Getypte brief (officiële correspondentie)
Origineel
Getypte brief (officiële correspondentie) 25 februari 1943 De Directeur (organisatie niet expliciet vermeld, mogelijk een plaatselijk bureau voor voedselvoorziening) Den Heer Directeur der Nederlandsche Visscherijcentrale, 2e Adelheidstraat 300, 's-Gravenhage (ZH) VB/SV
den Heer Directeur der Nederlandsche
Visscherijcentrale
2e Adelheidstraat 300
's-G r a v e n h a g e (ZH)
46a/64/3 M. 1 25 Februari 1943.
Hiermede heb ik de eer U in bijlage dezes te doen
toekomen afschrift van mijn brief d.d. 25 Februari 1943
no. 46a/64/2 M. aan de fa. Gebr.v.d.Berg, met beleefd
verzoek van een en ander nota te willen nemen. Ik voeg
hieraan toe, dat ik het zeer op prijs zou stellen, wanneer
U maatregelen zoudt kunnen nemen, dat wordt voorkomen,
dat groothandelaren de zoetwatervisch gerookt inzenden.
Uiteraard bestaat te dezer stede meer behoefte aan versche
visch.
De Directeur, Deze korte brief is een formeel verzoek van een ongenoemde directeur aan de directeur van de Nederlandsche Visscherijcentrale in Den Haag. De kern van de brief is de klacht dat groothandelaren zoetwatervis gerookt aanleveren in plaats van vers. De afzender verzoekt om maatregelen hiertegen, omdat er ter plaatse ("te dezer stede") een grotere behoefte is aan verse vis. De brief refereert aan een andere brief die op dezelfde dag naar de firma Gebr. v.d. Berg is gestuurd, wat suggereert dat dit specifieke bedrijf mogelijk betrokken was bij de levering van de gerookte vis. De brief is gedateerd op 25 februari 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog. Tijdens de bezetting was de voedselvoorziening in Nederland streng gereguleerd via een systeem van distributie en centrale 'Rijksbureaus' of 'Centrales'. De Nederlandsche Visscherijcentrale was het centrale orgaan dat toezicht hield op de visserijsector en de verdeling van de vangst.
Gezien de toenemende voedselschaarste was verse vis een cruciale bron van eiwitten voor de bevolking. Hoewel gerookte vis langer houdbaar is, wijst de opmerking over de behoefte aan "versche visch" op een acuut tekort aan verse levensmiddelen in de stad van de afzender. Het document illustreert de bureaucratische processen die zelfs tijdens de oorlog werden gehanteerd om de kwaliteit en vorm van de schaarse voedselvoorraad te bewaken.
Samenvatting
Deze korte brief is een formeel verzoek van een ongenoemde directeur aan de directeur van de Nederlandsche Visscherijcentrale in Den Haag. De kern van de brief is de klacht dat groothandelaren zoetwatervis gerookt aanleveren in plaats van vers. De afzender verzoekt om maatregelen hiertegen, omdat er ter plaatse ("te dezer stede") een grotere behoefte is aan verse vis. De brief refereert aan een andere brief die op dezelfde dag naar de firma Gebr. v.d. Berg is gestuurd, wat suggereert dat dit specifieke bedrijf mogelijk betrokken was bij de levering van de gerookte vis.
Historische Context
De brief is gedateerd op 25 februari 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog. Tijdens de bezetting was de voedselvoorziening in Nederland streng gereguleerd via een systeem van distributie en centrale 'Rijksbureaus' of 'Centrales'. De Nederlandsche Visscherijcentrale was het centrale orgaan dat toezicht hield op de visserijsector en de verdeling van de vangst.
Gezien de toenemende voedselschaarste was verse vis een cruciale bron van eiwitten voor de bevolking. Hoewel gerookte vis langer houdbaar is, wijst de opmerking over de behoefte aan "versche visch" op een acuut tekort aan verse levensmiddelen in de stad van de afzender. Het document illustreert de bureaucratische processen die zelfs tijdens de oorlog werden gehanteerd om de kwaliteit en vorm van de schaarse voedselvoorraad te bewaken.