Doorslag van een ambtelijke brief.
Origineel
Doorslag van een ambtelijke brief. 7 januari 1944. [Handgeschreven in blauw:] extra
8b/10/2'43 M.
detacheering
ambtenaren en
werklieden.
7 Januari 1944. VB/SV.
Den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
Naar aanleiding van de circulaire
d.d. 27 December jl. no. 2720 P.B. 1080 L.M.
1943 van den Heer Wethouder voor de
Pensioenen, heb ik de eer U te berichten,
dat van mijn dienst geen personeel bij
andere diensten is gedetacheerd.
De Directeur, * Inhoud: Het document is een formele mededeling van een directeur van een gemeentelijke dienst (de specifieke dienst wordt niet genoemd, maar de brief is gericht aan de wethouder) aan de Wethouder voor de Levensmiddelen. De directeur rapporteert dat er op dat moment geen personeelsleden van zijn dienst tijdelijk elders (gedetacheerd) werkzaam zijn.
* Stijl en Vorm: De brief hanteert een strikt formele, ambtelijke toon, kenmerkend voor de eerste helft van de 20e eeuw ("heb ik de eer U te berichten"). Er wordt gebruikgemaakt van de toenmalige spelling (bijv. "detacheering", "den Heer").
* Administratieve context: De brief is een reactie op een eerdere circulaire van 27 december 1943, afkomstig van de Wethouder voor de Pensioenen. Dit wijst op een brede inventarisatie binnen de gemeentelijke organisatie naar de inzet en locatie van personeel. Dit document stamt uit januari 1944, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Hoewel de bezetter de hoogste macht had, bleef het Nederlandse gemeentelijke apparaat grotendeels functioneren voor civiele zaken.
De "Wethouder voor de Levensmiddelen" bekleedde in deze periode een uiterst cruciale en zware post vanwege de toenemende voedselschaarste en de complexe distributie-regelingen. De inventarisatie van personeel (detacheringen) kan te maken hebben gehad met de behoefte aan extra mankracht bij diensten die onder druk stonden, of was een administratieve exercitie om toezicht te houden op de personeelsbezetting in het kader van de Arbeitseinsatz (hoewel dit laatste hier niet expliciet wordt genoemd). Dergelijke korte berichten vormen de 'papieren neerslag' van de dagelijkse bureaucratie die ook in oorlogstijd onvermoeibaar door bleef draaien.
Samenvatting
- Inhoud: Het document is een formele mededeling van een directeur van een gemeentelijke dienst (de specifieke dienst wordt niet genoemd, maar de brief is gericht aan de wethouder) aan de Wethouder voor de Levensmiddelen. De directeur rapporteert dat er op dat moment geen personeelsleden van zijn dienst tijdelijk elders (gedetacheerd) werkzaam zijn.
- Stijl en Vorm: De brief hanteert een strikt formele, ambtelijke toon, kenmerkend voor de eerste helft van de 20e eeuw ("heb ik de eer U te berichten"). Er wordt gebruikgemaakt van de toenmalige spelling (bijv. "detacheering", "den Heer").
- Administratieve context: De brief is een reactie op een eerdere circulaire van 27 december 1943, afkomstig van de Wethouder voor de Pensioenen. Dit wijst op een brede inventarisatie binnen de gemeentelijke organisatie naar de inzet en locatie van personeel.
Historische Context
Dit document stamt uit januari 1944, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Hoewel de bezetter de hoogste macht had, bleef het Nederlandse gemeentelijke apparaat grotendeels functioneren voor civiele zaken.
De "Wethouder voor de Levensmiddelen" bekleedde in deze periode een uiterst cruciale en zware post vanwege de toenemende voedselschaarste en de complexe distributie-regelingen. De inventarisatie van personeel (detacheringen) kan te maken hebben gehad met de behoefte aan extra mankracht bij diensten die onder druk stonden, of was een administratieve exercitie om toezicht te houden op de personeelsbezetting in het kader van de Arbeitseinsatz (hoewel dit laatste hier niet expliciet wordt genoemd). Dergelijke korte berichten vormen de 'papieren neerslag' van de dagelijkse bureaucratie die ook in oorlogstijd onvermoeibaar door bleef draaien.