Archief 745
Inventaris 745-400
Pagina 314
Dossier 39
Jaar 1943
Stadsarchief

Getypte beleidsnota of verslag (pagina 6).

Origineel

Getypte beleidsnota of verslag (pagina 6). -6-

Wordt het maandtarief in de Verordening opgenomen, dan is
het uit een oogpunt van vereenvoudiging in de administratie zeer
gewenscht, dat alle daarna uit te reiken standplaatsvergunningen
zullen ingaan op den eersten van de kalendermaand.

De bestaande regeling is, dat standplaatsgeld verschuldigd is
van den dag af, dat de vergunninghouder zijn vergunning op de
Secretarie in ontvangst heeft genomen. Het komt voor, dat de
Burgemeester bijvoorbeeld op 1 December een vergunning verleent,
doch dat de houder eerst op den 20sten December zijn vergunning
komt halen. Hij betaalt dan vanaf den 20sten. Wij zijn van oor-
deel, dat hierin wijziging dient te worden gebracht, door den
aanvrager van een standplaatsvergunning gedurende drie dagen
voor den datum van ingang zijner vergunning, dus voor den eersten
van de maand, gelegenheid te geven tot het in ontvangst nemen
van zijn vergunning. Hem kan worden bericht, dat wanneer hij de
voor hem gereed liggende vergunning op den eersten niet heeft
afgehaald, deze niet voor hem beschikbaar is. /meer

Het is denkbaar, dat, wanneer een standplaatsvergunning bij-
voorbeeld op den 16den van de maand geheel gereed is voor de af-
gifte en dus volgens bovenstaande regeling op den eersten van de
volgende maand zou moeten ingaan, de belanghebbende in zijn be-
lang zou verzoeken om onmiddellijk van een vergunning gebruik te
mogen maken. Hiertegen zou naar onze meening geen bezwaar behoe-
ven te bestaan, doch de aanvrager zou dan verplicht zijn om het
volle maandtarief te betalen. De vergunning zou dan dus moeten
ingaan op den eersten van de maand, waarin de vergunning gereed
kwam.

De betaling van het kalendermaandtarief zouden wij voorts
naar analogie van hetgeen voor de dagmarkten wordt voorgeschre-
ven, willen doen plaatsvinden vóór den achtsten van iedere maand.
Thans is de gang van zaken zoo, dat de vergunninghouder, wanneer
hij gedurende 3 weken in gebreke is gebleven, om het standplaats-
geld te betalen, eerst vanwege den Dienst schriftelijk gewaar-
schuwd wordt. Geeft hij geen gevolg aan deze waarschuwing dan
wordt aan U voorgesteld om de aan hem verleende standplaatsver-
gunning in te trekken. Hij wordt dan eerst nog door Uwe Afdee-
ling aangeschreven en wanneer hij dan nog niet betaalt, wordt de
vergunning ten slotte ingetrokken. In de meeste gevallen is de
schuld dan opgeloopen tot 7 à 8 weken, hetgeen toch wel een onge-
wenschte gang van zaken moet worden genoemd.

Uit het bovenstaande blijkt wel, dat ook aan dit onderdeel
der inning uitgebreide administratieve bemoeiingen zijn verbon-
den, ten aanzien waarvan wij meenen, dat ze belangrijk dienen te
worden beperkt. Wij zouden om daartoe te kunnen komen in elke
standplaatsvergunning de bepaling opgenomen willen zien, dat de
vergunning automatisch is vervallen, wanneer vóór den achtsten
van de kalendermaand het verschuldigde standplaatsgeld niet is
voldaan. De vergunninghouders dienen van deze bepaling in kennis
te worden gesteld onder mededeeling, dat schriftelijke waarschu-
wingen voortaan achterwege zullen blijven.

