Dienstbrief / Circulaire van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Dienstbrief / Circulaire van de Gemeente Amsterdam. 7 oktober 1943. De Burgemeester van Amsterdam (E.J. Voûte) en de Gemeentesecretaris (J.F. Franken). Hoofden van Diensten, Bedrijven en Administratiën van de gemeente Amsterdam. G E M E E N T E A M S T E R D A M
No. 1583 Arb. 1943 Amsterdam, 7 October 1943.
onderwerp: stakingsmaatregelen KABINET
Bij mijn besluit van 1 April 1941, No. 350 ad Arb. werd een gedragslijn vastgesteld, welke gevolgd zou moeten worden ten aanzien van ambtenaren en werklieden, die hebben deelgenomen aan de staking op 25/26 Februari 1941.
Deze leidde er toe, dat ambtenaren en werklieden niet in vasten dienst werden aangesteld, of niet voor bevordering in aanmerking kwamen.
Aangezien mijnerzijds getracht wordt tot opheffing van deze maatregelen te geraken, verzoek ik U mij per omgaande in duplo een opgave te doen toekomen van de namen en verdere gegevens van die ambtenaren en werklieden, die op grond van het voorgaande niet in vasten dienst zijn aangesteld, of voor wie voorstellen tot bevordering, extra-verhooging van salaris of loon, dan wel uitreiking van een aandenken wegens langdurigen dienst achterwege zijn gebleven of afgewezen. Elke categorie ware afzonderlijk te vermelden.
De Burgemeester van Amsterdam,
[Handtekening: Voûte]
de Gemeentesecretaris,
[Handtekening: J.F. Franken]
Aan Heeren Hoofden van
Diensten, Bedrijven en
Administratiën.
Arb.Z.Stadhuis
A'dam, Oct. 1943
Volgno. 92.
No. 8 A/77 / M. 1943 8/40 Dit document is een officiële oproep van de door de Duitse bezetter aangestelde burgemeester Edward Voûte aan de Amsterdamse diensthoofden. De kern van de brief is het inventariseren van gemeentepersoneel dat nog steeds nadeel ondervindt van deelname aan de Februaristaking van 1941.
Kort na die staking (besluit van 1 april 1941) waren er strafmaatregelen ingesteld: stakers kregen geen vast contract, geen promotie, geen loonsverhoging en geen jubileumattenties. In deze brief uit oktober 1943 geeft Voûte aan dat hij deze maatregelen wil "opheffen". Hij vraagt daarom om een gedetailleerde lijst (in duplo) van alle gedupeerde werknemers.
Opvallend is de ambtelijke, bijna neutrale toon ("gedragslijn") voor een onderwerp dat diep ingreep in de levens van Amsterdammers die protesteerden tegen de Jodenvervolging. De Februaristaking (25-26 februari 1941) was een uniek massaal protest tegen de razzia's en de Jodenvervolging in bezet Nederland. De reactie van de Duitse bezetter was hard: er vielen doden bij het neerslaan van de staking en er volgden zware represailles.
Edward Voûte, burgemeester tijdens de bezetting (1941-1945), bevond zich in een lastige positie tussen de eisen van de bezetter en de zorg voor de stad. Hoewel hij collaboreerde, probeerde hij op bepaalde vlakken de scherpe kantjes van Duitse maatregelen af te halen om de rust in het ambtenarenapparaat te bewaren.
De poging tot "opheffing" van de stakingsmaatregelen in oktober 1943 kan gezien worden als een pragmatische zet. In die fase van de oorlog was de sfeer in de stad grimmig en de administratieve druk hoog; het herstellen van de loopbaanperspectieven van ervaren personeel kon bijdragen aan de stabiliteit van het stadsbestuur. Desondanks bleven de dossiers van deze 'stakers' bij de overheid bekend, wat ook na de oorlog nog invloed kon hebben op hun carrières.