Uittreksel uit een verordening of reglement (mogelijk gemeentelijk) betreffende marktgelden en belastingen op vaartuigen.
Origineel
Uittreksel uit een verordening of reglement (mogelijk gemeentelijk) betreffende marktgelden en belastingen op vaartuigen. -5-
AFDEELING IV.
Van de brandstoffenmarkt.
Art. 17
De in artikel 3 bedoelde belasting bedraagt: per vaartuig per geheele ton van 1000 kg. laadvermogen van dat vaartuig:
a per kalenderweek $f$ 0,02½
b per kalendermaand " 0,10
c per kalenderjaar " 1,-
AFDEELING V.
Van de Boom- en Bloemmarkt.
Art. 18
De in artikel 4 sub a bedoelde belasting wordt geheven volgens het in artikel 16 lid 1 genoemde tarief.
Art. 19
De in artikel 4 sub b bedoelde belasting bedraagt per vaartuig per geheele ton van 1000 kg. laadvermogen van dat vaartuig:
I voor lichters of vaartuigen als lichters dienstdoende:
a per kalenderweek $f$ 0,04
met een minimum van $f$ 0,75 per vaartuig,
b per kalendermaand $f$ 0,16
met een minimum van $f$ 3,- per vaartuig,
c per kalenderjaar $f$ 1,60
met een minimum van $f$ 30,- per vaartuig.
II voor vaartuigen, waarmede goederen ter markt worden aan- of afgevoerd:
a per reis strekkende voor een onafgebroken verblijf van ten hoogste één week $f$ 0,04
met een minimum van $f$ 0,75 per vaartuig;
b bij langer onafgebroken verblijf dan één week, voor elke volgende week $f$ 0,04,
met een minimum van $f$ 0,75 per vaartuig.
AFDEELING VI.
Van de Vischmarkt.
Art. 20
De in artikel 5 sub a bedoelde belasting bedraagt:
I a voor den aanvoer van visch, met uitzondering van mosselen, per vaartuig per ton van 1000 kg. laadvermogen van dat vaartuig, per dag $f$ 0,25, met dien verstande, dat, indien bovenbedoelde aanvoer plaats heeft in een ander dan /een open vaartuig, bovendien aanvoergeld geheven wordt volgens het sub II van dit artikel genoemde tarief. De aangevoerde hoeveelheden worden in dit geval door den halopzichter-afslager of diens plaatsvervanger geschat.
De Directeur van het Marktwezen beoordeelt of een vaartuig als een open vaartuig moet worden beschouwd; * Datering: Op basis van de spelling ("visch", "halopzichter", "den") en het gebruik van guldens met halve centen (0,02½), stamt dit document waarschijnlijk uit de vroege 20e eeuw (vóór de spellinghervorming van 1947).
* Inhoudelijke kern: De tekst regelt de precieze tarieven die schippers moeten betalen voor het gebruik van specifieke markten. De belasting is gekoppeld aan het laadvermogen (per ton van 1000 kg) en de duur van het verblijf (week, maand, jaar of per reis).
* Bijzonderheid: In artikel 20 is handgeschreven het woord "/een" toegevoegd om de zinsnede "in een ander dan een open vaartuig" te corrigeren/verduidelijken. Dit wijst op een onderscheid in tarief tussen open boten en dichte vaartuigen, waarbij voor die laatste extra "aanvoergeld" verschuldigd is.
* Functionarissen: Het document noemt de "halopzichter-afslager" en de "Directeur van het Marktwezen" als de bevoegde autoriteiten voor respectievelijk de schatting van hoeveelheden en de classificatie van vaartuigen. Dit document is een typisch voorbeeld van lokale regelgeving in een Nederlandse waterrijke stad (zoals Amsterdam, Rotterdam of Utrecht) in een tijd waarin het transport van brandstoffen (kolen, turf), planten en vis nog grotendeels via het water en de stadsgrachten naar de centrale markten verliep. Dergelijke verordeningen waren essentieel voor de gemeentelijke inkomsten en het beheer van de beperkte kade- en marktruimte. Het onderscheid tussen verschillende markten (Afdeeling IV, V, VI) toont een hoge mate van specialisatie in de stedelijke distributie. De uitzondering voor mosselen in artikel 20 suggereert dat hiervoor mogelijk een aparte regeling of markt bestond. Marktwezen