraden was essentieel voor de Duitse oorlogseconomie en de minimale instandhouding van de gemeentelijke infrastructuur. C.S. Stadhuis E. de Kruijff Stadhuis