IV. Intrekking van de meeste Besluiten van Burgemeester en Wet-
houders in zake vrijstelling van betaling van markt- en stand-
plaatsgelden. In deze tekst wordt een voorstel gedaan om de administratieve lastendruk rondom marktgelden te verminderen. De kernpunten zijn:
1. Uniforme ingangsdatum: Vergunningen moeten standaard op de eerste van de maand ingaan om de berekening te vereenvoudigen.
2. Strikte betaaltermijn: Betaling moet vóór de 8e van de maand voldaan zijn.
3. Sanctiebeleid: Het voorstel is om vergunningen automatisch te laten vervallen bij wanbetaling. Dit vervangt de toenmalige praktijk van meerdere schriftelijke waarschuwingen, die als inefficiënt en traag wordt beschouwd (waardoor schulden opliepen tot 8 weken).
4. Vrijstellingen: Er wordt gesuggereerd om bestaande besluiten over vrijstellingen van betaling in te trekken. Dit document is waarschijnlijk een interne nota gericht aan het College van Burgemeester en Wethouders (gezien de termen "aan U voorgesteld" en "Uwe Afdeeling"). De gehanteerde spelling (De Vries-Te Winkel, met uitgangen als -sch) en het gebruik van de schrijfmachine duiden op een datering in de eerste helft van de 20e eeuw, vermoedelijk het interbellum (jaren '20 of '30). Het illustreert de professionalisering en bureaucratisering van het gemeentelijk apparaat, waarbij efficiëntie en een striktere handhaving van financiële verplichtingen centraal kwamen te staan.

Samenvatting

In deze tekst wordt een voorstel gedaan om de administratieve lastendruk rondom marktgelden te verminderen. De kernpunten zijn:
1. Uniforme ingangsdatum: Vergunningen moeten standaard op de eerste van de maand ingaan om de berekening te vereenvoudigen.
2. Strikte betaaltermijn: Betaling moet vóór de 8e van de maand voldaan zijn.
3. Sanctiebeleid: Het voorstel is om vergunningen automatisch te laten vervallen bij wanbetaling. Dit vervangt de toenmalige praktijk van meerdere schriftelijke waarschuwingen, die als inefficiënt en traag wordt beschouwd (waardoor schulden opliepen tot 8 weken).
4. Vrijstellingen: Er wordt gesuggereerd om bestaande besluiten over vrijstellingen van betaling in te trekken.

Historische Context

Dit document is waarschijnlijk een interne nota gericht aan het College van Burgemeester en Wethouders (gezien de termen "aan U voorgesteld" en "Uwe Afdeeling"). De gehanteerde spelling (De Vries-Te Winkel, met uitgangen als -sch) en het gebruik van de schrijfmachine duiden op een datering in de eerste helft van de 20e eeuw, vermoedelijk het interbellum (jaren '20 of '30). Het illustreert de professionalisering en bureaucratisering van het gemeentelijk apparaat, waarbij efficiëntie en een striktere handhaving van financiële verplichtingen centraal kwamen te staan.

Kooplieden in dit dossier 100

M. Aronson Uilenburg E2/234 C.M.
L. Barmhartigheid Uilenburg 1/206 gedetineerd. niet bij S.Z.
J. Beekman Uilenburg 1/242 onbekend. "
M. Bergman Uilenburg 2/80
J. Premsela Uilenburg 2/104 beweert dat verg. bij m.w. is. "
G. Blog Uilenburg 2/200 "
L. de Maghtige Uilenburg 26/238 S.Z.
B. Boeken Uilenburg 3/18 C.M.
H. Boeken Uilenburg 3/19
A. Canes Uilenburg 5/15 C.M.
D. Cohen Uilenburg 5/61 C.M.
S. Cohen Uilenburg E2/127 C.M.
J. Crost Uilenburg 5/126 C.M.
W. Dagloonder Uilenburg 1/280 S.Z. C.M.
W. Dreese Uilenburg 20/271 B.S. "
A. Duits Uilenburg 6/107
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Rapenb. str: 46 III
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Nieuwmarkt Nw Batavierstr. 13 I
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Hofmeijerstr: 9 hs
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Ruijschstraat 65 III
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Camperstr. 42 II
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Blasiusstr. 117 hs
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Vrolikstraat 130 III
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Dan: Theronstr: 26 hs
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Retiefstraat 66 II
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Tilanusstr: 83 III
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Ferd: Bolstr: 48.
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Retiefstraat 99 II
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 3