Getypte brief (doorslag).
Origineel
Getypte brief (doorslag). 28 mei 1943 (met handgeschreven aantekening "Verzonden 25/5", wat duidt op een administratieve handeling voor of na de datering). De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt Amsterdam of een daaraan gelieerde gemeentelijke dienst). [Handgeschreven in blauw potlood bovenaan:]
Verzonden 25/5 Thmuller [onduidelijk, mogelijk naam van een ambtenaar]
[Links boven:]
10/29/1 M.
[Rechts boven:]
SV
28 Mei 1943.
Aan de Administratie van het Gemeente
Energiebedrijf
Tesselschadestraat,
A l h i e r.
Onder terugzending van Uw nota no.426 ten be-
drage van f. 79,60 deel ik U mede, dat het stroomver-
bruik over meter no. 95880 de verlichting van een
paardenstal staande op het terrein van de Centrale Markt,
betreft, welke sinds 1 Juli 1941 door de Duitsche Weer-
macht is gevorderd.
Naar ik vernomen heb, wordt het stroomverbruik
van gevorderde perceelen rechtstreeks door het onder-
deel der Duitsche Weermacht met U verrekend.
Beleefd verzoek ik U mijn rekening voor bovenge-
noemd bedrag te crediteeren en mij tevens voor het
reeds van 1 Juli 1941 af berekend stroomverbruik groot
190 kwh een creditnota te doen toekomen.
De Directeur, Deze brief is een zakelijke correspondentie waarin een administratief geschil wordt besproken dat direct voortvloeit uit de omstandigheden van de Duitse bezetting. De kernpunten zijn:
- Betwisting van factuur: De afzender weigert een rekening van f. 79,60 (nota 426) te betalen voor elektriciteitsverbruik.
- Reden van vordering: Het verbruik betreft een paardenstal op de Centrale Markt in Amsterdam. Dit object is reeds sinds 1 juli 1941 "gevorderd" door de Duitsche Weermacht.
- Verantwoordelijkheid: De schrijver stelt dat bij vorderingen de bezettende macht zelf verantwoordelijk is voor de afrekening met nutsbedrijven (het GEB).
- Verzoek om rectificatie: Er wordt niet alleen gevraagd om de huidige nota te crediteren, maar ook om een teruggaaf (creditnota) voor 190 kWh die blijkbaar ten onrechte al betaald was sinds de datum van vordering in 1941. Tijdens de Tweede Wereldoorlog legde de Duitse bezetter beslag op talloze gebouwen, terreinen en faciliteiten in Nederland voor militair gebruik. Dit proces werd "vordering" genoemd. De Centrale Markt in Amsterdam (het huidige Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was een strategisch belangrijke plek voor de voedselvoorziening en logistiek, waar ook delen door de Wehrmacht werden ingenomen, bijvoorbeeld voor de inkwartiering van paarden.
Administratief zorgde dit vaak voor complexe situaties. Nederlandse gemeentelijke diensten (zoals het Gemeente Energiebedrijf) bleven functioneren, maar moesten hun weg vinden in de nieuwe realiteit waarbij de bezetter rekeningen vaak niet of via andere kanalen voldeed. Dit document is een typerend voorbeeld van de bureaucratische strijd om de financiële lasten van de bezetting te verleggen naar de partij die daadwerkelijk de middelen verbruikte. De genoemde Tesselschadestraat was de locatie van het hoofdkantoor van het GEB Amsterdam.